Het bovenstaande verklaart in ieder geval waarom ik maar een paar dagen in mijn leven heb gewerkt. Ik was vijftien en ik wist niet beter, maar ik fucking haatte het.
Zodra ik stopte met werken, begon ik mij te amuseren. Het lijkt mij logisch dat ik daarna nooit meer gewerkt heb. Ik had het gewoon naar teveel naar mijn zin.
Zal jij het niet naar je zin hebben, wanneer je je voor de rest van je leven, de hele dag –en ‘s nachts- aan je hobby kunt wijden. Ik had als het ware van mijn hobby, mijn werk gemaakt.
Denkt de lezer nu: ‘Ho, maar wacht eens even..., criminele wijsneus, net vertel je ons dat je nooit meer gewerkt hebt. Een beetje tegenstrijdig dat verhaaltje van je, nietwaar?’
“Nee, niet waar! Goed lezen wat bovenaan staat. Wanneer je geniet van wat je doet, dan is het geen werk meer, dan is het genieten. Ik werkte van mijn zeventiende met vrouwen; ik genoot ervan, en nog. Dat is dus mijn hobby geworden, en ik zie het absoluut niet als werk. Werken, als in moeten werken! Vraag het zelf aan fucking Confucius, die heeft die uitspraak vijfentwintighonderd jaar geleden bedacht. Ik heb die quote alleen een beetje aangepast, voor de Nederlandse turbotaal. Vuk is in, vuk is ace, vuk is fucking cool. Wanneer je geen ‘vuk’, ‘vukking’ of 'fack joe' zegt, kun je nimmer een fucking BN’er worden.”
Daar ik de enige fucking OBN’er in Nederland blijk te zijn, heb ik het af en toe wat moeilijker met vrouwen dan mijn vermaarde, populaire, mannelijke landgenoten, wiens roem strekt tot de nationale landsgrenzen, en soms wel tot een steenworp over de horizon.
Behalve werken met vrouwen, moet ik er af en toe ook aan werken. Aan werken?
Ja, aan werken. In tegenstelling tot de glanzende coryfeeën van de WOMEN (Waanzinnig, Onbekende, Mannelijke, Europese Nederlanders), die gekleed in de kleren van de keizer, slechts hun gemanicuurde, anorectische vingertjes maar hoeven te knippen, om de klik te laten horen aan de kwetterende, lucht kussende roedel diva’s van MOVEN (Massaal, Onbekende, Vrouwelijke, Europese Nederlanders), die dan onmiddellijk hun mannelijke tegenhangers smachtend aankijken, heb ik er altijd aan moeten werken om mij van de geïnteresseerdheid en gunsten van de vrouw te verzekeren. Fuck, dat was een fucking lange zin.
In andere woorden: normaal moet ik alles uit de kast trekken om een toonbare foof te versieren. Maar ja, de voldoening is echter groter, want de reis is meestal leuker dan de aankomst.
Klink ik jaloers, afgunstig, te kort gedaan? Ben ik een fucking nobody? No mate! Not on your fucking nelly. Vergeleken met die BN Charlieshit snuivende, G-tool dragende kloonpoppen en vleesgeworden vibrator vier bij viervuk fuckfaces, heb ik natuurlijk de mooiste versierklus die er is.
Toegegeven, ik kan dus niet even mijn arm in één van de genenpoelen van de oubollige ecocrap, -éénpitter bitterglitter- en quiztvkanalen dompelen, om vervolgens een geslachtsloze, polyester playblob naar de oppervlakte te trekken.
Even drogen onder de studiolampen en we hebben een nieuwe, kersverse hersenloze, voorgemodelleerde VIP botoxkip, compleet met nietszeggende, suffe lach op haar reeds gezwollen lippen, klaar om te gaan zingen, dansen, acteren..., en smachtend om het vaderlandse strijdtoneel van de toneelstrijd, te veroveren.
Stellen wij de onzijdige blob echter even bloot aan het rondzingen van een Senheiser studiomicrofoon en wat Paradigm studiospeakers dan zorgt de akoestische terugkoppeling ervoor dat wij de blob zien muteren, gedurende zijn genetische VIP trip, naar de zingende, dansende, nieuwspresenterende, showmaster Jip de wiphip fucking egoFlip.
De enige caveat bij deze kloonprocedure is nimmer een verse polyester blob op een studio-mengpaneel te deponeren, tenzij het de bedoeling is, dat wij nog een Paul de Leeuwkloon door onze audiovisuele strot naar binnen geschoffeld krijgen.
Zo, en dat is dan precies alle tijd die ik aan de machiavellistische mediamollen –de valslichtprofeten, de neoplatonistische verkondigers van misinformatie, deceptie en fucking mindcontrol- hun zintuigen pijnigende plasmascherm gewrochten en hun DNA geïnfiltreerde VIP klonen wil, en zal besteden. Ik moet af en toe even met een lot erger dan het mijne geconfronteerd worden, om mijn leven weer wat meer te gaan waarderen. Het had erger gekund..., ik had in talkshow, in een doordraaiende fucking wereldquiz kunnen zitten.
Tevreden leunde ik achterover en keek naar de foto’s van foofies en coochies die mijn bed opgepimpt hadden, voor de laatste twee jaar. Het leek wel een kast met trofeeën, maar zo zag ik het toch niet. Het was een groep vrouwen, die mij één voor één diep geraakt hadden. Drie waren op mijn bloed uitgeweest, maar toch waren het geweldige vrouwen geweest. Zo verschillend als kalk en kaas, maar vrouw op en top. Met vele vrouwen had ik een relatie, of een onderdeel daarvan, gehad. Van één had ik zeventien uur gehouden, van een ander zeventien weken. Van drie andere vrouwen houd ik nog: Molly, Lisette en Mirkie, drie giganten, Molly heeft zich vermoord, Lisette is vermoord en Mirkie kan nimmer sterven. Honey is in fucking China en van Christa hoor ik niets meer. De vrouw die ik het minst gekend heb, daar hoor ik niets meer van. Lijkt logisch, maar zo voelt het niet. Met de rest van de vrouwen heb ik nog geregeld contact, en dat houdt mij levend. Maar dan is er Anouk, maar die is eigenlijk altijd bij mij. Er gaan geen tien minuten voorbij, of ik denk aan haar; dan ben ik bij haar. Was het maar fucking waar. Nookie, mio amore, mio tesoro, ma quanto ti amo.
Ik scoor nog steeds op die fucking rip-off, bastard datingsites, maar mijn hart is er niet meer in. Het gaat nog wel, maar ik moet er moeite voor doen. Het gaat niet meer vanzelf, en ja, met Anouk kreeg ik het frontaal, sinds Yvonne heb ik het laten vallen, gedurende de slachtpartij in Italië verloor ik het uit het oog en met de dood van Franco ben ik het compleet kwijtgeraakt. En de fucking wereld draait maar door.
Conclusie? Over het algemeen heb ik het nog wel naar mijn zin. Ik doe wat weinig veertigers, haast geen vijftiger en geen enkele zestiger mij nadoet, tenzij ze ‘pussy per pond’ kopen. Dan nog, doe ik het beter, want ik zat al in de muffhandel, toen ik achttien was. Alleen zat ik aan de andere kant van de toonbank. Ik verkocht foof’s..., ik betaalde er nimmer voor, dus het was niet waarschijnlijk, dat ik daar nu mee zou gaan beginnen. Als je als ex-pooier, hoerenbink gaat worden, dan strompel je met recht je molm achterna. No can fucking do.
Nee, het was wel okay zo. Het was dan misschien een stille periode, maar er zou wel weer wat los komen. Terwijl ik wist dat ik erg progressief in mijn opvattingen en aanpassingen was, kon ik mij nog steeds niet losmaken van dat datingsite fenomeen, terwijl die sites hoe langer hoe meer concurrentie begonnen te ondervinden van sites zoals Badoo, Netlog en Tagged. Ik was nog steeds van mening dat als ik vlees wilde eten, dat ik dat bij de slager moest halen en niet op de afvalbelt van een abbatoir.
Toch hoorde ik van mijn vriendinnen dat zij ook steeds meer op die sites vertoefden, dus ik besloot het eens te proberen. Nou het was precies marktplaats.nl, voor dozen. Dozen? Fucking labia majora pudendi-kisten zaten erbij. Mijn God, wat een zootje ongeregeld. Zeker, er waren er een paar die serieus naar een partner zochten, maar het leeuwendeel zocht een vent die even een 09 nummer kon bellen, zodat zij hun gore gooi op de ‘wepkam’ konden laten zien.
Er waren vrouwen in een relatie. Open relatie heette dat. Die waren meestal getatoeëerd en vaker nog hadden zij een hele ijzerwinkel studs en piercings, van lip tot lip, met alle niet meer zo intieme ‘stopovers’ daar tussenin, in hun, door drugs uitgemergelde, lichamen hangen. BDSM stoutertjes, Dominatrix’es en fetisjisten fucking bigtime.
Huishoeren, golddiggers, thrillseekers en fortuinjaagsters. Ghanese en Nigeriaanse zwartwerksters, die een paspoortechtgenoot zochten. Russische cum-dumpsters die een trouwlustig slachtoffer zochten voor hun moordlustige moskouwers. Het leeg wel een digitale souq van genitalia- en vaginaverkoopsters..., alleen de muziek van de Arabische luit, de ud, ontbrak.
Ik besloot een foto van mijzelf in dit schilderij ‘De Dulle Griet van Pieter Bruegel de Oude’ te plaatsen, want in het land der blinde is éénoog koning, en ik had alle twee mijn ogen nog. Mooie ogen. De profieltekstfaciliteiten waren zeer gelimiteerd, dus ik schreef:
Ik ben geïnteresseerd om met vrouwen te mailen. Het moge als een verrassing of een teleurstelling komen: ik ben niet in het minst geïnteresseerd in gore seksverhalen. Interessante onderwerpen..., graag.
Nee..., en ik wil ook geen beschuitje met je eten. Zo het al tot zo’n onderneming zou komen, prefereer ik ‘Scrambled Eggs with Smoked Salmon’. Daar blijf ik tenminste van overeind staan. Beschuitje..., een hap Bolletjelucht..., en een bed vol kruimels.
Anyway. Wat aanwezigheid betreft, ik ben altijd op Google te vinden;-) Carpe Noctum is mijn motto en die dag dat ik niet lachte, was de dag dat ik van jou aan het genieten was…, wel je zinnige gesprekken dan.
Als laatste..., dit: vrouwen in een relatie..., skip mij alsjeblieft. Ik voel niets voor ‘open minded’, jankende partners aan mijn deur. Ik slinger ook geen twee kanten op en de zwepen, riemen en het katrollenwerk bewaar je maar voor de buurman.
Voor de rest is het een kwestie van durven..., your life will never be the same again. Ta, ta...
Voor een euro plaatste ik een foto -in monochroom blauw met rode ogen- in de Spotlight met een slogan bij mijn poppenkop, die zei: “Ik wil een miljoen met een vrouw spenderen.”
Ik wachtte tot ik drie no-hopers achter mij kreeg in de Spotlight, en dan plaatste ik, voor een extra euro, mijn foto nog een keer, in monochrome grijs met groene ogen. Nu luidde de slogan: “En nu wil ik nog maar een half miljoen met een vrouw spenderen.”
Tot aan de kerels aan toe kwamen poolshoogte nemen wat ik voor een imbeciel was. Dat ik een originele imbeciel was, konden zij niet ontkennen, want zij kwamen meestal niet verder dan: “Hi”, “Hallo”, “Dag leuke vrouwen” of “Ieke wiel maken veel friend met die mooi vrouw”
Nou, de vrouwen…, dat was een ander verhaal. Manna was uit de hemel op hen neergedaald. Hun gebeden waren verhoord..., want de money-messias was neergestreken op gouden vleugels. Het leek wel of Atilla de Hun zijn horden weer over de steppen joeg en alle vrouwelijke bewoners van de voormalige Oostbloklanden mijn virtuele kantoor in perste.
Blijkbaar hadden de Afrikaanse winden hun krachten gebundeld, want de Ghibli, Sirocco en Chamsin, aangesterkt door de Franse Mistral en Adriatische Bora bliezen zwart Nigeriaans, Liberiaans en Ghanees woestijnzand mijn kantoor in, als voorbode van wat volgen zou.
Voor het virtuele Badoo gebouw demonstreerden nu de shemales, hermafrodieten, trannies en ladyboys. Zij ageerden dat ik hen discrimineerde, door alleen met een vrouw een miljoen te willen spenderen. Zij voelden zich vrouw genoeg..., en toegegeven…, sommigen zagen er beter uit dan de wandelende, getatoeëerde staalwinkels of crackheads. But one can’t please all the people all the fucking time.
Ik wachtte tot dit aanstormende geweld van grage vrouwen een beetje was gekalmeerd en zij zich allemaal netjes in ‘berichtlinkjes’ hadden opgesteld. Meer dan vijfduizend moneygrabbers, waar ik op mijn gemak eens in kon gaan graven. Er moest toch wel iets behoorlijks bij zitten. Nou ja, voor twee fucking euro kon ik toch zeker niet bekocht zijn?
Om mijn investering rendabel te maken, zocht ik de eerste kandidate op die er een beetje behoorlijk uitzag. Dat was nog niet eens zo gemakkelijk; er waren zat gegadigden, maar met de meeste wilde ik mijn voortuin nog niet delen, laat staan mijn bed..., en al helemaal geen miljoen.
Uiteindelijk klikte ik een linkje en een ‘chat-paneel’ opende zich. Ping. Fucking ping, ik had er nooit aan gedacht dat hier ‘chatten’ het communicatiemiddel was. Na MSN jaren ontweken te hebben, moest ik nu communiceren in fucking cyberyap, hyperguff en smslingo. Mijn kracht lag in het schrijven, niet in dyslectisch stottersteno. Nou, het bleek dat ik mijn twee euro zwaar verdedigen moest.
Na vier dagen lang ‘moneygrabbing milfs’ afgepoeierd te hebben, besloot ik maar weer op hangende pootjes naar Match of Lexa terug te keren. Better the devil you know...
‘Badoo is voor mij taboo, so I fuck off the noo,’ dacht ik kwaad.
“Ping!” deed het pathetische chatbelletje weer. Onwillekeurig keek ik naar de foto van de nieuwe aspirante. Angelina Jolie! Weer één van die...
“Waaaaat?! Angelina Jolie? Zit die ook al op Badoo, en die komt even bij mij kijken? Zoekt zeker een vader voor al die geadopteerde grommen.”
Ik geloofde mijn ogen niet en klikte haar profiel open. Nee, het was niet Angelina, maar het zag er net zo 'jolie' en smakelijk uit. Het leek erop dat Jon Voight al vroeg multinationaal was gegaan met zijn zaaddistributie. Ik keek wat ze in de chatbox gekrabbeld had. Ze schreef:
Hi Jan,
Ik weet niet of het jou bevalt hier, maar ik voel mij net of ik op hier op Paddy’s Market, in Glasgow loop. Ik verbeeld mij niets, maar het zit hier vol met virtuele tassenknippers, beurzensnijders en zakkenrollers.
Er is hier van alles, maar het enige waar je mee thuiskomt is webtuberculose, cyberluizen of binaire gordelroos. Wat denk je, miljonair, kunnen we gewoon mailen?
Mijn e-mailadres is vanny@trophyfanny.com
Vanny
Ik voelde dat mijn geluk aan het keren was, want na vier dagen klootvegen, leek het er nu op dat ik zou gaan scoren. Voor twee euro had ik nu een optie op een kopie van Angelina met een trofeedoos, waarop ik nu mijn literair verpakte Vigorelle kon afvuren.
Het was niet nodig, want na vier informele e-mails uitgewisseld te hebben, vroeg Vanny of ik zin had om een kop koffie met haar te gaan drinken. Ik vroeg mij af wat zij wilde, want vrouwen willen altijd iets. Op een datingsite was het duidelijk, in het digitale circus van Badoo, liet het zich daar vooralsnog naar raden.
Wij spraken af in een restaurant in Amsterdam. Vanny zat al te wachten toen ik, verlaat door een file, aankwam. Ze stond op en gaf mij een normale hand, in plaats van de door mij zo gehate luchtzoenen. In de korte tijd dat zij stond, bekeek ik haar snel. Ik deed dat zonder haar daarbij het gevoel te geven, dat ik mij als een suffe kakzak van een kerel aan haar stond te verlustigen.
Met mijn blik op oneindig, observeerde ik een kopie van Jolie, verpakt in een Dior Kim Draped Jurk van €2700,00, die liefdevol omhuld werd door een Hermes leren jas, kostende €5500,00. De bijbehorende Hermes Birkin handtas bleef nog altijd een koele €20.000,00 waard. Het geheel stond op Prada hakken, van €350,00 elk. De Bvlgary shades die ze in haar haar droeg, waren ook niet onder de €700,00 te koop.
Geen kostuumjuwelen voor de Trophy Fanny, nee, ze droeg de met briljant afgezette oorringen, collier, armbanden en ringen uit de ‘Trinity de Cartier’ collectie, die altijd een onverschillige €140.000,00 vertegenwoordigden. Nadat ik dat allemaal opgeteld had, kon ik daar nog €200.000,00 bijtellen voor een Audemars rose-gouden Ladies Tourbillon horloge, dat was afgezet met briljant.
‘Jesus fuck,’ dacht ik, ‘Een superfoof met driehonderd zeventig duizend euro bling en fashionshit. Geen wonder dat ze de naam Trophy Fanny draagt. Die is rijp om gekidnapt te worden.’
“Misschien wil je nog vierhonderd euro bijtellen voor mijn La Perla lingerie..., voordat wij gaan zitten, Jan,” streelde haar stem mijn oren, zodat ik met een schok terugkwam op aarde.
We hadden nog steeds elkaar’s handen vast. Ik stamelde: “Fuck Fanny, voor die klok alléén, snijden ze je hand eraf. Hoe kun je...?”
“Het is allemaal imitatie dat ik draag, Jan.”
Ik trok mijn hand los en zei: “Neem mij niet in de zeik muff, want dan ben ik gelijk van wiek. Ik heb lang genoeg in foks en gouwenaars gezeten, om te zien dat dit geen nepkak is. Doe anders die Tourbillon maar af, dan geef ik je honderd ruggen euro's. Behandel me niet als een dumbfuck, muff.”
Vanny lachte en zei: “Sorry Jan, ik wilde even iets zeker weten. Ik ben nogal veilig hoor. Laten we gaan zitten.”
Iets in wat zij zei, deed mij om mij heen kijken…, en ja hoor, daar waren ze. Twee zakenmensen bespraken hun aangelegenheden aan een tafeltje verderop, onder het genot van een kop koffie..., waarvan de rekening al betaald was, want die lag naast hen. Klaar om ieder moment op te staan, mocht de situatie dat vereisen. Lijfwachten. Ex-smerissen. Gewapende ex-smerissen.
Vanny zag dat ik haar lijfwachten geklokt had.
Toen wij gezeten waren en de koffie gebracht was, opende Vanny gelijk. Terwijl zij de slagroom uit haar koffie lepelde, vroeg zij nieuwsgierig: “Meende je dat je een miljoen met een vrouw wilde spenderen?”
“Anders zou ik het toch niet schrijven, Vanny?”
“Ik hoef geen geld, ik heb zat van die zooi. Ik was alleen benieuwd hoe het werkte, Jan. Het was zo belachelijk dat het op die site met imbecielen, zowat weer als normaal klonk.”
Ik lachte, en antwoordde: “Het is eigenlijk eenvoudig, Vanny. Ik wil dat miljoen wel met een vrouw spenderen, waarom niet. Ze zal het wel mee moeten brengen, want ik maak geen miljoen op aan die blauwe begijnen van Badoo. Het is wat anders, als ze zelf een beetje investeren.
Ik dacht bij mijzelf: ‘op zo’n advertentie komen zat foofies af en allicht dat er wat behoorlijks bij zit’ Het is maar goed dat vrouwen nieuwsgierig zijn, maar vertel eens toverdoos, wat deed jij eigenlijk op die shitsite?”
“Ik zocht naar iemand.”
“Don’t we all?”
“Luister Jan, ik ga je niet ‘bullshitten’. Ik weet dat jij allang weet, dat dit niet een normale date is, dus ik ga je intelligentie niet beledigen door je een verhaaltje te vertellen. Ik heb iemand nodig die mij helpen kan, maar eerst ga ik je vertellen hoe ik bij jou terecht ben gekomen.
Je mag dan geen Brad Pitt zijn, maar je profiel is zeer aantrekkelijk. Je trekt de aandacht met die griezelige blauwe kop met felrode, of helgroene ogen…”
“Vrouwen zijn nieuwsgierig,” verklaarde ik, quasi verontschuldigend.
“Je profieltekst is knalgoed, zo heb ik daar nog geen tweede gezien. Je wekt dus inderdaad de nieuwsgierigheid op. Een gek met een blauwe kop schrijft niet zo, dus je moet goed zijn. Ik Googelde je en de hele sjebang rolde op mijn scherm voorbij. In het begin was ik nogal sceptisch. Ik schreef alles aan een arrogante promotiestunt toe.
Om je eerste datingverhalen moest ik erg lachen, maar gaandeweg werden die steeds ‘heavier’ en ingewikkelder. Het was duidelijk dat je wist waar je over schreef. Research? Nee, dat merk je in de stijl. Deze verhalen slepen je mee, alsof je er midden in staat en intussen leer je spelenderwijs alle technische zaken, die iedere andere schrijver eerst moet onderzoeken, wat dan ten koste van de flow van het verhaal gaat. Dat..., of het is een boeiend fictie verhaal.
Nee, je hebt in die scène geleefd want je weet waar je het over hebt. De verteltrant is exact wie jij bent, snel, manipulerend, boeiend en meeslepend.”
“Conclusie?” vroeg ik, vermoedend waar dit heen ging.
“De conclusie waar ik toe gekomen ben, is dat jij de man kunt zijn die ik nodig heb.”
“Het punt is: wil ik die man zijn? Het is iets wat illegaal is, want anders had je die twee side-kicks van je, er wel op afgestuurd.”
“Ik zorg dat het financieel aantrekkelijk voor je wordt, Jan.”
“Dat is dan je eerste fout. Ik ben niet voor geld te koop, en ik doe zeker niet alles voor geld. Bijstellen, foof.”
“Maar..."
“Nee, maar fucking niks. Je hebt gelijk in één ding: ik ben fucking goed. Ik ben zo fucking goed dat ik de fucking zon uit mijn fucking reet kan zien schijnen.
Als jij wat van mij wilt –iets dat het daglicht niet kan verdragen- dan kom je naar mij toe. Ik ga niets bepraten in een gelegenheid die jij gekozen hebt, en al helemaal niet met twee fucking ex-smerissen erbij. Je zit hier ‘dressed to fucking kill’, dus misschien tape je deze conversatie ook wel. Je hebt mijn email, dus je kunt mij bevestigen of je zaterdag wilt komen eten. Dan fucking praten we. Trek maar een katoenen slip aan, want die gaat toch niet van je kont af.”
“De mazzel,” zei ik ziedend van woede, stond op en ging weg. Een van de ex-smerissen stond op om mij tegen te houden, maar die stak ik een vinger in zijn oog, waarna ik hem een kopstoot gaf. Fucking copfuck.
“Oooooooh,” klonk het eenstemmig, maar ontzet uit een tiental gesoigneerde, koffie met appelgebak gevulde kelen in het restaurant. De ober die me tegen wilde houden, keek mij aan en bedacht zich toen.
Waarom was ik zo kwaad? Wel, dat begrijpen jullie ‘fucktossers’ niet. Ik ben mijn leven lang crimineel geweest, met mijn eigen normen en waarden. Nu word ik even uitgezocht tussen het falderap vandaan, als een schooiende bietser, die wel even iets illegaals kan doen tegen betaling van een aalmoes.
Gepimpt met bijna vierhonderdduizend euro fucking fox en modetrash, wordt mij door één of andere snotdot een kop koffie aangeboden, in het bijzijn van twee ex-smerissen. Dan wordt er verwacht dat ik een jodenfooi accepteer om wat vuil werk op te knappen. Hard fucking chance.
Op straat deed de frisse lucht mij weer snel bedaren. Hoewel mijn woede begrijpelijk en te rechtvaardigen was, mijn reactie daarop was die van een imbeciel. Ik, die normaal altijd nadacht, mishandelde nu een ex-smeris, die alleen zijn werk deed. Dat was stom. Ik moest een greep op mijzelf zien te krijgen, want ik besefte nu dat het verdriet en de stress van de laatste maanden, mij langzaam aan het slopen was.
De moord op Lisette, de tragedie met Anouk, de mislukte relatie met Yvonne, het bloedbad in Italië en de moord op Franco, wat was het met mij aan het doen? Mijn ratio was goed, maar ik kon met mijn logica niet bij mijn emotie komen. Verdriet sloeg nu in ‘no-time’ om in woede. ‘Ik moet dimmen,’ dacht ik, ‘Dit kan niet goed blijven gaan, Jan. Die Vanny zal je wel niet meer zien, nou ja, moet zij weten.’
Thuisgekomen, liep ik naar de computer om mijn email na te kijken. Zoals gewoonlijk... Vanny! Een email van Vanny. Dat was fucking snel. Misschien mailde ze van een smartphone, of...
Jan,
Je zou deze mail nimmer hebben gelezen, wanneer ik niet van mening was dat jij de persoon bent, die ik zoek. Ik verontschuldig mij voor de ‘carry-on’ in het restaurant, maar ik wilde ergens zeker van zijn. Dat ben ik nu.
Omdat ik dit zelf afgeroepen heb, spreekt het vanzelf dat mijn assistent ook geen aanklacht tegen je indient, voor mishandeling.
Indien je nog geïnteresseerd bent te vernemen waarom het gaat, mail mij dan je adres, zodat ik je uitnodiging voor zaterdag kan aannemen. Ik beloof je, dat ik alles zal ophelderen.
Ondanks dat je mij verzekerd hebt, dat ik mijn katoenen slipje aan houden kan, wil ik je wel vragen of ik kan blijven slapen, zodat ik mijn assistenten naar huis kan sturen. Die halen mij dan de volgende dag weer op.
Mocht het toch niet uitkomen, of wanneer de plannen veranderen, kun je mij dat misschien tijdig laten weten.
Met vriendelijke groet,
Vanny.
‘Zo, die modemuff heeft mij zitten testen dan,’ dacht ik, ‘Als ze zo goed wist wat zij zocht, waarom heeft ze geen professional genomen? Waarom? Omdat professionals de lijn ergens moeten trekken. De goede vakmensen doen niet alles voor geld en aan een afgebrande ‘fucktosser’ heeft ze niets. Ze ziet mij zeker daar ergens tussenin. Dat kan nog interessant worden, zaterdag. Als ze mijn tijd nu weer verknoeit, dan kan ze blijven slapen, maar dan pel ik haar echt riant uit die katoenen slip vandaan.’
De gedachte was mij niet echt onaangenaam, moet ik zeggen.
Zaterdagavond. Vanny had geleerd, want ze had zich naar mij toe laten rijden in een Peugeot, in plaats van een vette, ordinaire Mercedes. Één puntje voor Vanny erbij.
De lijfwacht met het zere oog, opende de deur voor de superfoof. Vanny stapte uit, gaf mij weer een hand, en zei: “Dus we ontmoeten elkaar weer, Jan. Deze keer gaat het beter, let maar op.”
“Slechter kon al niet, foof. Ga maar vast naar binnen. Ik wil even met je side-kick praten.”
Vanny sprak mij niet tegen, pakte een weekendtas uit de kofferbak en verdween in het huis. Ik liep naar de lijfwacht, stak mijn hand uit en zei: “Luister, hier is mijn hand als je er wat mee kunt. Ik bied mijn excuus aan voor het geweld. Het was niet persoonlijk, maar uiteindelijk heb je het aan je bazin te wijten. Ik ben geen fucking krullenjongen.”
De ex-smeris dacht een seconde na, greep mijn hand en zei toen: “Ik was niet blij, Jan, maar wij hadden haar al gewaarschuwd. Je record is goed, en wij zeiden al dat ze dat niet kon maken met je, maar een Vanny verandert niet van mening wanneer ze denkt gelijk te hebben. Okay, zand erover, je bent een sportieve gozer. Kijk uit met haar, want het is een beest.”
“Jij bent ook een sportieve broger. Als dit verhaal doorgaat en goed afloopt, kom dan maar met je maat voor tien ruggen euro’s elk. Complimenten van Vanny de Trophy Fanny. Als het fout gaat, pissen jullie maar op mijn graf. You say what?”
De lijfwachten lachten, en schudden ieder mijn hand.
“Veel plezier,” zeiden zij, toen zij instapten, en wegreden.
“Wat had je met mijn assistenten te bepraten?” vroeg Vanny, die haar jasje al had uitgetrokken en de weekendtas in de hoek van de kamer had gezet.
In tegenstelling tot haar vorige, exorbitante debuut, presenteerde Vanny zich nu op twee vlijmscherpe, zwarte Gucci naaldhakken waarvan de inhoud wellustig omhoog kroop in een paar Diesel jeans en uitmondde in een eenvoudig, maar zeer laag uitgesneden zwart truitje, waar het uit het decolleté dreigde te vallen. Ik had al begrepen dat Vanny niet van bescheidenheid beschuldigd kon worden, maar de ‘tigga bitties’ die zij hier uit haar truitje perste, tartten iedere beschrijving, deden de schouderbandjes van de ‘over-the-shoulder-boulder-holder’ haast knappen en deden pijn aan mijn ogen.
Gelukkig temperde Vanny al dit visuele geweld door een eenvoudig horloge te dragen, als enig sieraad. Een Patek Philippe Ladies Calatrava van dertigduizend euro.
“Niets Aag, ik bood mijn fucking excuus aan, is dat goed?”
“Zolang je maar niets meer aanbood dan dat, want dat moet ik betalen dan en daar voel ik niets voor. Ze krijgen betaald, risico van het vak.”
‘Fuck!’ dacht ik, ‘Die foof is niet uit de poppenkost gedonderd. Ik moet op mijn tellen letten met haar. Die zal ik eerst eens even slopen’
“Luister prijsdoos, ik eerbiedig de regels van de gastvrijheid, zo er kan niets met je gebeuren, maar ik vind dat je een beetje vervelend en voorspelbaar wordt met dat denigrerende, fucking gedrag.
Je impliceert nu dat ik je goons een ‘kick-back’ aangeboden heb. Er zijn dingen die kun je denken, maar niet zeggen. Dit is één van die dingen. Als je dat denkt, dan bel je nu op en check je je verdenking. Als je niet belt, of je hoort dat het niet waar is, dan bied je je fucking excuses aan, want anders zijn wij voor eens en voor altijd uitgepraat. See if I’m fucking joking.
Als je wilt dat ik een hekel aan je krijg, ga dan nog even zo door. Nou, wat is het? Bellen, of laten zien dat het je spijt?”
Vanny hoefde niet lang na te denken, ze wist dat ik haar blufte en ze wist dat ze haar beschuldiging nimmer hard kon maken. Sommige vrouwen weten wanneer ze op moeten geven, en Vanny was zo een vrouw. Ze kwam naar mij toe, en vroeg: “Zijn mijn excuses voldoende, Jan?”
Ik dacht na en antwoordde: “Nee, eigenlijk niet, want dat doe je makkelijker dan een scheet in die Diesel Jeans van je laten. Leer maar wat. Ik wil de rest van die tieten zien. Je kunt niet een bom in een aquarium gooien en verwachten dat de fucking vissen blijven leven. Til ze maar even uit dat truitje.”
Vanny bleef mij strak aankijken, terwijl zij langzaam haar ‘funbags’ ontblootte. Ik bleef haar aankijken in plaats van mij aan haar longen te vergapen, zoals ze verwachtte. Zonder ook maar een blik op haar prijsbezittingen te hebben geworpen, draaide ik mij om, liep de keuken in, en zei: “Stop die tieten maar weer weg, foof, en kom mij helpen met het snijden van de zalm en de mozzarella.”
Normaal zou zij zich vernederd hebben gevoeld als ik die stapel hout op mijn gemak bekeken had. Nu vernederde ik haar, door niet te kijken.
Ik hoorde driftig hakkengetik achter me en stapte snel opzij. De kristallen vaas, die op tafel had gestaan, lag nu aan gruzelementen op de keukenvloer.
“Wat ben jij voor een arrogante fuckup?” schreeuwde Vanny, “Wat denk je dat jou zo speciaal maakt, dat je mij zo denkt te kunnen behandelen, bloedhond?”
Ik keek haar aan en zei: “Die troep opruimen en dan je goons bellen, muff. Jij gaat naar huis terug. Jij startte deze ‘caper’ en ik fucking finish het. Niet dollen, opruimen en oprotten. Ik ben je zat.”
Ik blufte haar nog steeds, maar dat kon Vannie niet meer weten. Het zag er serieus genoeg uit en daar had zij zelf voor gezorgd, door die vaas tegen mijn hoofd te willen gooien.
Ik gaf haar een stoffer en blik. Aarzelend ging zij op haar knieën, om de scherven op te vegen. Haar woede kalmeerde net zo snel, als dat die opgekomen was.
“Jan?” vroeg ze.
“Ja?”
“Moet ik echt naar huis? Ik weet dat ik het weer verpest heb, maar je had in ieder geval even naar mijn tieten kunnen kijken. Je draaide je zo om, en toen werd ik woest.”
“Goed hè? Nou, misschien leer je ervan voor de volgende keer.”
Vanny trok een lip en het huilen stond haar nader dan het lachen. Ze zou uiteindelijk ook verschut staan bij haar personeel.
“Mag ik je dan helpen met het snijden van de zalm en de mozzarella?” bedelde ze.
“Gedraag je je voor de rest van de tijd dat je hier bent? Je hebt je quota consideratie nu ruimschoots overtreden.”
Terwijl ik de vissaus voor de linguini klaar maakte, sneed Vanny de zij gerookte zalm aan plakjes en de mozzarella aan schijfjes. Ik had haar uitgelegd hoe zij de mozzarella aan moest maken en zij legde haar ziel, zaligheid en bijna haar twee enorme tieten erin. Ik kon zien dat ze niet gewend was om eten klaar te maken, maar toen ik haar een glas ijskoude Pinot Grigio bracht, keek ze mij aan alsof ze een compliment verwachtte. Ik gaf haar het glas wijn en kuste haar eventjes lichtjes op haar mond, die ‘Mmmm’ deed.
Alle frictie bleek onder het eten te verdwijnen. Vanny liet zich de wijn goed smaken, maar at heel rustig. Met dit tempo zou zij geen basis hebben voor de ijskoude Pinot Grigio.
“Smaakt het eten niet, foof? Je hebt het zelf klaargemaakt. Vanny, je bent een groot meisje en ik hoef het je niet te zeggen, maar doe even rustig met de wijn, tot je wat meer gegeten hebt, het valt gegarandeerd verkeerd zo.”
Vany keek op naar me met betraande ogen en knikte dat zij het begrepen had. Blijkbaar hadden die paar glazen wijn hun invloed al laten gelden, want ze begon nu geluidloos te huilen. De tranen drupten op haar eten. Ik kon gemakkelijk zien dat dit geen komedie, of fakeshit was. Ik zette haar bord opzij en pakte haar handen.
“Wat is er, foofie?” vroeg ik, terwijl ik haar een tissue gaf.
Zoals alles kwaliteit aan Vanny was, huilde zij met klasse en snoot haar neus in stijl. Het was nauwelijks hoorbaar.
“Is het de wijn die je triest maakt, Vanny?”
Vanny leek mij aanvankelijk niet gehoord te hebben, maar toen keek ze mij aan, en zei: “Mogelijk ‘triggerde’ het, Jan, maar het zat al in mij. Het zit al een tijdje in mij, maar de woedeaanval eerder..., bracht het naar de oppervlakte.”
“Is het verdriet, woede, of beide dat je ervaart?”
“Het is verdriet en woede dat constant aan mij werkt, maar na een woede-uitbarsting krijg ik een aanval van verdriet en dat is nu. Sorry, ik wilde de avond niet verknoeien.”
“Je verknoeit de avond niet. Ik weet wat je bedoelt, foof. Ik heb precies hetzelfde, alleen bij mij is het enkel verdriet, dat zich af en toe transformeert in woede. Dat was van de week met je lijfwacht. Wij zijn maar mensen, foof. Ik neem aan dat jouw verdriet verband houden met hetgeen waarover je met mij spreken wilde?”
Vanny the Trophy Fanny knikte, en zei: “Ja, alleen ik wilde het gesprek niet door middel van mijn huilen beginnen. Het was niet mijn bedoeling je ontvankelijker te maken door mijn waterlanders. Ik wilde het zo zakelijk houden, als ik maar kon. Ik ben bang dat het mij niet gelukt is. Nogmaals, sorry.”
“Ik vertel je wat we doen, foof. Je gaat je gezicht even wassen en ik maak wat verse toast bij de zalm en de mozzarella. We eten dat eerst en laten de pasta voor wat het is, voor het moment. Als we gegeten hebben, praten wij.”
Vanny zag er weer als nieuw uit, toen zij uit de badkamer kwam. Daar alles zover al ‘tits-up’ was gegaan, besloten wij de pasta later op de avond te eten, wanneer wij er dan nog trek in hadden. Ik ruimde de tafel af en maakte koffie.
Toen wij weer aan tafel zaten, dronken wij onze koffie en Vanny begon te vertellen.
“Ik ben enige dochter van een Engelse vader en een Nederlandse moeder. Ik ben in Zwitserland op school geweest, en daarna heb ik evenveel tijd in Nederland als in Engeland doorgebracht.
Mijn vader heeft indertijd fortuin gemaakt door de postorderverkoop van homeopathische geneesmiddelen, en natuurproducten. De vraag naar die middelen begon indertijd net te komen, dus mijn vader is precies op het goede moment begonnen en maakte de hoogtij mee, en fortuin.
Hij had echter vanaf het begin een partner. Zij verdeelden het werk. Mijn vader deed het Verenigd Koninkrijk en zijn partner de Verenigde Staten.
De partner had een zoon..., ja, je hebt het al geraden. Niet alleen was het beter om het kapitaal in de families te houden, maar John en ik waren onafscheidelijk. Toen wij eenentwintig waren, trouwden wij.
Ik assisteerde mijn vader met de zaken, die intussen uitgebreid waren met de internetverkoop, in Groot-Brittannië. John deed hetzelfde voor zijn vader in Amerika, en was dus geregeld op reis. Tot voor een paar jaar geleden waren wij zielsgelukkig..., maar het mocht niet duren. Het noodlot sloeg een paar jaar geleden toe.
In plaats van iedere maand, kwam John nu één keer in de drie maanden over. Zijn excuus was dat hij zo vreselijk druk met de zaken was, maar ik kon in de computers zien dat het niet drukker dan normaal was. Ik voelde dat John een verhouding, in Amerika, had. Vraag mij niet hoe, maar ik voelde het aan alles. In het begin dacht ik nog dat het wel over zou gaan. Wel, dat hoopte ik, want ik hield wanhopig veel van hem, maar gaandeweg moest ik aan mijzelf toegeven dat het een aflopende zaak was, dus ik vroeg echtscheiding aan.
John maakte geen bezwaar, maar na de scheiding veranderde alles. Mijn vader en zijn partner kregen woorden over het bedrijf. John’s vader wilde een splitsing van het bedrijf.”
Hier viel ik Vanny in de rede: “Het moeten toch al onafhankelijke bedrijven zijn geweest, foof? Ik bedoel, een Brits bedrijf kan toch niet zomaar een filiaal in de Verenigde Staten runnen? Het zal misschien wel nog kunnen, maar niemand is zo gek om dat te doen. Je komt belastingtechnisch voor problemen te staan en wanneer het bedrijf in de States failliet gaat, of wanneer het in rechten aangesproken wordt, dan zou het bedrijf in Groot-Brittannië in de ellende meegesleept worden, of vice versa.”
“Ja, ik stelde het maar even zo voor het gemak. De twee onafhankelijke rechtspersonen waren het eigendom van een Holding Company, waarvan het bestuur in Jersey zetelde. Mijn vader en ex-schoonvader hadden de structuur van de bedrijven zo gefabriceerd dat er een minimum aan belastingen werd betaald.
Mijn ex-schoonvader wilde dus dat de Holding Company de Amerikaanse dochteronderneming zou verkopen aan zijn eigen, nieuwe Holding Company. Daar de verkoop in de Verenigde Staten, die in Groot-Brittannië met het drievoudige overtrof, weigerde mijn vader dit natuurlijk. Uiteindelijk waren zij op fiftyfifty basis gestart.
De verhouding tussen de twee mannen verslechterde bij de dag. Op een gegeven moment merkten wij dat de winst afgeroomd werd, door de inkoop op te pompen met valse facturen. Mijn vader dreigde aangifte te doen bij de IRS in Amerika, wanneer die praktijken niet gestopt werden. Het stopte voor een paar maanden en toen merkten wij dat John en zijn vader een parallelfirma hadden opgericht met de bedoeling om de verkoop van het Amerikaanse filiaal over te nemen.
Mijn vader spande een rechtszaak tegen zijn partner in Amerika aan wegens, wanbeleid, contractbreuk, oplichting en malversatie. Weer moest zijn partner zijn duistere plannen opgeven.
Daar dit een onhoudbare situatie dreigde te worden, stelde mijn vader aan zijn partner voor, om zich uit te laten kopen voor de helft van de overwaarde van het Amerikaanse bedrijf. Na enige weken telefonisch onderhandelen, besloten de twee mannen om de zaak te doen. Mijn vader zou het bedrijf in Groot-Brittannië behouden en uitgekocht worden voor zijn aandeel in het Amerikaanse bedrijf, waarna dat aan een Holding van zijn ex-partner verkocht zou worden.
Besloten werd, omdat het bedrijf in Amerika gevestigd was, om daar de transactie te laten regelen door een goed bekend staand en betrouwbaar accountantsbedrijf. Mijn vader vertrok dus voor een maand naar Amerika om de zaak voor eens en altijd af te handelen.”
“Hoe hoog was het bedrag dat je vader moest ontvangen voor zijn aandeel in het Amerikaanse bedrijf.”
“Zeker heb ik het nooit geweten, maar ik vermoed dat het om zo’n achtendertig miljoen dollar ging.”
Vanny’s antwoord bevestigde mijn vermoeden, dat ik nu uitsprak: “Je vader is vermoord in Amerika, nietwaar Vanny?”
Haar ogen vulden zich weer met tranen. Ze vroeg: “Hoe kun je dat weten, Jan?”
“De transactie had in Jersey plaats moeten vinden. De ‘control’ van de Holding Company, die de enige gerechtigde was die het Amerikaanse bedrijf kon verkopen, zetelde in Jersey. Ik ben niet zeker, maar ik vermoed dat wanneer die transactie inderdaad had plaatsgevonden in de Verenigde Staten, dat overeenkomst ongeldig was geweest. Je vader is naar Amerika gelokt om daar vermoord te worden. Waar is je vader vermoord geworden, foofie?”
“Miami, Florida,” snikte Vanny.
“Drieduizend dollar voor een Cubaanse Havanna fucking killa heeft hen dertig miljoen bespaard. Was er een regeling wanneer één van de partners zou komen te overlijden?”
“Ja, de weduwe zou een toelage uit het bedrijf van haar overleden man krijgen. Maar dat zijn ‘peanuts’, Jan. Daarnaast zijn zij al jaren achter met die betaling aan mijn moeder. Tevens zou de weduwe, of het laatst in leven zijnde familielid van de gestorven persoon, de helft van de aandelen van de Holding Company behouden. In dit geval heb ik die aandelen, want ik run het Engelse bedrijf. Daar ik de executeur van mijn vaders testament ben, zit ik nu ook in de Raad van Bestuur van de Holding Company.”
“Dus afgezien van de moord op je vader, die natuurlijk nooit aan zijn ex-partner te koppelen is, is het Amerikaanse filiaal, of liever gezegd, die John en zijn vader, jouw familie dertig miljoen dollar plus de toelages, plus inflatie en rente over die bedragen schuldig? Jij bent in principe dus eigenaar van vijftig procent van ieder bedrijf, is dat juist? Het is maar dat ik het even in het juiste perspectief krijg. Daarnaast is er de moord op je vader.
In principe zijn je ex-echtgenoot en zijn vader dus niet veel opgeschoten, behalve dat zij nu wat meer armslag in Amerika hebben. Zij kunnen intern in het Amerikaanse bedrijf wat afromen, maar het is niet dat zij er dertig miljoen op vooruit zijn gegaan. Een mijns inziens, nutteloze moord. Sorry dat ik het zo klinisch stel.”
“Maar het wordt erger, Jan,” zei Vanny, “Niet lang nadat mijn vader ter aarde was besteld, werd ik beurtelings door John of zijn vader benaderd met het voorstel om de aandelen van de zaak aan hen te willen verkopen. Zij vertelden mij dat het bedrijf in Groot-Brittannië te groot was, om door een vrouw alleen geleid te worden.
Dit herhaalde zich iedere maand, totdat John nog maar alleen kwam. Ik werd beurtelings blootgesteld aan een barrage van smeekbeden, verzoeken en dreigementen. De laatste keer dat ik John heb gezien, nu een half jaar geleden, vertelde ik hem dat ik het zat was en dat ik nimmer de aandelen zou verkopen. Ik dreigde dat wanneer hij mij nog langer lastig zou vallen, dat ik de aandelen aan onze grootste concurrent zou verkopen. Ik was zo kwaad dat ik hem beschuldigde meer te weten van de moord op mijn vader. John werd waanzinnig van woede en sloeg mij drie tanden uit mijn mond, en zei: “Let maar op dat je niet naast je vader komt te liggen, binnenkort.
Ik besefte nu dat dit een reëel gevaar was en nam twee lijfwachten in dienst.”
“En hoe is het afgelopen, want er is meer.”
Dit was het moment dat ik de ogen van Iona voor mij zag. Ogen vervuld van waanzinnige haat. Tegelijk verdronk ik in de ogen van Molly die krankzinnig verdriet reflecteerden. Ik staar in de ogen van Pam, die zuivere moordlust uitstralen. Dan kijk ik in de ogen van Yvonne die mij aanstaarden vol pijn, onbegrip..., maar vol vertrouwen. Ogen. Altijd ogen die mij vertelden dat er slecht nieuws mijn richting uitkwam. Het slechte nieuws kwam eraan. Ogen. Alle emotie van die vier paar ogen, zie ik nu samengesmolten in één paar ogen van Vanny.
Falling. Ik zag dat Vanny een paar keer slikte; wanneer ik haar handen pak, vervolgt ze haar verhaal.
“Mijn hobby, passie en eigenlijk mijn hele leven zijn mijn honden. Ik heb een privé kennel voor huskies. De mijnen. Ik stak er al mijn vrije tijd in, en na John waren zij de liefde van mijn leven geworden. Tien had ik er toen John mijn tanden uit mijn mond sloeg.
Geen één had ik er meer, een week nadat mijn tanden uit mijn mond waren geslagen. Toen mijn moeder en ik ’s morgens vroeg naar de kennel liepen om de honden te voederen, lagen ze allemaal dood op de grond. Meer dan vijftig stukken Husky. Gedurende de nacht waren ze verdoofd met een verdovingsgeweer en daarna zijn ze door één, of meerdere personen met een bijl aan stukken gehakt. Mijn moeder kreeg, toen ze dat zag, een hartaanval. Zij stierf ter plaatse.”
“Wow, Vanny,” zei ik zachtjes, weer haar handen pakkend, “Fucking Jesus fuck. Wat een teringtuig. Het spijt mij lieverd, het spijt mij meer dan ik je zeggen kan. Dit verklaart zoveel. Het verklaart alles. Wat kan ik nu nog zeggen? Het spijt mij dat ik je zo hard heb aangepakt.”
Vanny was angstig kalm nu. Ze zei, terwijl zei mijn handen pakte: “Het is goed, Jan. Je kon het niet weten. Het spijt mij ook. Ik hoop dat je mij helpen kunt en als dat niet mogelijk is, dat je mij adviseren wilt hoe ik genoegdoening kan krijgen. Het geld interesseert mij niet. Ik wil wraak voor mijn vader, mijn moeder en mijn honden. Ik wil zien hoe hen aangedaan wordt, wat mijn ouders en mijn honden zijn aangedaan. Dat is alles wat ik wil.”
“Om over wat jou is aangedaan maar niet te praten,” mompelde ik, “Alles dat jou is aangedaan. Je bent van alles dat je lief was, beroofd. Jeugdliefde, huwelijk, vader, moeder en je honden. En nu moet je met een stuk falderap zoals mij dealen. Dit is ‘fucking wicked’, Vanny. Zeg mij wat je in je hoofd hebt.”
“Ik schaam mij, Jan. Het ergste dat hen kan overkomen, en ik wil het zien. Ik ben anti-geweld, maar dit moet ik zien gebeuren om rust in mijn leven te vinden.”
“Ik kan een contract op hen plaatsen en dan zijn zij binnen een maand dood, maar ik ben bang dat je meer dan dat wilt.”
“Ja, ik wil veel meer dan dat, wanneer het te verwezenlijken is. Jan, het interesseert mij niet of de zaken failliet gaan, het interesseert mij niet of ik het leven erbij laat. Niets interesseert mij, Jan. Ik ben een vrouw en niet sterk, maar als ik in staat wordt gesteld, dan sla ik hen met een bijl aan stukken.”
“Pam!” zei ik.
“Wat?” vroeg Vanny.
Ik vertelde haar in het kort het verhaal van Pam, zonder daarbij in al te veel details te gaan. Ik vertelde haar wel hoe Pam de schedel van haar man’s moordenaar had doorboord met priemen. Hoe zij de tweede moordenaar zijn ogen had uitgestoken en daarna zijn hersenvlies door zijn oren, had doorboord. Vanny hing aan mijn lippen. Ik vertelde ook hoe Pam daarna voor weken angstdromen had gehad en in een ernstig conflict met zichzelf was geraakt. Vanny was niet onder de indruk.
“Maak mij een Pam, Jan. Maak mij een Pam en iedere wens die je hebt, zal ik in vervulling doen gaan. Wacht even met kwaad worden. Ik doel niet alleen op geld, ik doel niet op seks, maar er is veel wat ik van mij kant mogelijk kan maken.”
“Ik zeg dit één keer, foof. Het gaat mij niet om het geld en het gaat mij niet om een beetje nooky. Je zaak heeft mijn sympathie. Afgezien van je arme ouders, afgezien van wat jij doorstaan hebt, Vanny, ik haat, ik walg van beesten die dieren kwaad doen. Ik ga je helpen, dat beloof ik je.”
“Maak mij een Pam, Jan,” smeekte Vanny.
“Pam is een wereldvrouw. Je zult haar leren kennen. Zij is nu de vrouw van één der belangrijkste Santisti van de Napolitaanse Camorra. Het is mijn petekind en je hebt nimmer zo een knappe en wijze jongeman gezien. Hij en Pam, bestaan in heel fucking Hollywood niet. Zijn naam is Renato. Hij wordt jouw facilitator en excutant. Haal nooit iets met hem aan, want hij is een one-woman-man, maar hij is angstig mooi.
Stefano, een ander petekind van mij en de zoon van mijn vriend voor de laatste vierenveertig jaar, wordt je coördinator en je leger. Als God een Italiaan was geweest, had hij Stefano geheten. Meer dan Stefano bestaat er niet. Stefano is de zoon. Franco heet de vader. Je gaat dealen met de mafia en de Camorra, besef je dat?”
“Jan, ik deal met de duivel als het moet, en dat bedoel ik met alle respect naar je vrienden. Als jij zo over hen opgeeft, moeten ze wel zeer bijzonder zijn. Ik sluit een pact met de duivel.”
“Geef mij je hand dan, want ik ben de duivel! We hebben een pact.”
Onder de pasta vroeg Vanny mij of zij het wel zou kunnen betalen. Zij vertelde mij dat zij tot vijftig miljoen Pond Sterling kon gaan in kleine opnames, in verband met de ‘money laundering’ wetten.
“Vanny, eet je fucking pasta. Je opponenten betalen mijn rekening. Ik check je uit van de week, al moet ik zeggen dat je goed voelt. Als dat checkt, Vanny gaat de bal rollen. Wij beginnen aan je wraak. Als dat met je honden niet was gebeurd, had ik het nimmer gedaan.”
De gedachte aan haar wraak, de gedachte aan moord maakte dat Vanny nu met smaak at. Het herinnerde mij aan Yvonne. Wat een genot om naar te kijken en wat een genot om voor te mogen koken. Vanny the Trophy Fanny.
Toen Vanny haar mond afveegde met het servet en zeer ondamesachtig boerde, vroeg zij: “Waar beginnen wij, Jan?”
“Het korte antwoord is, Vanny: jij biedt je aandelen te koop aan. Hier. In Engeland. We gaan de fucking geschiedenis herhalen. Jij vermoordt ze, goed?”
“Ja, ja, Jan, maar wat."
“Wat als je het niet kunt? Ik zal het je vertellen. Het zal voor je voelen alsof je het fucking zelf hebt gedaan. Het zal voelen als Stefano, het zal eruit zien als Renato. Het zal voelen en eruit zien als je complete wraak. Wij gaan dit ding doen. Einde verhaal, Vanny. Mag ik met je kut spelen, vannacht?”
Vanny keek op naar me alsof ik gevraagd had: “Zal ik je schoenen poetsen vannacht?”
“Dat meen je toch niet, Jan. Je zit gewoon te klootvegen, waarom dol je me?”
Ik lachte en zei: “Wel, ik dolde je ja, er moet wat ontspanning komen, maar het is niet zo dat ik iets doe, waar jij je verplicht toe zou moeten voelen. Dat doe ik nimmer. Ik ben een visueel mens, en als jij echt een katoenen slipje aan hebt, wil ik graag met je foof spelen.”
“Heb jij ook een katoenen slipje aan, Jan?” vroeg Vanny serieus.
Ik lachte.
In bed later merkte ik aan Vanny, dat zij verwachte dat ik gelijk in de aanval zou gaan. Zij had zich uitgekleed tot op een, inderdaad, katoenen slipje na. Dit was geen seksueel opwindend lichaam, dit was erotische kunst. Het leek wel een beeld van Alexandros van Antiochië van 130 jaar BC. Ik had met bewondering en verrukking naar haar gekeken. Seks was het laatste geweest waaraan ik had gedacht.
Vanny had in mijn arm gelegen, totdat ik vroeg: “Waarom huil je, Vanny? Voel je je goedkoop om met mij in bed te liggen, om je wraak te kunnen volvoeren?”
“Nee Jan, herinner je dat ik je zelf gevraagd heb, om te mogen blijven slapen. Ik vind het fijn om bij je te liggen. Ik had alleen graag gewild dat de omstandigheden anders waren geweest. Het voelt nu net of ik jou, met mij beloon. Ik verlang naar je, en niet een klein beetje, maar het voelt net, alsof ik niet oprecht naar je ben.”
“Nonsens, als je die verschrikkingen niet had meegemaakt, dan waren wij elkaar niet eens tegengekomen. Het is oorzaak en gevolg. Het is het leven. Okay foofie?”
“Dus ik hoef geen enkel rotgevoel te hebben dan?”
“Alleen wanneer je nu met een droge doos naast mij ligt,” pestte ik.
Vanny trok een gezicht, en nodigde mij uit: “Voel zelf maar.”
Ik bestudeerde haar gezicht voor een minuut, duwde toen lichtjes met mijn wijs- en middelvinger haar dijen uit elkaar en liet toen diezelfde twee vingers over de nu toegankelijke poot van de Y vorm glijden. Als ik ooit onder de impressie was geweest dat katoen waterdicht was, dan moest ik nu mijn eerdere indruk grondig herzien. Ik kon alle postzegels van een Zuid Amerikaanse republiek op het postzegelkussen van Vanny bevochtigen; Feitelijk hoefde er geen eens lijm op die postzegels te zitten. Hier moest ik echt meer van weten, dus ik trok het katoenen postzegelkussen opzij en onderzocht de bron van dat vocht.
“Jezus fucking Christus, Vanny. Je drijft zo door je eigen foof naar buiten. Mijn God, wat een zaligheid draag jij mee tussen die stapstokken van je. Nu begrijp ik dat ze je de Trofeedoos noemen. Waar haal je dat in hemelsnaam vandaan? Dat is het fijnste vingerkommetje waar ik ooit het genoegen van heb gehad, mijn vingers in te mogen dopen.”
Vanny kreeg zowaar een rood hoofd. Ze bloosde, en vroeg: “Vind je hem echt lekker, Jan?”
“Nou zeg, dat weet je toch zeker wel?”
Vanny zweeg even, en zei toen: “Je bent de eerste man na mijn man waar ik het bed mee deel. Dit ga jij niet geloven en dat verwacht ik ook niet, maar wanneer je straks bezit van mij neemt, zul je voor een verassing komen te staan. Ik moet je echt vragen om voorzichtig te zijn. Ik ben gistermorgen naar mijn arts geweest en ik heb mij wederom laten controleren. Mijn maagdenvlies is nog intact.”
‘Ja, en varkens kunnen vliegen,’ dacht ik.
“Er bestaat geen maagdenvlies, Vanny. Dat is een lukverhaal. Het is een ribbeltje dat door de wrijving kan gaan bloeden. Ik zeg kan, het hoeft niet eens. Als je paard gereden hebt, tampons hebt gebruikt, met speeltjes in de weer bent geweest, dan is het mogelijk dat je fysiek al geen maagd meer bent. Je zou dan enkel psychisch nog maagd zijn enne..., sorry Vanny, ik wil niet ongelovig lijken..., maar..., eh..., was daar niet je man, voor een paar jaar?”
“Is de beschrijving ‘tug- and blowjobs’, Jan? Hij had erectieproblemen. Poging tot penetratie zijn altijd mislukt. Dit is de waarheid, Jan.”
“Vanny, ik wil je echt geloven, maar ik zou de man niet zijn die je zocht, als ik dingen niet controleerde. Masturbatie, G-spot stimulatie, vibrator, sex-tools, how-a-fucking-bout it?”
“Je zult wel merken wat het voor mij doet, Jan. Test me, check me, en dan Jan..., geloof mij.”
“Spreid je benen, foof. Wijd!”
Vanny gehoorzaamde. Ik kon de lust, maar ook de angst op haar gezicht zien.
Nee, ik ben geen dokter, maar dit soort onderzoeken verrichtte ik beter dan welke fucking gynaecoloog dan ook. Vanny was nog maagd. Nu, had ik een probleem.
“Waarom heb je nooit een andere man gehad?”
“Ik denk dat ik te kritisch was en de mannen die ik wel gewild zou hebben, moesten mij niet. Verder was ik te druk met het bedrijf en later eisten mijn honden al mijn vrije tijd op. Het is er nooit van gekomen, en ik heb het ook eigenlijk nooit gemist, als ik eerlijk moet zijn.”
“Dan zul je het niet al te erg vinden, wanneer je het nog wat langer moet missen? Dat wil zeggen..., het in- en opvul gedeelte, want ik ga niet waar ‘no man’ ooit geweest is, Vanny. Te veel eer, wees er zuinig op.”
“Waarom Jan? Wat doe ik verkeerd…, wat is het? Wil je mij niet?”
“Fuck Vanny..., met recht fuck Vanny..., ik wil niets liever, maar jij wilt het nog even bewaren, foof. Blijf zo..., tot je leven weer op de rit is en je misschien een normale, goede man ontmoet. Het is het grootste geschenk dat je te geven hebt. Dat geef je toch niet in een nacht van passie aan een oude straathond zoals ik?”
“Het hoeft toch niet de enige nacht te zijn? Toe Jan, ik wil je, dat heb je zelf gevoeld. Je kunt mij niet zo laten liggen.”
“Dat doe ik ook niet, foof. Dat doe ik ook niet, maar dat bloemetje pluk ik niet. Je zult mij er later dankbaar voor zijn. Kom lieverd, laat mij er eens even bij, zodat wij een ‘lipmeeting’ kunnen arrangeren.”
Fanny sloot haar ogen en opende haar benen. Ik nam de positie in waar een kale man gewenst zou hebben, dat hij een petje droeg. Gelukkig ben ik nog niet kaal en Vanny opende haar ogen niet meer. Niet tot vlak voor de climax, toen was het met geloken oogleden en uit lust om het orgasme intenser te beleven. Maar dat was later...
Terwijl Vanny met haar ogen dicht, en mond licht geopend lag, ontmoeten in het zuiden, onder de heuvel van Venus, onze lippen elkaar. Alle zes. Vier ervan smaakten zoals ze eruit zagen..., als de lippen van een godin. Een Romeinse godin..., Venus. Terwijl mijn lippen die van Venus Vanny verkenden, zocht het puntje van mijn tong naar dat van haar. Een zucht uit haar mond vertelde mij dat ik het gevonden had, maar ook zonder die ademtocht had ik dat wel geweten. ‘Mijn Tong Tong navaginator’ gaf mij feilloos de richting aan, zodat ik bovenop de tovertip terecht kwam.
Zonder te overdrijven kan ik stellen dat ik redelijk goed van de tongriem gesneden ben, en door mijn verblijf op de ‘datingsites’ ben ik tegen wil en dank bekend geraakt met bepaalde danstechnieken. Terwijl het oreren met dubbele tong een aanvang nam, besloot ik voor een linguale Salsa. Ik zette het ritme op een haalbare ‘hundred beats per minute’, en het dansen nam een aanvang.
Alles draaide hier om een geslacht, daarom was het verwonderlijk dat er een vervaging der geslachten, gedurende het dansen optrad. Normaal zou mijn mannelijke tong moeten leiden, waarbij het vrouwelijke zintuig daaromheen danste. Echter mijn tong werd nu geleid door het puntje van Vanny’s tong. Vreemd, maar het maakte niet uit, want het werkte perfect. Gedurende de danspassen werd het statische, nu harde topje omcirkeld door de punt van de hartstochtelijk, maar elegant bewegende tong. Bij iedere vijfde ‘breakstep’ werd het tipje van de statische tong volop geraakt door de vurig dansende tong, wat een kreunen aan Vanny’s, nu wijder geopende, mond ontlokte.
Ik pakte Vanny’s handen en bevochtigde haar vingers met mijn handen die tot nu aan toe de dansvloer hadden verkend. Daarna legde ik haar handen op haar ‘titty-commitee’ en manipuleerde haar natte vingers zo, dat die haar T-spots beroerden. Onmiddellijk begon zij haar heupen te bewegen, zodat de drijfnatte dansvloer nu tegen mijn kin wreef. Vanny wist wat zij wilde, maar zij wist niet wat ging krijgen.
Mijn vingers namen hun plaats bij de drijfnatte dansvloer weer in. Daar de opening in de dansvloer taboe voor mijn vingers was, zette ik de top van mijn middelvinger op de nagel van mijn wijsvinger, zodat ik een wig creëerde. Terwijl de dans der tongen onverminderd voortging, hielden onze zes lippen een eindeloze, geluidloze dialoog. Doordat mijn kin de ingang naar Vanny’s paradijs afschermde, vond mijn nieuw gevormde wig snel zijn weg maar de achterdeur, waar de vloer ook al doordrenkt was.
Ik liet Vanny voorzichtig duwen zodat de drijfnatte wig, zodra het breedste punt door de achterdeur was, naar binnen schoot.
“Jan,” kreunde Vanny.
Ik liet de wig tot zijn normale, smallere proportie terugkeren, zodat de zoete pijn in de achterdeurpost nu een zoet genot werd. Ik merkte aan Vanny dat zij muteerde in een bom, die er op wachtte om te exploderen. Ik moest dus snel zijn om haar het genot te geven, dat ik haar gunde. Ik zette de Salsadansende tongpuntjes en de zes lippen op autopiloot, terwijl mijn vingers zich nu kromden en de noordelijke scheidingswand tussen de achteruitgang en de ‘tunnel of love’ hard omhoog duwden, tot ik vaag een verdikking voelde. ‘G Gevonden,’ glibberde het geluidloos uit mijn mond.
Terwijl de dansers nu aan de finale van hun opvoering kwamen, begon ik de verdikking te stimuleren. De top van mijn tong raakte nu de tovertip iedere drie ‘breaksteps’ Ik denk dat Vanny de ‘beats’ probeerde op te voeren door aan de zuigdotten van haar ‘ta tas’ te draaien. Ik voerde de druk en de massage hard op en dacht: ‘ZUMBA, rot op met je fucking Salsa, ik ben geen fucking rum of tequila sombrero fucking bailarino. Ik minet je zoals ik het geleerd heb, dus ik lik die kriebelspier uit je kier, en vreet die tussen je dijen vandaan’!
Ik voegde de daad bij het woord en zette nu het eindoffensief in. Alles in Vanny’s onderlichaam spande zich, haar schokkende dijen omsloten mijn hoofd en mijn vingers zouden niet eerder vrijkomen dan dat dit seksuele geweld over was, Vanny’s hoofd viel nu achterover op het kussen, haar mond opende zich... om de schreeuw van het ontglippende orgasme prijs te geven, terwijl haar foof ook van het één en ander afstand deed. Mijn kin afvegen was zinloos en een slabbetje had minstens de grootte van een badhanddoek moeten hebben.
De Salsa dansers aan de kant vegend, want de genottop was nu toch te gevoelig, likte ik de poortdeuren naar het verboden paradijs en bleef met mijn vingers de A en G coördinaten onder vuur houden.
De tweede keer dat Vanny de hemelse boodschap tussen haar dijen uitspuugde, was het orgasme totaal, en finaal. Ik trok mijn hoofd net op tijd weg, kwam naast haar liggen, kuste haar mond en hield haar convulsief schokkende lichaam in mijn armen.
Een kwartier later vroeg Vanny: “Mijn God, Jan, wat was dit? Is echte seks nog beter dan dit?”
“Dat kan het zijn monster, meestal is het dat niet. Het is zoals met alles, je moet weten wat je doet. Voel je je goed, foofie?”
“Goh Jan, ‘never better’. Als je met alles zo goed bent, zie ik mijn toekomst rooskleurig in.”
“Daar houden wij het dan maar op. Draai je om en kom tegen mij aan liggen, maar houd je reet stil, want de achterdeur staat nog op een kier en ik ben niet van steen.”
“Kunnen we niet...?”
“Neeeeee, we hebben tijd zat!”
Bijna twee weken later bevonden wij ons in Vanny’s villa, die op een landgoed even buiten Wye, vlakbij Ashford in Kent, lag. De afgelopen tien dagen hadden ons beiden goed gedaan. Afgezien van het slaapkamergeweld, waar Vanny echt het nodige geleerd had, was het fantastisch geweest om in haar gezelschap te mogen verkeren. De autorit van Amsterdam naar Wye was een droomreis geweest.
Nadat zij eenmaal haar draai met mij had gevonden, bleek zij afgezien van intelligentie, ook over een gevoel voor humor te beschikken, dat ik alleen nog maar bij Judith gevonden had. We aten, dronken en winkelden. Ja, wij winkelden… Mij, die ze ontvoeren moesten om te gaan winkelen met een vrouw, genoot nu om haar aan het werk te zien in de ‘snobshops’. Het personeel en eigenaars in de PC Hooftstraat, waar ze toch echt wel iets gewend waren, ook al bestond hun grootste clientèle dan uit klasseloze BN parvenu’s, bogen achterover dubbel om het Vanny naar de zin te maken. Hoewel ik haar de laatste tien dagen had ervaren als de meest vriendelijke en zachtmoedige vrouw..., Vanny kon ook een arrogant pestsecreet zijn, maar dat wisten wij al. Nu weten ze het in de PC Hooftstraat ook.
Terwijl Vanny even snel voor tweehonderd ruggen modegoed en merkbling bij elkaar schoffelde, stond ik erbij in een ouwe spijkerbroek en een leren jack. Ik werd geduld door de verwijfde, uitbatende snobgobs, omdat ik de rekeningen betaalde…, met driehonderdduizend euro die Vanny mij eerder gegeven had die morgen. Wat een klassedot, hè?
Wie gaat er nu in godsnaam de stad in met driehonderdduizend euro cash bij zich? Vanny, ik en de twee gewapende ex-smerissen, die ook de pakjes droegen, want dat mocht ik weer niet van Vanny.
De tijd bij Vanny thuis was omgevlogen. Overdag logden we in op de Amerikaanse systemen om de boekhouding door te nemen. Het was duidelijk dat er afgeroomd werd in het bedrijf. Teveel facturen van dummy factuurleveranciers. We contacten de leveranciers via Internet proxyservers en vroegen een offerte voor hun ‘diensten’. Het bleek al snel dat we een schatting konden maken dat het Amerikaanse bedrijf ongeveer veertig procent van de winst afroomde.
Dat geld moest dus ‘gelayerd’ zijn in één van de belastingparadijzen zoals de Bahamas, Bahrain, de Kaaiman Eilanden, Hong Kong, Antillen, Panama, Jersey, Guernsey, Singapore, Andorra, Liechtenstein of Luxemburg. Zwitserland was uitgesloten, want dat land had nu speciale verdragen met de United States.
Dit maakte het bedrijf fiscaal minder waard dan het in werkelijkheid was, maar dat zou voor Vanny alleen maar gunstig blijken. We werkten uit dat er ongeveer honderd miljoen dollar ‘gelayerd’ was, wat het bedrijf zo’n honderdzestig miljoen dollar waard maakte. Dit waren ruwe, maar minimale schattingen. De werkelijke bedragen konden nog wel tien tot vijftien procent hoger liggen.
Ik was met Vanny overeengekomen dat mijn commissie betaald zou worden, wanneer ik er in zou slagen het Amerikaanse bedrijf op haar naam te zetten, het ‘gelayerde’ zwarte geld tevoorschijn te toveren en Vanny haar wraak te laten volvoeren.
Mijn aandeel zou betaald worden uit het zwarte geld, dat nu in de banken was ‘gestashed’. Vanny zou dus niets uit haar eigen middelen hoeven te betalen en het zwarte geld was normaal voor haar verloren geweest, evenals het Amerikaanse bedrijf. Wij kwamen overeen dat ik de helft van het zwarte geld zou ontvangen, met een minimum bedrag van vijftig miljoen dollar.
Vanny was extatisch van blijdschap en opwinding geweest. Zij had er keer op keer op aangedrongen dat ik al het zwarte geld zou behouden, plus een commissie van vijftig miljoen van zichzelf. Het ging haar om de wraak had ze mij steeds gezegd. Ik had steevast geantwoord: ‘De wraak komt in ieder geval, daarna heb je het geld en de Yankenwinkel als bonus. Je arme vader heeft er hard genoeg voor gewerkt. Hij zou het niet anders gewild hebben, geloof me, muffie.’
Toen wij het daarover eens waren, had ik naar Brescia en Napels in Italië, gebeld om mijn vrienden te vragen of zij zin hadden in een kleine vakantie in Kent, Engeland.
“Wat voor wapens moet ik mee laten komen, Zio?” had Stefano mij lachend gevraagd.
“Hoeveel man moet ik meebrengen, Zio? Is het goed als ik Flavio als lijfwacht meeneem? Uw kleine vakanties hebben de vervelende eigenschap om groots uit de hand te lopen,” informeerde Renato dollend.
Ik had hen uitgelegd dat ik eerst alle feiten moest kennen. Die zou ik hen doorgeven, zodat zij mij hun mening en suggesties konden geven, ook al wist ik dat Stefano en Renato mij blindelings vertrouwden. Stefano, het liefste wat ik op deze aarde bezat met als goede tweede nu Renato, de man van Pam. Pam, Renato, alles was met de wraak van Pam begonnen. Ik glimlachte toen ik aan mijn vrienden en onze eerdere avonturen dacht.
“Wil je koffie, Jan?”
Mijn glimlach verdween, want Vanny’s vraag bracht mij terug uit mijn euforie.
“Graag lieverd. Dat is Italië geregeld, nu komt het moeilijkste gedeelte.”
“Hoezo Jan? Kan ik helpen?”
“Nee monster. Je man heeft locale hulp gehad, toen hij je honden liet afmaken. Hij moet minstens vier man bij zich hebben gehad. Drie voor de verdovingsgeweren, want de honden hebben nimmer tijd gehad om behoorlijk aan te slaan. Minimaal één of twee die op de uitkijk bleven, en de aftocht dekten. Dat vertelt mij dat het een organisatie is. Mogelijk een groep van Londense gangsters, uiteindelijk is geld geen probleem voor je ex.
Ik moet eerst weten wie die groep is, voordat wij ons blindelings ergens instorten. Ik ga eens wat knoppen indrukken hier. Ik denk dat ik nog wel wat krediet bij de Serious Organised Crime Agency los kan frummelen. Ik heb alleen het fucking telefoonnummer niet meer.”
“Wat is de Serious Organised Crime Agency?”
“Het bureau dat dealt met de zware georganiseerde misdaad.”
“Jij werkt met de politie ook?”
“Ik laat mij assisteren door wie dan ook, wanneer ik met dit soort vuil te maken krijg. Dit is ‘trash’ Nee, ik wissel diensten uit, maar ik heb nimmer iemand verraden. Voor deze psychopaten werk ik met Beëlzebub om inlichtingen te krijgen. Ik zal wel een wederdienst moeten verrichten, maar uiteindelijk ben ik de duivel,” lachte ik, en pakte mijn mobiel.
“Willy Bell here?”
“Mister Bell, how are you doing?”
“JAN!, Hoe is het, oude Hollandse gangster?” vroeg mister Bell verrast.
“Goed wel, ik hoop dat het met u ook goed gaat?”
“Aye, wat kan ik voor je doen, Jan?”
“Mister Bell, ik heb een gunst van u nodig.”
“Go!”
“Kunt u mij laten bellen door dezelfde directeur van de Serious Organised Crime Agency, die ons indertijd geholpen heeft met het probleem Siobhán?”
“Ik kan hem bellen en vragen, maar ik kan niets garanderen. Kan ik hem een wortel aanbieden?”
“Ja, hoogstwaarschijnlijk een Londense misdaadorganisatie, die misdaden plegen in opdracht voor rijkelui.”
“Dat klinkt interessant. Geef mij je nummer maar, Jan.”
Ik gaf mister Bell mijn mobiele nummer en wij namen afscheid.
Een kwartier later werd ik gebeld.
“Is dit een schone lijn, Jan?” vroeg de directeur van de Serious Organised Crime Agency mij.
“Het is een prepaid, die ik iedere week vernieuw. Deze is nog niet gebruikt.”
“Right, kun je mij vertellen waar het om gaat, Jan?”
Ik deelde de directeur het hele verhaal in one-liners mee. Ik vertelde hem dat wij hoogstwaarschijnlijk met een Londen’s misdaadsyndicaat te maken hadden, die hand en spandiensten verleenden aan de rijken.
“Er zal hoogstwaarschijnlijk een link naar Miami, Florida lopen.”
“En als bonus zijn er twee Britse onderdanen die zich schuldig maken aan witwasserij?”
“Nee, die komen te vervallen, directeur. Maar wat die witwasserij betreft, daar heeft het United Kingdom toch geen jurisdictie.”
“Ik begrijp het, Jan. Een covert operatie op Brits grond gebied, die je mij niet alleen vraagt te sanctioneren, maar je wilt ook dat ik je erbij assisteer. Zullen er ‘lichamen’ zijn?”
Ik aarzelde.
“Één ding, heb je wapens het land ingebracht?”
“Alleen mijn eigen Sig Sauer P226 Combat TB.”
“Goed, dat heb ik dus niet gehoord. Ik ga mijn best doen. Je hoort van mij, of je nieuwe ‘handler’ Ik ga nu de Home Office om toestemming bellen.”
“Handler?”
“Je denkt toch niet dat je vrij mandaat krijgt hier, hè? Jij bent een wandelende kabinetscrisis. Hahaha,” lachte de directeur en belde af.
Vanny en ik zaten aan de lunch toen ik weer op mijn mobile gebeld werd. De directeur van de Serious Organised Crime Agency.
“Weet je ‘Spookhouse’ te vinden?”
“MI5? Dat is toch Thames House in London?”
“That’s the one. Zorg dat je daar om tien uur morgenochtend bent. Je kunt de vrouw meenemen, maar dan moet ze de Official Secrecy Act ondertekenen. Je hebt een afspraak met de Assistant Director General John Holborn. Laat mij geen figuur slaan, Jan.”
“Assistant Director General John Holborn. Tien uur. Spookhouse,” bevestigde ik, “No way, director! I’m ever so grateful. Kan ik u een diner aanbieden wanneer dit over is?”
“Ik kan niet met criminelen gezien worden, Jan. Hahaha. Ik zoek je wel een keer op in Holland, als dat goed is.”
“U zult mijn gast zijn, en het zal mij een voorrecht zijn, directeur.”
Vanny zat met open mond en keek alsof ze water zag branden. Ze zei: “Jij kent de directeur van de Serious Organised Crime Agency en als ik het goed begrepen heb, dan heb je nu morgen een afspraak met de Assistant Director General van MI5? Waar raken wij in verzeild, Jan? Wie ben jij in hemelsnaam?”
“De duivel,” lachte ik, “Kom, laten we verder eten voordat alles steenkoud is.”
Die avond was Vanny erg stil. Op een gegeven moment kroop ze tegen mij aan op de bank. Ik vroeg: “Wat is er foofie?”
“Ik ben bang, Jan. Als ik mijn wraak uitvoer dan weten alle instanties daarvan, in het gunstigste geval. In het slechtste geval word ik later opgehaald.”
“Nee monster, niemand weet van jouw wraak af. Althans geen instanties. Iedereen denkt dat het is om het Amerikaanse bedrijf en het zwarte geld terug te krijgen. Dat is jouw goed recht na de moord op je vader en het afslachten van je honden, hetgeen de dood van je moeder tengevolge had. Geloof mij, niemand maakt zich druk om jou, en zo ze mij al zullen helpen, zal mijn tegenprestatie zo groot en ‘gevoelig’ moeten zijn dat MI5 zich niet kan veroorloven, dat dit ooit uitlekt. Het zijn geen filantropen. Ook kunnen zij geen ‘covert’ operatie van buitenlandse gangsters op Brits grondgebied sanctioneren. Nee, heb een beetje vertrouwen, lieverd. Morgen zit je overal bij, en als je je bedenkingen hebt, dan laten we het afweten.”
“Nee, dat nooit! Ik vertrouw je, Jan. Ik ben hier alleen niet zo aan gewend, dat is alles,” zei Vanny verontschuldigend, terwijl ze mij omhelsde.
De volgende morgen zette de taxi ons af bij Thames House op Millbank. Ik had mijn auto in Dartford gelaten, zodat ik niet voor parkeerproblemen zou komen te staan. Ook had ik mijn Cartier bril in het handschoenenkastje van de auto laten liggen en een normale bril met een plastic montuur opgezet. Het waren ‘spy-glasses’ die je nu overal voor zo’n tweehonderdvijftig euro kon kopen. Ik had echter de glazen er in laten zetten, met de sterkte die ik nodig had. Het signaal van de videocamera die in de bril verborgen zat, werd via een draadloze Bluetooth verbinding naar mijn horloge uitgezonden, dat genoeg SD geheugen bezat voor vierentwintig uur video. Het Bluetooth signaal dat normaal tien meter reiktte, had ik laten knijpen tot twee meter, zodat andere Bluetooth apparatuur niet konden ‘pairen’.
“Waarom doe je een andere bril op, Jan?” vroeg Vanny.
“Ik moet nog nieuwe dubbelfocus glazen in mijn Cartier bril laten zetten, maar daar heb ik nog geen tijd voor gehad. Ik ben te ijdel om normaal met een plastic bril op te gaan lopen, maar nu kan het niet anders. Ik wil niets missen en deze bril is op de juiste sterkte. Ik ben nogal goed in het ondersteboven lezen van documenten. Je weet maar nooit waar dat goed, of nodig voor is, vooral bij MI5,” loog ik, om Vanny niet ongerust te maken.
De receptionist bekeek ons ongelovig toen ik hem zei dat wij door de Assistant Director General Holborn verwacht werden. Aarzelend pakte hij de telefoon, toetste een nummer in en sprak een paar woorden. Een seconde later legde hij de hoorn op, en vroeg: “Als u Jan uit Holland bent, mag ik dan uw paspoort zien?”
Ik gaf hem mijn paspoort. De receptionist bekeek het alsof ik het zelf had gemaakt. Hij toetste weer een paar nummers in zijn telefoon en sprak: “A Dutch gentleman and company to see the Assistant Director General. Passport checks out.”
“U wordt beiden zo opgehaald, mister Ter Haak.”
Ik voelde dat wij bekeken werden op een paar monitoren. Fucking spooks. Inderdaad, een paar minuten later werden wij opgehaald door twee interne spooks, die ons meenamen naar een kamer. Hier werden onze documenten grondig gecontroleerd en daarna werden er twee pasjes voor ons gemaakt, die we op onze borst moesten bevestigen. Bij mij was dat vrij eenvoudig, maar bij Vanny lag het iets complexer.
“May I assist you, madam?” vroeg één van de MI5 employees.
“No, you’re okay,” zei ik lachend en bevestigde het pasje boven Vanny’s ‘titty committee’
Hierna liepen wij een hal door en stopten bij een privé-lift. De beambte haalde een sleutel uit zijn zak en stak die in een slot naast de liftdeur. Toen hij de sleutel omgedraaid had, legde hij zijn hand op een perspex plaat. De lift opende.
Wij stonden zolang in de lift, dat ik verwachte Sint Pieter te zien toen wij uitstapten, maar nu ging alles ineens erg snel. We werden weer in een vertrek gebracht, waar alles nog eens gecontroleerd werd. Wij moesten al onze bezittingen hier achterlaten. Ik deed mijn rugholster met de Sig Sauer af en legde die op tafel. Niemand blikte of bloosde. Daarna werden wij gefouilleerd door een MI5 setje. Wat een belevenissen voor een maagd en een oude pooier. MI fucking Five.
Net als in de moderne dokterspraktijken in het Verenigd Koninkrijk, werden wij hier ook opgehaald door de dokter zelf. In dit geval de Assistant Director General, John Holborn. Hij stelde zich aan ons voor en nodigde ons uit in zijn kantoor te komen.
Kantoor. Er zaten nog drie mannen in het kantoor van de Assistant Director General. We keken over heel Londen heen. Op supergrote LCD wandschermen dan, want de ramen waren gepantserd en gescreend, om computer ‘noise’ binnen te houden. Dit was de ‘Bees fucking Secret Knees’ Dit was waar ‘all the power’ van de halve wereld zetelde. Er was wel het één en ander veranderd sinds Ignatius de Loyola de fundering legde voor de Geheime Diensten.
De Assistant Director General stelde ons voor aan Tim Haines, de Directeur van de Serious Organised Crime Agency, die bulderde: “Zo Jan, eindelijk ontmoeten wij elkaar dus. Wel, het is mij een genoegen en anders dan ik, ben jij in goed gezelschap. Hahaha! Aangenaam miss Fraser.”
De tweede man, die een gezicht had alsof hij de hele dag azijn dronk, kon ik al. Het was de Assistant Collector van HM Revenue and Customs. (Douane en Belastingen. Het machtigste apparaat in Groot Brittannie) Wij mochten elkaar helemaal niet, maar waren genoodzaakt geweest om samen te werken, en elkaars gezelschap te verdragen. Wij schudden elkaar de hand, waarna ik zei: “Vanny, meet Richard Blackburn, the Assistant Collector of HM Revenue and Customs.”
“Pleased to meet you, Sir,” zei Vanny beleefd, toen zij en de Assistant Collector elkaar de hand schudden.
“Jan, miss Fraser, dit is Ronald Clarke,” zei de Assistant Director General, de derde man introducerend, “Mister Clarke is de Deputy Assistant Commissioner van de Special Branch.”
‘Fuck sake,’ dacht ik, terwijl ik Ronald Clarke’s hand schudde, “Nu nog Chief Sir John Scarlett van fucking MI6, en de hele misjpooche is compleet.”
“Ik geloof dat Assistant Collector Blackburn je iets te zeggen heeft, Jan,” zei de Assistant Director General John Holborn.
“Jan, ik wilde zeggen dat ik mij onbeschoft heb gedragen in Glen Eagles Hotel, de laatste keer. Ik wilde daar mijn excuses voor maken en ter compensatie, wilde ik je dit aanbieden,” zei Assistant Collector Richard Blackburn, terwijl hij naar de Assistant Director General van MI5 knikte.
John Holborn drukte wat knoppen in op zijn computertoetsenbord en het beeld van Londen vervaagde op de panelen. Even later zag ik een vrouw met een kind op het beeld verschijnen. Silvana met mijn dochter op haar arm. De strop rond mijn nek werd weer aangetrokken, toen Silvana begon te spreken.
“Dag Jan, ik hoorde te laat dat je in Engeland was en ik kon je niet meer op tijd ontmoeten. Is alles goed met je, lieve Jan?”
“Ja Silvana,” sprak ik met verstikte stem, “Hoe is het met jou?”
“I’m cool, Jan. Mijn condoleances met de dood van je vriend Franco. Het spijt mij oprecht. Groet Stefano van mij. Hier is Franca, wordt zij niet groot? Franca, zwaai naar pappa.”
Het kind haalde haar duim uit haar mond en zwaaide aarzelend naar de camera. Geheel in strijd met de harde Britse traditie van een ‘stiff upper lip’ houden, liepen nu de tranen over mijn wangen. Gelukkig hadden de drie autoriteiten het fatsoen om niet naar mij te kijken, al had het mij eigenlijk geen ‘flying fuck’ uitgemaakt. Vanny pakte mijn hand, toen ik stamelde: “Dag Franca, krijgt pappa een kus?”
Het meisje smakte naar de camera.
“Jan, ik krijg door dat ik af moet gaan breken. Ze hebben de verbinding nodig. Jan, Franca en ik houden van je. En Jan...?”
“Ja Silvana?”
“Let op met die vier slangen daar. Laat je er niet inleggen. John Holborn is de ergste. Let op hem!”
“That isn’t very nice, Silvana,” zei Jon Holborn van MI5.
“Well, fuck you too then, John fucking Holborn.”
Het beeld begon te vervagen.
“Be good, Silvana!” schreeuwde ik nog, maar het scherm liet Londen alweer zien.
“Het spijt mij wat Silvana zei, John,” zei de Assistant Collector Richard Blackburn.
“No problem, Richard, ze heeft ook alle redenen om niet groots met ons te zijn,” zei de Assistant Director General terwijl hij de zoemende telefoon oppakte, en luisterde.
“Goed,” sprak de Assistant Director General, een stapeltje documenten pakkend, “Zo er tot een operatie besloten wordt tijdens deze meeting, zal deze operatie ‘DOUBLE EAST’ gaan heten. Voordat wij tot de bespreking overgaan, moeten alle Britse aanwezigen, mijzelf incluis, een ‘Addendum to the Official Secrecy Act’ ondertekenen, daar dit een zeer ongewone operatie betreft. Miss Fraser moet daarnaast ook de standaard ‘Official Secrecy Act’ onderteken.”
Ik voelde Vanny in mijn hand knijpen en ik dacht na in recordtempo. John Holborn van MI5 deelde de documenten uit. Terwijl alle aanwezigen het document nalazen, schoof ik de twee documenten van Vanny terug naar de Assistant Director General, en zei: “Ik sta niet toe dat miss Fraser deze documenten ondertekent.”
“Jan, het is een formaliteit, een standaardprocedure,” zei Tim Haines, de directeur van de Serious Organised Crime Agency.
“Het is een standaardprocedure voor een ieder die in dienst is van, of verbonden is aan HM Government. Miss Fraser is dat niet, noch is dit een standaardoperatie.”
“Wij moeten een garantie hebben dat miss Fraser nimmer openbaar maakt, hetgeen hier besproken wordt,” volhardde de Assistant Director General.
“Ik ben de garantie. ‘My word is my bond’. Vraag de Assistant Collector hier, hoe goed mijn woord is. Dat is één. Twee, als miss Fraser ooit bepaalde uitlatingen zou doen, dan staat zij alleen, omdat wij het allemaal, mijzelf incluis, zullen ontkennen. Drie, het zou alleen maar verdachter zijn als ooit een door miss Fraser een ondertekende kopie van de Official Secrecy Act geproduceerd zou worden. Een gewone burger? Waarom was zij betrokken bij een ‘covert’ operatie? Vier, ik sta niet toe dat miss Fraser gelinkt wordt aan een operatie die nog veel gevoeliger, en zeker duivelser, is dan onze mogelijke operatie.”
“In dat geval moet ik miss Fraser verzoeken, ons alleen te willen laten. Er is een kantine…”
“In datzelfde geval ga ik mee naar de kantine.”
De Assistant Director General keek verbaasd, terwijl alle andere aanwezigen, behalve Vanny, glimlachten.
“Maar dan gaat je hele operatie niet door.”
“Die van jullie ook niet, of denkt u dat ik achterlijk ben?”
“Ik snap niet waar je op doelt, verklaar je nader,” nodigde het hoofd van MI5 uit.
“In het bijzijn van miss Fraser?” vroeg ik liefjes.
“Don’t push it, wiseguy. Je hebt uiteindelijk met een illegaal het land ingebracht wapen, een regeringsgebouw betreden.”
‘Oops,’ dacht ik, maar zei: “Daar zit ik niet zo erg over in. De Assistant Collector zal mijn optimisme wel toe kunnen lichten.”
De Assistant Collector knikte naar de Assistant Director General en zei: “Zie daar maar vanaf, John. Dat wordt een non-starter.”
“Okay, we beginnen opnieuw,” zei de Assistant Director General, “Wat is volgens jou de tweede operatie dan?”
“Dat weet ik nog niet. Dat verneem ik mogelijk straks wel. Het punt is dat voor een operatie, zoals door mij gevraagd alleen de Home Office, de Serious Organised Crime Agency en héél misschien de Special Branch wetenschap hoeven te hebben. Nou, mijn stomme vraag is nu: ‘Wat heeft MI fucking Five en HM Revenue and Customs hiermee te maken’ Ik zal het zeggen, MI5 is er om op toe te zien dat mijn mensen en ik de tweede operatie uitvoeren zoals gewenst, en verlangd, door MI5. Zeg maar dat ik het verkeerd heb.”
Directeur Tim Haines van de Serious Organised Crime Agency begon te bulderen van het lachen, en zei daarna: “Ik heb je gewaarschuwd om hem geen verhaal te vertellen, John. Hij is slimmer dan wij hier allemaal bij elkaar. Kom, laat de man in zijn waarde en laat de vrouw hier blijven. Het is precies zo als Jan al zei. Het wordt alleen maar verdachter door ooit een door haar ondertekende verklaring te produceren, en wat kan een vrouw alleen bewijzen? Laten we spijkers met koppen gaan slaan, zal ik beginnen?”
De Assistant Director General zuchtte en knikte en de Directeur begon te spreken.
“Toen jij met je verzoek gebeld had, heb ik onmiddellijk de Home Office gebeld en hen om toestemming gevraagd. Een half uur later werd ik teruggebeld met het verzoek om contact met Deputy Assistant Commissioner Ronald Clarke van de Special Branch en MI5 op te nemen. Dat heb ik gedaan en dit is wat ik hoorde,” zei de Directeur en gaf het woord aan de Commissioner Ronald Clarke van de Special Branch.
“Sectie 12 van de Special Branch onderzoekt al jaren de criminele activiteiten van twee broers in de Eastend van Londen. Terwijl zij zich in de negentiger jaren bezig hielden met protectie en de financiering van drugs en sigarettensmokkel, in de jaren tweeduizend deden ze een paar stappen omhoog op de ladder. Ze gingen met Polen en Bulgaren werken, om hen contracten uit te laten voeren voor de onderwereld.
Het was moeilijk om via informanten aan gegevens te komen, want de Polen en de Bulgaren hielden zich niet op in de criminele scène van Londen. Zij bliven op zichzelf en bemoeien zich niet met Britse criminelen, anders dan de twee broers. We hebben al een paar arrestaties verricht onder de Bulgaren en Polen, maar die praten niet. Zij nemen hun straf en krijgen een vergoeding doorbetaald voor de tijd dat zij gedetineerd zijn. Wanneer ze praten, worden ze zelf vermoord. We komen niet verder met ze.
We hebben al een paar keer dummyklanten naar de broers gestuurd, maar ze werken alleen op recommandatie. Ze zijn werkelijk ongelofelijk sluw en voorzichtig. Wij zijn in tien jaar geen stap verder gekomen, maar dat is het ergste niet. MI5 is ook in de broers geïnteresseerd, maar om een heel andere reden.”
Commissioner Ronald Clarke zweeg en gaf het woord aan de Assistant Director General, Jon Holborn.
“Zoals je weet houdt MI5 zich ook bezig met het verzamelen van inlichtingen met betrekking tot terrorisme. Sinds kort weten wij dat de broers in onderhandeling zijn met een paar schatrijke Saudi-Arabieren. De Arabieren willen dat de broers, dus de Polen en Bulgaren een serie van kleinere aanslagen gaan plegen uit naam van Al Qaida. Dit is om paniek onder de Londenaren uit te laten breken. De broers zijn gewetenloos en doen alles voor geld. Je begrijpt dat wij dit niet kunnen tolereren. We moeten er iets aan doen, zonder dat het spoor naar ons wijst.”
“En waar kom ik in dat verhaal voor?” vroeg ik sceptisch.
Commissioner Ronald Clarke nam het woord weer: “Toen wij van de directeur van de Serious Organised Crime Agency hoorden hoe de honden van miss Fraser waren afgeslacht –I’m sorry, miss Fraser- konden wij met vijfennegentig procent zekerheid vermoeden, dat dit een contract was dat uitgevoerd was door Phil en Grant?”
“Phil en Brant,” vroeg ik ongelovig, “Als in de serie Eastenders?”
“Ja,” zei de Commissioner, “Zo worden ze genoemd, omdat één van de twee Phil heet en omdat het Eastenders zijn.”
De Assistant Director General van MI5 nam weer over: “Als wij de link van Phil en Grant naar de ex-man en ex-schoonvader van miss Fraser kunnen bewijzen, dan heb je wat ons betreft vrij mandaat. Vrij mandaat op voorwaarde dat we de broers... zullen wij zeggen... voorgoed verliezen. Er mag niets van hen teruggevonden worden. Wat denk je, Jan?”
“Ik zal u zeggen wat ik denk, maar eerst wil ik weten wat mijn garantie is dat die link inderdaad bestaat, als u mij dat zegt.”
“Mijn woord!”
“Nou, daar kan ik dus niets mee, en ik zal u gelijk vertellen waarom. Het verhaal dat u mij net verteld heeft, is een lulverhaal. O, die broers zullen wel bestaan, en ik heb geen enkele reden om aan het woord van de Commissioner te twijfelen, maar u probeert mij weer een ‘shitstory’ om mijn nek te hangen. Ik denk dat u daarmee moet stoppen, mister Holborn. Blijf mij onderschatten en ik laat de ex-familie van miss Fraser in Amerika aanpakken. Ik ken links en rechts nog wel een paar blikken met vrienden opentrekken, die mij een gunst zijn verschuldigd.”
Nu mengde de directeur van de Serious Organised Crime Agency zich in het gesprek: “Jan, je weet dat ik je graag mag en dat ik je principes bewonder. Wat is je reden om de uitleg van John Holborn te betwijfelen?”
“Wanneer de Assistant Director General mij toestemming geeft om te praten, dan leg ik het uit, maar leuk wordt het niet.”
Iedereen in het vertrek, zelfs Vanny keek mij verwonderd aan, maar de Assistant Director General haalde zijn schouders op, en zei: “Ga je gang, Jan. Ik leer ook graag nog iets.”
“Saudie-Arabieren die aanslagen in Engeland willen laten plegen, rekt mijn voorstellingsvermogen wel bijzonder ver uit, Assistant Director. Zoals wij allemaal weten, zijn de Saudi-Arabieren Wahabieten, ofwel volgelingen van het Wahabisme. Dit is een stroming in de Islam die in de achttiende eeuw werd gesticht door Mohammed ibn Abd al-Wahhaab op instigatie van de Illuminati. Dit was een verkettering in de Islam die de Britten nodig hadden, om tweedracht in diezelfde Islam te zaaien.
Waarom was dat belangrijk? Wel, het diende om de Arabieren tegen hun Turkse overheersers op te zetten. Aangezien het volgens de Koran verboden is voor een Moslim een andere Moslim te bevechten, moest er een splitsing in de Islam plaatsvinden. Om een lang verhaal kort te maken, de Saudi’s worden sinds de achttiende eeuw gecontroleerd door Groot-Brittannië en meer recent door de Illuminati.
Het zijn –al is dat dan niet openlijk- de trouwste paladijnen van Groot-Brittannië, Amerika en de Illuminati in het bijzonder, omdat zij allemaal dezelfde belangen nastreven.
Als aardige kanttekening dit: de moslim terrorist die zichzelf opblaast om terreur te veroorzaken, krijgt zijn opdrachten van hogerhand. Hoe hoog? Wel, uiteindelijk van de top, en de top is de Illuminati in de Islam. Uw verhaal rammelt aan alle kanten, Assistant Director. Behandel mij niet als een ‘dumbfuck’ en belangrijker, behandel mensen die u respecteren, niet als idioten.”
Ik merkte dat Vanny haar adem inhield. Ik zag dat iedereen de Assistant Director General vragend aankeek, die een moment nadacht en toen zei: “Nu weet iedereen waarom het ondertekenen van het Addendum zo belangrijk was. Mijn complimenten, Jan. Ik heb je zwaar, maar dan ook zwaar onderschat. Je bent goed, lad! Kun je ons ook vertellen hoe het volgens jou dan wel zit? Dat bespaart mij de schaamte om te moeten vertellen, hoe het werkelijk zit.”
Iedereen keek mij nu aan en het was duidelijk dat ze van mij verwachtten, dat ik nu de Assistant Director General’s werk deed. Als mijn verhaal niet juist was, dan creëerde dat voor hem weer de ruimte om met een ander camouflageverhaal te komen, en de werkelijke reden geheim te houden. Geheim. De oplossing lag in het woord geheim. Geheime fucking Dienst! Iets moest geheim blijven en dat kon maar één ding betekenen.
“Ik denk dat het hele verhaal van de Assistant Director juist is. Het enige dat niet klopt zijn de klanten van de Eastenders Phil en Grant. Ik denk dat zij hun opdrachten krijgen van de Raad van Dertien van de Illuminati.
De Yanks ‘fucked up fucking big time’ in Afghanistan en in het bijzonder in Irak. Het was zelfs zo erg dat een SAS soldaat, Benjamin Griggin, weigerde terug te keren naar Irak en het leger verliet. Enkele van zijn redenen waren dat hij vond dat de oorlog in Irak illegaal was, plus de slachting die de ‘triggerhappy Yanks’ onder de burgerbevolking aanrichtten. Hij verwachtte voor de krijgsraad te moeten verschijnen, maar hij kreeg echter een schitterend getuigschrift.
Goed, wat ik er mee zeggen wil, is dat de Amerikanen aan prestige en geloofwaardigheid hebben ingeboet op verschillende fronten. De Illuminati wil nu paniek in Groot-Brittannië creëren, zodat er weer een verse haat tegen de Moslims ontstaat en Groot-Brittannië weer terugkeert, in de moederschoot van de fucking US. De attractie voor de Illuminati is dat de broers een grotere kans ven slagen hebben doordat zij Europeanen gebruiken, die daardoor minder verdacht zijn. Moslims worden gecontroleerd door alle veiligheidsdiensten. Tevens, kan die Eastend ‘outfit’ fungeren als doodseskader voor de Illuminati, om werkelijk lastige critici of politici op te laten ruimen. Uiteindelijk hebben zij dat ook in Italië gedaan met de Vangenati.
MI5 heeft dit ontdekt, maar kan dit nimmer bekend maken, ook doordat hoge stromingen in de Londense- en the Scottish Rite Freemasons dit nooit zullen toelaten. Het deksel moet dus op die beerput blijven en de broers moeten nu zeker verdwijnen. That’s what I suspect.”
Ik wist dat ik mij nu op gevaarlijk terrein bevond, want afgezien van Vanny was het vrijwel zeker, dat iedere aanwezige hier een Vrijmetselaar was.
De Assistant Director General stond op en zei: “Ik kan hier niets aan toevoegen, heren. Dit is het verhaal en het moet de wereld uit. Hoe dan ook. U begrijpt nu waarom ik niets kon zeggen. Kan ik rekenen op uw aller medewerking?”
De aanwezigen knikten. Vanny streelde trots mijn hand.
“Goed,” zei de man van MI5, “Jan, wat zijn je vereisten en hoe zie je de operatie zelf.”
“Mijn eerste vereiste is een onbetwistbare link van de broers naar miss Fraser’s ex, en zijn vader. Geen fake, geen ‘clevere’ digitale truc, maar een duidelijke link. Ik besef dat de belangen hoog zijn, maar ik ben geen huurmoordenaar. Ik wil een tastbaar bewijs.”
“Hoe kunnen wij dat geven?”
“Telefoontaps op alle telefoons van de broers. De gesprekken worden ook geleid naar het huis van miss Fraser, zodat ik mij met hun stemmen, en gedragspatronen vertrouwd kan maken.
Een elektronische hack op de server van de Internet Service Provider van de broers, zodat ik hun email kan lezen en hun surf-, MSN en Skype gedrag kan volgen.
Rapporten van GSM Cell locaties die zij aandoen. Fleetsat cartracers onder all hun auto’s, zodat ik hun bewegingsgedrag kan vaststellen. Ik heb hier natuurlijk ook de laptop modules voor nodig.
Is er een plaats bekend waar die Oost Europeanen hun instructies krijgen en/of uitgetaald worden?”
“Nog niet,” zei de man van de Special Branch, “Maar daar kan ik mogelijk wel aankomen. Ook kunnen wij de broers en hun buffers observeren via de car-tracers. Wij geven je dan elke dag een verslag, een continu verslag als je dat wilt.
De Assistant Director General knikte goedkeurend en zei: “Jan, wij kunnen al het voetenwerk doen. Wij kunnen alleen niet actief deelnemen aan de uiteindelijke… schoonmaak. Hoe wil je de definitieve link leggen naar de ex-familie van miss Fraser?”
“Wanneer ik genoeg gegevens heb, laat ik miss Fraser haar ex in Miami bellen met de boodschap, dat zij haar aandeel in de Amerikaanse onderneming wil verkopen. Ik laat haar een veel te hoge prijs vragen. Haar ex zal echter denken dat hij nu de zaak in handen kan krijgen en zal contact met de broers opnemen. Dit om desnoods nog wat druk op miss Fraser te zetten, of in ieder geval om hem ‘goons’ te verzorgen, want hij weet dat zijn ex-vrouw nu ook bescherming heeft. Hij zal uit Amerika bellen om te regelen dat er een lijfwacht bij zijn aankomst op het vliegveld klaarstaat. Zo gauw hij belt, hebben we de link en dan kunnen wij op een definitieve operatie besluiten. Waarom moet de operatie DOUBLE EAST heten?”
“Clever, I like it,” zei de Assistant Director General, “DOUBLE EAST omdat de broers Eastenders, en de Polen en Bulgaren Oost Europeanen zijn. Wapens, wat doe je voor wapens?”
“Het hangt er vanaf of ik ze hier kan krijgen, of dat ik ze uit Italië mee moet laten komen. Als dat het geval is, dan hebben wij de hulp van de Assistant Collector nodig, zodat die wapens niet door een overijverige douanebeambte gevonden worden in Dover.”
De Assistant Collector knikte en zei: “I can do that. Geef mij tegen die tijd alle gegevens, zoals namen, autokentekens en aankomst tijd door. Wij hebben dat toch al eerder gedaan, nietwaar?”
De man van MI5 zei dat hij prefereerde dat de wapens uit Italië zouden meekomen, zodat niets naar Britse betrokkenheid wees, in het geval dat de operatie ‘arse-up’ zou gaan.
“We willen eventueel wel meegaan in alle kosten, maar we kunnen ons niet veroorloven, dat ook maar iets van HM Government’s assistentie uitlekt. Nu komt het gedeelte dat je het minst zal aanstaan, Jan, maar je hebt het al eerder gedaan en het is je prima gelukt. Wel, prima, zodat het voor de plaatselijke politie op een oorlog tussen gangsters leek.”
De Assistant Director General keek naar de man van de Special Branch en zei: “Dit is absoluut ‘off the record, okay?’”
Hij toetste weer een paar knoppen in. Een straat in Londen werd zichtbaar. Harley Street. HARLEY STREET??
Fucking Harley Street! Een scherm liet een pand zien waarvoor een blinde vagebond zat te bedelen, terwijl het andere scherm het verlengde van Harley Street liet zien.
Ik voelde mij ineens zeer ongemakkelijk worden.
De garagedeur van het pand ging open en een ambulance reed naar buiten. De blinde bedelaar tikte met zijn stok onder de ambulance die zich tussen het verkeer in Harley Street mengde, en onmiddellijk gevolgd werd door twee, van de kant wegrijdende, zwarte Jaguars.
Ik stond op en begon nerveus heen en weer te lopen.
Één scherm liet nu de vertrekkende ambulance aan de achterkant zien, terwijl het andere scherm de snel naderende ambulance toonde. De achterdeuren van de ambulance werden opengegooid en twee mannen gooiden voorwerpen uit de deuropening.
De camera zoemde in en ik zag Stefano en Renato, die kraaienpoten op straat gooiden. De eerste Jaguar probeerde de vlijmscherpe vierpunters te ontwijken, en boorde zich daarbij in een geparkeerde vrachtwagen. De tweede Jaguar reageerde te laat en de vier banden werden geperforeerd. Met slobberende banden kwam het voertuig tot stilstand.
Op een gegeven moment trok Stefano Renato weg en een zwarte man lanceerde zich uit de ambulance. Deze kwam met een bijna hoorbare klap op straat terecht. Kort hierna raakt de ambulance uit het zicht van de camera’s.
“Word niet kwaad, Jan,” sprak de Assistant Director General, “Dit is niet om iets van je gedaan te krijgen. Dit is om mijn collega’s hier te laten zien, dat je de man voor de job bent.”
“Hij is de man voor iedere job,” zei Tim Haines, de directeur van de Serious Organised Crime Agency.
De Assistant Director General lachte, en zei: “Gentlemen, u kijkt hier naar de perfecte ‘heist’ van vijfhonderd miljoen Pond Sterling in ruwe diamant en vijftig miljoen pond in contanten. De man die u uit de ambulance zag springen, was Busta Reid, leider van de Londense Yardies.”
“Wij vroegen ons al af wat er met al die Yardies was gebeurd,” zei de man van de Special Branch, “Heeft jouw ‘outfit’ hen opgeruimd, Jan?”
“Mijn God man, je moet een medaille hebben,” bulderde Tim Haines van de Serious Organised Crime Agency.
Ik glimlachte, maar ik was niet blij. Ik was niet bezorgd voor mijzelf, maar voor mijn vrienden, die duidelijk op de video te zien waren.
“Nu wil je weten waarom er nimmer actie tegen je is ondernomen,” vroeg de Assistant Director General, glimlachend.
“Wel, het maakt dingen misschien wat duidelijker.”
“Het feit dat je ons van een grote ploeg vervelende Yardies hebt verlost, zou op zich al genoeg geweest zijn. Daarnaast hebben jullie een grote witwas operatie van een Nigeriaanse gangsters opgeheven. Wij waren echter al bezig om die organisatie op te rollen. Jullie kwamen ertussen en deden al het werk voor ons, maar om eerlijk te zijn, wilden wij jullie arresteren bij het verlaten van het land. Ik vroeg assistentie aan de Assistant Collector hier. Laat hij het verhaal maar verder doen.”
“Jan, je hebt een machtige beschermer in het Verenigd Koninkrijk. Misschien wel de machtigste.”
“Maar wie dan? Ik ken verder niemand.”
“Silvana.”
“Silvana? Hoe kan zij mij...”
“Na de redding van Silvana door de Italianen en de mannen van de SAS, hebben wij elkaar allemaal ontmoet in het Glen Eagles Hotel. Je herinnert je dat wel, want je kneep daar mijn keel dicht.
Silvana gaf ons, de HM Revenue and Customs, de schuld dat wij niet goed op haar en je dochter gepast hadden en zij was bang dat er represailles zouden volgen tegen jou. Uiteindelijk stond zij erbij, toen mijn keel werd dichtgeknepen.
Dat zij erg slim is, Jan, hoef ik je niet te vertellen. Maar dat zij zo slim is, als dat wij nu hebben ondervonden, kon niemand vermoeden. Zij heeft het aangelegd met de machtigste man in Engeland. Zij wist dat deze man al een tijd een oogje op haar had en op voorwaarde dat hij jou zou beschermen, is zij een relatie met hem aangegaan.”
“Maar wie is dat dan? Macht verdwijnt met het wisselen van de regeringen. Macht is tijdelijk. Macht is... tenzij... Mijn God, ze is met...”
“Een drieëndertigste graad’s Scottish Rite Freemason, inderdaad,” bevestigde de Assistant Collector.
“Maar dat is..., Jesus fucking Christ, arme Silvana. Dat heeft ze voor mij gedaan? En mijn dochter?”
“Het is een goede man, Jan. Hij verafgoodt haar en hij heeft Silvana’s en je dochter’s toekomst onherroepelijk zeker gesteld.”
Ik kon niet zeggen, wat ik nu wilde. Hoewel mijn hart brak voor Silvana, wilde ik niet aan de genade overgeleverd zijn van het opperhoofd van een groep geheimschrijvende, fucking duivelsaanbidders. De ironie was dat ik nu aan de genade van een Freemason was overgeleverd.
“Luister Jan,” sprak de man van MI5, “Wij zijn allemaal Freemasons en je weet dat. Wij zijn geen Illuminati, er zitten ook normale, gedegen, eerbare personen onder ons. Het heeft geen zin om nu over onze ideologieën te gaan praten. We hebben een gemeenschappelijke zaak. Ik heb de film laten zien om mijn collega’s te overtuigen dat we de juiste man voor de job hebben. Laten we…”
“Nee, fucking grapjas. Je hebt die fucking film laten zien om mij te ervan te doordringen dat ik weinig keus heb. Maar je bent jezelf te slim afgeweest nu. Ik heb een fucking keus en die zal ik maken op het moment dat ik er achterkom dat ik opgezet ben,” zei ik en keek Vanny aan, die mij niet begrijpend aanstaarde.
“Is er eigenlijk een gemeenschappelijke zaak, foof? Weet je zeker dat jij niet in opdracht van MI5, mij hebt benaderd?” vroeg ik dreigend.
“Jan, ik ken niemand van deze mensen. Ik wilde hier niet eens in betrokken raken als je je goed herinnert. Ik...”
Haar stem brak en zij begon hartstochtelijk te huilen.
De directeur van de Serious Organised Crime Agency zei nu tegen de Assistant Director General: “Schoon schip nu, John, want anders trek ik mij terug en vraag aan de Home Office deze operatie af te breken. De hele operatie staat of valt met één persoon, die ongetwijfeld capabel is, maar het nu niet naar zijn zin heeft.”
De Deputy Assistant Commssioner van de Special Branch viel hem bij: “Kaarten op tafel nu, anders ben ik weg. Op weg! Naar de Home Office. Waarom kunnen jullie ‘fucking spooks’ nooit iets rechtuit spelen? We hebben nu een protagonist die terecht witheet is, en we hebben een vrouw die nergens wat van weet, en die helemaal van streek is.”
“Ik sluit mij hierbij volledig aan,” sprak de Assistant Collector, “Opening van zaken, want ik werk hier niet aan mee.”
De Assistant Director General van MI5 bleef onverstoord en sprak een paar woorden in de telefoon. Toen zei hij: “Laat even de gemoederen tot rust komen. De zaak is duidelijk en eerlijk voorgesteld, maar er is een klein detail. Als dat doorgesproken is dan zal iedereen het met mij eens zijn, dat ik integer gehandeld heb.”
Op dat moment werd de deur geopend en een assistent bracht een blad met sandwiches, koffie, cognac en whisky.
Terwijl wij ons de sandwiches, koffie en de drank lieten smaken, nam de Assistant Director General weer het woord.
“Ik had al verteld dat wij de Eastenders onder observatie hadden. Toen miss Fraser indertijd aangifte bij de Kent Constabulary deed van de tragedie van haar honden, werd deze zaak ter onzer attentie gebracht. Nadat de Politie klaar was met het onderzoek, lieten wij miss Fraser ’s avonds bezoeken door een vrouwelijke detective. Wilt u verder vertellen miss Fraser?”
Vanny had de Assistant Director General verbaasd aan zitten kijken. Zij begon aarzelend: “De vrouwelijke detective kwam mij bezoeken op een avond, na de begrafenis van mijn moeder. Zij betuigde haar deelneming en vertelde mij wat een smerige streek dat zij het vond. Zij vertelde dat zij mij helpen wilde, omdat de Politie onmachtig zou blijken het geval op te lossen. Zij liet mij zweren dat ik nooit zou vertellen, wat zij mij zou meedelen.
De rechercheur zag er bezorgd uit en omdat ik waardeerde wat zij voor mij deed, heb ik gezworen op het graf van mijn moeder, dat ik nimmer iets zou vertellen. Aan niemand. De vrouw vertelde mij…”
Ik pakte Vanny bij haar handen en zei: “Stop maar lieverd, ik denk dat iedereen hier het plaatje wel ziet. Het spijt mij dat ik aan je getwijfeld heb. Mijn excuses.”
Vanny begon weer te huilen en greep mij om mijn nek.
De Assistant Director General zei: “Ik stel categorisch dat miss Fraser geen enkele voorkennis heeft gehad. Zij is...”
“Ge-fucking-manipuleerd geworden door jullie ‘fucking spooks’ om Jan voor het karretje te spannen,” zei de Directeur van de Serious Organised Crime Agency kwaad, “Wat zijn jullie voor mensen in godsnaam?”
“Iemand moest het doen en hij is de beste man voor de job. Daarom heeft de vrouwelijke detective miss Fraser aangeraden om contact met Jan te zoeken. Miss Fraser kon dit nimmer aan Jan vertellen, omdat zij op het graf van haar moeder gezworen had. Dit spijt mij oprecht, werkelijk miss Fraser, dit spijt mij oprecht en ik zweer u, dat wij dit in orde maken met u. Het spijt mij.”
Vanny knikte met betraande ogen en keek mij aan alsof zij vergeving zocht. Ik was teleurgesteld, maar ik begreep haar volkomen. Ik kende het gevoel dat nu in mijn maag ontstond, maar nimmer in mijn leven was ik in staat geweest om er weerstand aan te bieden.
Ik liep naar een hoek van het vertrek en vroeg de Assistant Director General: “Kan ik u een minuut spreken? Totally off de record?”
“Yes sure, Jan,” antwoordde de headhoncho van MI5, en liep naar mij toe.
“Meer is er niet, waar ik van weten moet?” vroeg ik.
“Op mijn woord van eer. Het spijt mij oprecht, maar…”
“En is het waar dat ik van een drieëndertigste graad’s Scottish Rite Freemason bescherming geniet?”
“Absoluut!”
Ik stak mijn hand uit naar de Assistant Director General, die mijn handdruk beantwoordde en zei: “Nogmaals Jan, het spijt mij oprecht.”
“Mij ook,” zei ik en ik gaf de Assistant Director General een kopstoot.
“Het spijt mij ook oprecht, dus nu kunnen we allemaal weer vriendjes zijn.”
Ik liep naar de tafel en zei: “Mijn excuses voor de vertoning, gentlemen. Jullie lijken mij allemaal nette mensen, maar in dit vertrek is geen ruimte voor twee duivels. Ik ben de duivel en ik ben duivels. Kom foof, we zijn weg hier.”
“Wij ook,” zeiden ook de drie autoriteiten.
“Wacht!” riep de Assistant Director General, terwijl hij zijn bebloede gezicht afveegde met een zijden zakdoek, “Wacht. Ik weet dat ik te ver ben gegaan en ik neem het Jan niet kwalijk. Ik ben niet van poppenstront gemaakt. Ik had die kopstoot liever niet gehad, maar ik kan wel wat hebben. Risico van het beroep.”
Hij liep naar mij toe, stak zijn hand uit en zei: “Put it there, Jan. No hard feelings. Ik moet mijn werk doen, en dat is niet altijd fijn. Nogmaals, het spijt mij oprecht en MI5 is jou en miss Fraser iets verschuldigd. Wat dan ook, waar dan ook in Europa. Als je een probleem hebt, dan vraag je naar John Holborn. Mijn woord als Freemason.”
Ik pakte zijn hand en schudde die. Alle aanwezigen klapten.
De vergadering liep uit, maar niemand vond het erg. De Assistant Director General ging spijkers met koppen slaan.
“Special Branch en MI5 nemen de inlichtingen- en observatietaken voor hun rekening en verstrekken daar continu rapporten over.
Wij plaatsen een computercommunicatieset in het huis van miss Fraser, zodat Jan –die vanaf nu onder de codenaam HEAD BUTT werkt- alle telefoongesprekken kan mee beluisteren en alle digitale communicatie kan volgen.
Wij zorgen ervoor dat onze Amerikaanse collega’s, de NSA, taps op de telefoons van de vader en de zoon plaatsen, zodat de link dubbel bevestigd wordt.
“Cosmic. Fine with me.”
De Assistant Director General pakte een mobiele telefoon uit een la en schoof die naar mij toe, en legde uit: “Deze telefoon codeert alle gesprekken via een, voor ons ontworpen, encryptie. Je kunnen dus vrijuit praten. Draai het nummer wat achterop staat en voer je geboortedatum in acht cijfers in. Kies een één en je krijgt mij direct, een twee geeft je Deputy Assistant Commissioner Ronald Clarke van de Special Branch, drie stelt je in verbinding met Assistant Collector Richard Blackburn van HM Revenue and Customs, vier belt Directeur Tim Haines van de Serious Organised Crime Agency. Is dat duidelijk?”
Ik knikte.
“Goed, tenzij iemand nog vragen heeft, moet ik afsluiten. Ik maak nogmaals mijn excuses naar miss Fraser en HEAD BUTT,” lachte de man van MI5.
De vergadering werd beïndigd en alle aanwezigen schudden elkaar de hand. Toen ik mijn Sig Sauer en andere spullen weer in ontvangst had genomen, vroeg de Tim Haines: “Waar staat je auto, Jan?”
“Die heb ik in Dartford laten staan om eventuele parkeerproblemen te omzeilen.”
“O, dan breng ik je wel even, dan kan ik daar de M25 pakken.”
Achter in de Jaguar van de directeur van de Serious Organised Crime Agency, kwam Vanny tegen mij aanliggen en zei: “Mijn God, Jan. Als ik hier niet bij was geweest, dan had ik dit alles nog niet eens bij elkaar kunnen dromen. En dan te bedenken dat alles bij elkaar bedacht was door die vreselijke man van MI5. Ben je niet kwaad, dat ik je niet van die vrouwelijke rechercheur heb verteld? Nu zie ik dat ik het wel had moeten doen, maar ik geloofde haar en ik had gezworen. Ik dacht dat zij mij helpen wilde.”
“Maak je niet druk, foof. Ze heeft je ook geholpen. Wist u dat van Silvana, mister Haines?”
“Absoluut niet, Jan. Die dingen spelen ver boven ons niveau. ‘We are only here to serve’. Aan de andere kant maken we ook leuke dingen mee. Nu, bijvoorbeeld, had ik het voorrecht om te zien hoe de Assistant Director General van MI5 een knallende kopstoot kreeg. Ik wist dat je het ging doen. Je was mij net even te kalm met die hand die je hem gaf. Man, wat zullen ze allemaal ziek zijn geweest, toen zij hoorden van de bescherming die je geniet.”
“En ik ken mijn fucking weldoener niet eens. Arme Silvana,” zei ik en de tranen liepen mijn ogen uit. Britse functionarissen huilen nooit, maar ze weten alles van verdriet.
“Jan, zie het zo,” zei Tim Haines, “Silvana is een superintelligente vrouw, zij weet wat zij doet. Ze heeft zich gewroken op verschillende personen van de ‘top brass’ en ze heeft haar dankbaarheid naar jou betoond door je die bescherming te geven. Je mag wel trots op haar zijn. Ze zei de ‘spook’ ook duidelijk wat ze van hem dacht. Zonder haar had je vandaag in Paddington Green Police Station, gezeten. Misschien vorige jaar al.”
“Ja,” zei ik, “Ze is briljant. Ik hoop dat mijn dochter al het goede van ons mee heeft gekregen.”
Jan, één ding: let op John Holborn, vertrouw hem ‘never’. Als je wat met hem afspreekt, zorg dan dat tenminste Deputy Assistant Commisioner Ronald Clarke van de Special Branch er van af weet. Deze gentleman is goudeerlijk en mag de ‘spook’ ook niet. Hij zal bij je zijn en zorgen dat je niet in een legale ‘fit-up’ terecht komt, want die kopstoot vergeeft hij je nooit, maar het is net zoals Silvana al zei: ‘het is een slang’”
In Dartford namen wij afscheid van de Directeur en wij aanvaardden de terugweg naar Vanny’s huis in Wye.
“Hoe dorst je die vreselijke man van MI5 zomaar een kopstoot te geven?”
“Het ging eigenlijk vanzelf. Ik zat mij al even te irriteren en die film was om mij ‘softer’ te maken. Wat hij mij vertelde was: ‘Jij mag dan wel die bescherming genieten, maar je vrienden hebben die niet’ Het was een bedekt dreigement, en ik houd niet van dreigementen. De manier waarop jij ervoor was gezet, beviel mij ook niet.”
“Dus je vrienden staan aan een gevaar bloot, wanneer zij hier komen?”
“Mijn vrienden zullen net zo veilig zijn als jij en ik, foof. Ik ga nimmer over één nacht ijs. Laat de ‘spook’ maar denken dat ik voor zijn verhaal ben gevallen. Mensen hebben zich al vaker vergist in me, al zal ik nu wel wat ‘fucking powerthinking’ gaan doen. Hebben we iets lekkers voor vanavond, of wil je dat ik kook?”
Later in bed, kroop Vanny in mijn armen. Ik voelde aan haar dat zij zich zorgen maakte, en zei: “Luister foofbear, wil je dat ik de operatie afblaas? Ik wil niet dat je iets doet, waar je het niet mee eens bent. Wil je van je wraak afzien, lieverd?”
“Dat nooit, Jan en als ik er het leven bij laat, ‘well, so be it’, maar ik wil niet dat ik de oorzaak word van problemen voor jouw vrienden. Stefano heeft net zijn vader verloren en Renato is nog niet zo lang getrouwd. Ik zou het niet op mijn geweten willen hebben dat Pam weduwe zou worden. Ik weet niet of we er verstandig aan hebben gedaan om met al deze regeringsinstanties samen te gaan werken.”
“Vanny the virgin Fanny,” lachte ik, “Je maakt een denkfout, maagdelijk monster. Je werkte al samen met MI5, vóórdat je mij kon. Je wist het alleen nog niet. Er is geen keuze. Of je ziet van je wraak af en dan breek ik de operatie af, of we gaan door tot de dikke dame zingt. We gaan door tot het bittere einde, maar ik doe je een belofte. Wanneer wij in de executie fase komen, leg ik het hele plan aan je voor. Als jij zwakke plekken ziet, dan bespreken wij die. Ik heb mijn hele leven naar vrouwen geluisterd en het is mij er nooit slechter door vergaan. You say what, foof?”
“I say..., let’s go for it, Jan. Heb je trouwens gemerkt dat ik een katoenen slipje aan heb?”
DOUBLE EAST Intelligence – Ik zat dan weliswaar al twee weken in Vanny’s huis, maar toch weer in een vertrouwde positie. Achter drie computerschermen. De dag na de vergadering in Thames House had MI5 een complex communicatiecomputersysteem laten plaatsen.
Het linkerscherm gaf mij via de signalen van de GPS/GSM sensors, de locaties waar Phil en Grant zich bevinden in Londen, wanneer zij zich verplaatsten. Het rechterscherm verschafte mij de rapporten van MI5, Special Branch en GSM cellrapporten. Via het middenscherm kan ik de ‘gehackte’ email lezen, het digitale gedrag van de broers volgen en het hele systeem bedienen. De telefoongesprekken worden op een aparte harddisk opgeslagen, zodat ik die later op mijn gemak terug kan beluisteren.
Ik was in mijn element, want ik heb altijd graag met computers gewerkt, maar dit was de Pagani Zonda onder de computers. Daarnaast heb ik altijd graag mensen geprofileerd.
Vanny zat naast mij met een kleiner systeem. Terwijl ik patronen probeer te ontdekken, analyseer, combineer, concludeer en profileer, spreek ik mijn bevindingen in een ‘speech to text converter’. Omdat ik een Schots accent heb, kan de ‘converter’ niet foutloos converteren. Vanny haalde de fouten eruit en werkte mijn bevindingen in een speciale ‘outliner’, waar zij die gegevens categoriseerde.
Na twee weken begonnen patronen te ontstaan. De broers zeiden niets, maar dan ook niets compromitterends over de telefoon. Ik had dat ook niet verwacht, maar ik kon mij indrukken gaan vormen over hun gedrag en denkwijze. Phil is duidelijk het brein van de twee broers. Hij spreekt met heel korte pauzes tussen de zinnen dat er op duidt, dat hij over alles nadenkt en nimmer tot een overhaaste beslissing zal komen. Niettemin spreekt hij zeer zelfverzekerd en met autoriteit, maar verspilt geen woorden, of tijd. Er is nauwelijks intonatie in de stem. Hij duldt geen tegenspraak, is methodisch, een perfectionist en een controlefreak.
Grant is een ander verhaal. Gedurende de twee weken luisteren werd het mij duidelijk dat hij aan een ‘mood disorder’, mogelijk MDD (Manic Depressive Disorder) en tevens aan ASPD (Antisocial Personality Disorder) lijdt. Het laatste wordt ondersteund door de wreedheid tegen dieren, de oppervlakkige charme en het onvermogen om vrienden te maken. Dit zal ook wel de reden zijn dat de broers zo geïsoleerd werken, waarbij Phil dus de planning voor zijn rekening neemt en Grant zich in de uitvoerende afdeling nuttig maakt.
Ik deed hier mijn eerste belangrijke ontdekking. Hoewel Phil veel kan controleren, hij kan niet het de stemmingsstoornissen van zijn broer controleren. De APD stoornis van zijn broer moet er voor gezorgd hebben dat Grant meerdere malen in conflict met de wet is gekomen..., tenzij...
Ik besloot niet de MI5 crypto-telefoons te gebruiken, omdat ik niet wist of MI5 meeluisterde. Ik reed naar het volgende dorp en belde vanuit een telefooncel de Serious Organised Crime Agencyen vroeg om de directeur te mogen spreken. Ik gaf de telefoniste het codewoord HEAD BUTT. Even later hoorde ik de stem van Tim Haines.
“Hi Jan, goed om je te horen. Wat kan ik voor je doen.”
“Mister Haines, ik wil niet dat dit naar MI5 gaat, maar ik vermoed dat DOUBLE EAST al jarenlang bescherming geniet, of heeft genoten van hogerhand. Er moeten politierapporten zijn van arrestaties van, in ieder geval, Grant. Ik denk dat de verbalen ‘verloren zijn geraakt’”
“No shit! Dat is ernstig. Waarom vermoed je dat, Jan?”
Ik deelde Tim Haines mijn bevindingen mee en vroeg hem supervoorzichtig te zijn, maar er wel akte van te laten maken dat ik dit feit gemeld heb.
“Schitterende en grondige analyse, Jan. Ik bespreek het met Ronald Clarke van Special Branch, voor hem sta ik persoonlijk in. Ik begrijp dat je de crypto-telefoon niet wilt gebruiken. Als ik met Ron gesproken heb, maken wij akte op en die kom ik je persoonlijk bezorgen. Groet miss Fraser van me.”
Ik besloott dat ik nu dubbel op mijn tellen moest gaan passen, want als de broers nog steeds bescherming genieten, was het niet ondenkbaar dat informatie betreffende DOUBLE EAST naar hen doordruppelt. Het is ook niet onmogelijk dat zij opdrachten voor MI5 hebben uitgevoerd en nu een belasting aan het worden zijn, maar logisch is dat niet. Wat voor belang zou MI5 indertijd hebben gehad in een paar ‘smalltime’ gangsters? Het is ook niet gezegd dat die bescherming nog actueel is.
Aan het einde van de derde week viel het mij op dat er een patroon aan het ontstaan was in de bewegingen van Phil en Grant. Op de even dagen bracht Phil een bezoek aan een bepaald perceel in de Eastend. Op de oneven dagen bezocht zijn broer een ander pand in de Eastend. Gedurende de werkweek brachten de broers om en om bezoeken aan vijf verschillende gebouwen. De eerste regelmaat ontdekte ik in ‘het om en om’ bezoekgedrag, alhoewel die niet onmiddellijk duidelijk was. Wanneer Phil op maandag de bezoekroutine begon, dan startte Grant de volgende maandag. Tevens waren de bezoektijden altijd verschillend, geen regelmaat daar. Totdat ik aan het einde van de derde week een spreadsheet, van de bezoeken opende. Hierin waren de locaties, de tijden van de bezoeken en de bezoekers bijgehouden door Vanny.
De aanvankelijke willekeurige bezoektijden waren nu niet willekeurig meer. Op maandag werd het bezoek om één uur ’s middags gebracht door één van de broers. Een dag later lag de bezoektijd een uur later, zodat op vrijdag de bezoektijd om vijf uur ’s middags plaatsvond. Het patroon was nu duidelijk, maar wat waren dit voor percelen?
Ik gebruikte nu de crypto-telefoon om de Assistant Director General van MI5 te bellen. Ik kreeg onmiddellijk John Holborn aan de lijn.
“Jan, tijdje niets gehoord van je. Hoe gaat het en wat kan ik voor je doen?”
“Er is een patroon in de bewegingen van DOUBLE EAST. Vijf locaties, iedere dag een andere, beginnende op maandag eindigende op vrijdag. Iedere dag ligt de bezoektijd een uur later dan die van de vorige dag. De broers bezoeken om en om, zodat het patroon niet voor de hand licht. Ik heb hier de coördinaten, wat ik weten moet, is wat er in die panden gevestigd is.”
Ik gaf de coördinaten aan de ‘superspook’ die mij vroeg even te willen wachten. Na twee minuten hoorde ik zijn stem weer: “Brothels Jan. Hoerenkasten. De broers zijn fervente hoerenlopers. Ik denk dat dit een dood spoor is.”
“Nee, ik verwed mijn hoofd eronder. Iemand die een hoerenverslaving heeft gaat, wanneer hij die behoefte voelt. Wilt u mij vertellen dat testosteron op vastgestelde tijden gaat gieren? De regelmaat in het nu duidelijke patroon geeft aan, dat dit niet zo is. De meeste mensen eten als ze honger hebben, bijna iedereen naait wanneer hij, of zij trek- en de gelegenheid heeft. Naar willekeur..., en niet volgens een schema.”
“Damned! Je hebt gelijk. Ik zal foto’s van iedere bezoeker aan die bordelen laten maken. Eind volgende week heb je alle foto’s. Is dat okay?”
“Wicked. Verder moeten die foto’s in volgorde van bezoek aangeleverd worden, die van de broers inbegrepen. Beter is waneer er een film bij is. Wat ook belangrijk is, is om te weten of er Oost Europese prostituees in die sekshuizen werken. Ik verwacht van wel.”
“Yes, I can do that for you. Blijf nog even hangen, als je wilt”
Vijf minuten later hoorde ik: “Ja, maar niet in alle vijf de bordelen. In drie werken er Polen, Roemenen, Bulgaren en Russinnen, maar alle vijf de bordeelhouders zijn…, Polen! Het lijkt erop dat je op Pools goud gestoten bent. Knap werk, Jan. Je wilt zeker niet voor ons komen werken?”
“Het is het woord werken, waar ik een achterlijk groot probleem mee heb, mister Holborn,” lachte ik.
Na een week van lekker eten, de beste wijnen, genieten van Vanny en het werken als de idioot die ben, had ik de foto’s en de video’s in mijn bezit. Ik maakte vijf rijen van klanten van de bordelen in volgorde van bezoek. Fuck! Het patroon was gebroken. Iedere keer dat Grant een sekshuis bezocht, arriveerde er steeds dezelfde klant, kort vóór of vlak na hem. Dit patroon deed zich niet met Phil voor. Hoewel vijf dagen normaal veel te kort was om een patroon te ontdekken, was het in dit geval lang genoeg. Als in vijf dagen de herhaling al doorbroken was, zou dat in vijftig dagen nog steeds het geval zijn. Denkpet.
Maar er was een regelmaat. Iedere morgen om tien uur, voordat het bordeel opende, werd het bezocht door steeds dezelfde klant. Een klant? Nee, dat was geen klant, want het sekshuis was nog niet open voor klandizie. Wat was het dan? De bezoeker trof Phil en Grant nooit, dus zo hij al met hen in verbinding stond, moest hij gegevens achterlaten, of ophalen. Bij wie? Bij de fucking Poolse hoerenbaas natuurlijk. Ik was eruit! ‘Yes, and fucking Yes again’.
Ik belde MI5 om inlichtingen over de vroege bezoeker en over de klant, waarmee Grant zich hoogstwaarschijnlijk trof. Ik kon denken wat ik wilde van de ‘superspook’, maar capabel was hij. Vroege bezoeker: Poolse zakenman. Kutzwager van Grant: Poolse pooier, met als dekmantel, bouwvakker.
Nu ontstond er een heel ander beeld. Dat fucking MI5 of de Special Branch dat niet hadden ontdekt, was mij een raadsel, but there you are.
Phil en Grant waren niet de topmensen, zij waren de fucking buffer voor een Poolse misdaadorganisatie. Het was nu eenvoudig te zien hoe het werkte. ’s Morgens kwam Poolse ‘Ojciec chrzestny’ (Peetvader) om gecodeerde instructies achter te laten..., of geld en gecodeerde gegevens op te halen bij de Poolse baas van het bordeel. De hoerenbaas gaf Phil zijn gecodeerde instructies en nam geld en/of gecodeerde gegevens in ontvangst van Grant.
Phil decodeerde de opdracht en gaf Grant zijn instructies, door hem alleen te vertellen, wat deze weten moest. Grant gaf zijn opdrachten aan de Poolse pooier, die de Poolse gang runde. De Polen voerde hun opdrachten uit, al dan niet onder leiding van de sociopatische sadist, Grant.
Als deze opdracht geld opleverde dan nam Phil zijn commissie eraf en bracht de rest van het geld, of de verkregen gegevens naar de Poolse seksuitbater, die het weer aan de Poolse patriarch overdroeg. En zo bleek de Poolcirkel weer rond te zijn. Maar was dat zo? Ik was bezig iets over het hoofd te zien, en hoe ik datzelfde hoofd ook pijnigde, ik kon er maar niet achter komen wat ik miste...
’s Nacht om twee uur wakker schrok ik wakker van een hersenscheet. Dit was het uur dat ik meestal met briljante ingevingen of oplossingen wakker schrok. Het had zo duidelijk voor de hand gelegen, het had mij aangestaard en ik was er totaal aan voorbij gegaan.
De ex-man van Vanny en zijn vader. Okay, ze waren dan een beetje ondeugend in de weer geweest door het bedrijf en de Internal Revenue Services te rippen, maar hoe komen normale zakenmensen aan onderwereldcontacten in verschillende werelddelen?
Cubaanse of Mexicaanse contractkillers, om de moord op Vanny’s vader uit te laten voeren, vind je ‘ten a penny’ in Miami. Maar toevallig kennen ze dan ook nog een Eastend ‘outfit' die contracten uitvoert? Het is mogelijk, maar niet logisch. Wat wel logisch was geweest, zou zijn dat de Amerikaanse killers een link hadden gehad met de Eastenders, zodat zij die, voor de job met de honden hadden kunnen aanbevelen.
Mexicanen of Cubanen die banden onderhouden met een Eastend minimob? I don’t think so. Amerikaanse Polen die criminele banden onderhielden met Polen in Groot-Brittannië? Right! Nou, dat is een veel waarschijnlijker scenario.
Poolse gangsters in de United States - Poolse misdadigers in Amerika? Vergis je niet. Gedurende de drooglegging in de jaren 1930, waren er al beruchte gangsters zoals: in Chicago, Joseph Saltis, Jake Guzik, Bugs Moran and Hymie Weiss en Fred Goetz. In Philadelphia: Mickey Duffy, geboren William Michael Cusic. Joseph Filkowski, Joseph Stazek en Paul Jarwarski tuigden de kerstboom op in Cleveland, Ohio. Maar dat was toen, nietwaar?
In 2002 was er in Philadelphia, de Kielbasa Posse, een Poolse misdaad organisatie die er geen enkel probleem in zag, om de plaatselijke Russische mafia concurrentie aan te doen. Van de Israëlische gangsters kochten zij Ecstasy die zij weer doorverkochten aan de eigenaren van nachtclubs en danspaleizen. Ze gaven geen ‘fuck’ om de uiterst gewelddadige Russische mobsters en gingen gewoon hun gang. Hun bendestructuur was als die van de Italiaanse mafia en hun geheimhouding overtrof die van de mafia, met een factor tien. De Poolse gangsters spraken Tsjechisch, Russisch, Servokroatisch en Bulgaars. Zij deden zaken met iedere etnische mob, behalve één. Albanezen. Die waren te gewelddadig en te onberekenbaar. Aantekening!
Poolse gangsters in Groot-Brittannië. Terwijl in de United States de meeste Polen immigranten waren, in Groot-Brittannië hebben tijdens de Tweede Wereld oorlog duizenden Polen met de Britten tegen de Duitsers gevochten. Velen besloten om na de oorlog niet naar Polen terug te keren, uit afkeer voor de Russische overheersing. Velen lieten zich naturaliseren en namen Britse namen aan. De al grote Poolse basis werd nog uitgebreid, toen Polen in 2004 toetrad tot de EEG.
Een samenwerkingslink tussen Amerikaans Poolse gangsters en Brits Poolse gangsters is dus een veel grotere waarschijnlijkheid dan een relatie tussen de ex-man van Vanny, en zijn vader, met Cubanen of Mexicanen, en gangsters uit de Eastend van Londen. Polen is het sleutelwoord hier.
De volgende dag vroeg ik Vanny hier een rapport over te willen schrijven. Toen zij later met de koffie aankwam, vroeg ik haar: “Weet jij iets van de etnische afkomst van je ex-schoonfamilie?”
Vanny keek mij verbaasd aan, en antwoordde: “Nee, niet echt, Jan. Hoezo.”
“Hoe luidde de achternaam van je man?”
“Miller, John Peter”
Ik gebruikte de Google vertaler en toetste ‘Miller’ in.
Ik belde John Holborn van de MI5 op de crypto-telefoon.
“Hi Jan, good to hear from you. Are we making progress?”
“Wel, als dit klopt zijn we er uit wat de meest relevante inlichtingen betreffen. Daarna is het nog een beetje voetenwerk, en dan kunnen we een begin maken.”
“Sounds good. Wat kan ik voor je doen?”
“Gaat uw persoonsindex database terug tot de tweede wereldoorlog?”
“Gekoppeld aan de ‘Death Index’ gaan wij terug tot aan de zeventiende eeuw. Het ligt er wel aan van welke provincie.”
“Kunt u een landelijke globale ‘search’ doen vanaf 1940?”
“Zeker. Geef me de data maar.”
“Ik zou willen dat u een kruisreferentie trekt op de deze twee namen: Młynarz tussen 1945 en zeg 1960 en Fraser, Vanessa Maria tussen 1979 en nu.”
“Is het AND, OR of NOT?”
“AND”
“Blijf even hangen.”
Twee minuten later melde de ‘spook’ zich weer: “Mlynarz, Basyli genaturaliseerd in 1946. Hij heeft zich Miller genoemd. Overleden in 1999. Relatie met Fraser: overleden grootvader van ex-echtgenoot van miss Fraser. Dear Lord, wat hebben wij gemist hier?”
“The fucking lot! Kan ik praten?”
“Ja, ja, go right ahead.”
“DOUBLE EAST is een front en een buffer voor een Brits Poolse misdaadorganisatie, die gelieerd is met een Amerikaans Poolse misdaad organisatie. Ik vermoed dat de overleden Mlynarz een familielid of vriend heeft gehad, die na de oorlog naar de United States is geëmigreerd.”
“Flipping right, Jan. Een broer, Mlynarz, Ignazy Maria.”
“Ik denk dat wanneer u deze persoon door de NSA of CIA laat natrekken, dat er een zoon, schoonzoon of kleinzoon uit het houtwerk komt, die betrekkingen onderhoudt met een Yankee Poolse gangster ‘outfit’. Dat is de link.”
Het was even stil. Toen vroeg de Assistant Director General: “En jij denkt dat DOUBLE EAST slechts een bufferfront is?”
“Ik ben er zeker van, en wie weet hoeveel er nog van die ‘wiseguy’ katvangers zijn voor dat Poolse syndicaat.
“Het ziet er naar uit dat we gespaard gebleven zijn. Gefeliciteerd, Jan. Dat was knap werk. Je bent krediet aan het opbouwen bij MI5, en geen klein beetje. Kan ik nog iets doen?”
“Ja, ik wil het werkterrein of standplaats van de Poolse peetvader, hetzelfde van die pooier/bouwvakker en rapporten over hun verdere bewegingen en gewoontes. Dat is dan de eindfase van het inlichtingenwerk wat mij betreft. Verder is er nog één ding dat ik goed duidelijk wil maken, dan komt niemand voor verrassingen te staan.”
“I’m listening, Jan.”
“Mister Holborn, ik verlies de Polen die deel hebben genomen aan de actie tegen miss Fraser. Ik verlies de beide Eastenders, want één is een manisch/depressieve sadist met een antisociale persoonlijkheidsstoornis en de broer is de hufter die het spel bedacht heeft. Die streep ik door. Hogerop ga ik niet. Zoals gezegd, ik ben geen huurmoordenaar.”
De Assistant Director General was weer even stil en zei toen: “Ik wil je beslissing niet beïnvloeden, Jan, maar die persoon heeft wel het contract afgeroepen.”
“De opdracht kwam uit Amerika, moet ik er daar ook een paar opruimen soms? Ik snap dat het u goed uitkomt, wanneer wij die ook uitvlakken. Ik heb gezegd dat ik hem niet vermoord. Vertrouw maar op mijn fantasie, mister Holborn.”
De Assistant Director General lachte, en zei: “Dat is mij goed genoeg. De vader en de zoon?”
“En de Heilige Geest, amen. Laatste voorwaarde, voordat ik mijn vrienden over laat komen.”
“Shoot! Wat je ook maar wilt.”
“Ik geef u een lijst met persoonsgegevens. Ik wil dat al deze personen absolute en onherroepelijke onschendbaarheid genieten. Ik wil dat de lijst geratificeerd met HM’s zegel, en getekend wordt door de PM, G fucking B him fuckingself. Die lijst is het land uit voordat deze mensen overkomen. Daarnaast is er een lijst met gegevens van Albanezen, die diplomatieke onschendbaarheid moeten genieten. You say what?”
“Well, ik zeg dat je durft. Ik zeg niet dat het mij lukt, maar ik ga er aan werken, want ik zie je punt en tot dusver heb je klassewerk geleverd. Ik bel je met een paar uur. Complimenten, Jan.”
DOUBLE EAST – Initiation. Op de kade in Dover zaten Vanny en ik in de auto van de Assistant Collector van HM Revenue and Customs. Wij zaten te wachten op mijn vrienden, die met de Seacat uit Boulogne in Frankrijk kwamen. Ik had de Assistant Collector al een lijst van mijn vrienden en de Albanezen gegeven, maar de Assistant Collector had erop gestaan om mijn vrienden persoonlijk door de douane te geleiden.
Ik vermoedde dat hij zich een beetje onbelangrijk in de vergadering had gevoeld en dat prestige nu wilde herstellen. Nou, ik vond het ook wel interessant. Het leuke was dat Vanny en hij het prima konden vinden en onderweg had ze hem al uitgenodigd om te komen dineren. Toen hij aarzelend had gevraagd of hij zijn vriend mocht meebrengen, begreep ik waarom Vanny en hij zo goed met elkaar overweg konden.
De onschendbaarheidverklaringen voor mijn vrienden had ik ontvangen van de Assistant Director General. Ik had die naar mijn vriend Remy naar Holland gestuurd, met instructies wat te doen als MI5 een konijn uit de hoed trok.
Directeur Tim Haines van de Serious Organised Crime Agency and Deputy Assistant Commissioner Ronald Clarke van de Special Branch waren op bezoek bij ons geweest en hadden een akte van mijn bevindingen overhandigd. Ik had gelijk gehad met Grant, hij was verschillende keren met de ‘law’ in aanraking geweest, maar zijn beschermer van de London Metropolitan Police was nu dood. Het had dus niets te betekenen gehad, maar het bevestigde mijn inschatting.
“Hoe lang heb je je vrienden niet gezien, Jan? Mis je de vader van Stefano niet erg? Hoelang waren jullie vrienden?”
“Vierenveertig jaar, Assistant Collector, vierenveertig jaar en toen hij mij nodig had, was ik er niet.”
“Jan, ik heb van SAS kolonel Peter Warren en Geordie gehoord wat voor man Franco was. Ik denk dat hij voortleeft in zijn zoon. Verwijt je niets, het was jullie leven, maar wat ik begrepen heb, waren jullie er wel altijd voor elkaar. Shit happens en het is met je beste vriend gebeurd. Wees er voor jezelf, wees daar voor zijn zoon en eens zien jullie elkaar terug. I’m so sorry.”
Twee mannen kwamen naar de auto toegelopen. De Assistant Collector stapte uit en schudde beide mannen de hand. Één bleek de Chief Customs Officer van HM Revenue and Customs in Dover Port te zijn en de ander was de Chief Immigration Officer van UK Border Agency, een departement van Home Office (Binnenlandse Zaken) te zijn. Na even gesproken te hebben, gaf de man van de UK Border Agency een comms-set aan de Assistant Collector. Deze stak de set in zijn zak en plugde het oortelefoontje waar het moest, en gaf mij een teken.
Ik belde Stefano op de nu afmerende Sea Cat op zijn mobiel.
“Weeh, ciao Gian. Tutt’apposto?”
“Alles goed Stefano. Wie staat opgelijnd op de ferry om het eerste eraf te komen?”
“Renato, Zio (oom).”
“Vertel hem te stoppen bij een Groene Vauxhall Vectra voor de douanehal. Ik kom met de ‘madame’ (politie) naar hem toe. Renato geeft iedere auto van ons, die passeert, door aan mij. Het loopt als ‘fucking clockwork’ Steffie. Ik heb je gemist, figlio (zoon).”
“Wij zien elkaar snel, Zio,” antwoordde Stefano.
Tien minuten later stopte de A8 van Renato naast de wagen van de Assistant Collector. Weer verwonderde ik mij over zijn sluwheid. In plaats van uit de wagen te stappen, om ons uitbundig te begroeten, bleven hij en Flavio rustig in de wagen zitten. Niet zo een heel geschikte plek, de douanehal, om als gangster een andere gangster te omhelzen.
De Assistant Collector en ik gingen naast zijn geopende raam staan.
“Ciao Zio,” zeiden Renato en Flavio tegelijkertijd.
“Ciao ragazzi, dit is het hoofd van de Guardia di Finanza. Hij helpt ons allemaal door de immigratie en douane heen. Mister Blackburn, dit zijn mijn goede, Italiaanse vrienden Renato en Flavio.”
“Pleased to meet you,” antwoordden de drie mannen tegelijk.
“Ecco, i primi Albanesi,” zei Renato.
“De eerste wagen met Albanezen, sir.”
De Assistant Collector sprak in zijn comms set: “First car with the Albanese gentlemen. Please let them pass.”
Immigratie deed net of zij de paspoorten nakeken en gebaarde de Albanese chauffeur door te rijden. De Chief Customs Officer wuifde de wagen de douanehal uit.
Deze procedure herhaalde zich met de gepantserde A6 van Stefano en de tweede wagen met Albanezen. Mijn vrienden, de Albanezen en de wapens waren veilig in Engeland.
Ik nam afscheid van de Assistant Collector die eruit zag alsof het hem speet om ons te zien vertrekken. Hij hield mijn hand iets langer vast dan normaal, en zei: “Jan, ik was je graag verder van dienst geweest, maar mijn taak houdt hier op. Onthoud dit, let op John Holborn van MI5, als je in de problemen komt met de ‘spooks’, bel mij niet op de crypto-telefoon, maar op het nummer dat ik je nu geef. Ik help jou en je vrienden het land weer uit. De wapens dumpen we wel voor jullie. Veel geluk. Ik zie uit naar ons dineetje. See you later, miss Fraser.”
Vanny stapte uit en liep naar de Assistant Collector, die ze omhelsde en op zijn wang kuste. Er klonk een gejoel uit de douanehal en we lieten de Assistant Collector met een rood hoofd achter.
Om niet op te vallen in Dover, reden mijn vrienden en de Albanezen achter ons aan naar de Ashford Travellodge, in Eureka Leisure Park, even buiten Ashford op de M20. Op de parkeerplaats stelde ik Vanny voor aan mijn Italiaanse vrienden, waarna we elkaar allemaal omhelsden. Stefano stelde mij aan de Albanezen voor. Het waren dezelfde spijkerharde Kosovo-Albanezen die ook meegevochten hadden in de Dolomieten. Spijkerbroeken, leren jacks en coltruien. De Polen en de Russen waren niet blij met Albanezen en hadden een heilig ontzag voor hen. Onberekenbaar, onbetrouwbaar en voor niemand bang. Alle acht bleken echter een heilig ontzag, maar vooral respect voor Stefano te hebben.
Ik boekte vier kamers voor de Albanezen en zij kregen hun instructies van Stefano. Daarna reden de A8 en A6 achter ons aan naar Vanny’s huis.
Thuisgekomen deden wij de begroeting nog eens dunnetjes over. Het was de eerste keer dat ik Stefano zag, nadat zijn vader, mijn allerbeste vriend Franco, vermoord was. Ik wachtte tot Stefano daarover zou beginnen, maar hij zei tegen mij: “Geef mij tijd, Zio (oom). Ik kan er nog niet over praten. Ik ben mijn verdriet aan het verwerken, maar ik functioneer. Ik ben cool.”
Ik knikte. Het huilen stond mij nader dan het lachen. Vanny merkte het aan mij en kwam op de leuning van mijn fauteuil zitten en sloeg haar arm om mijn nek. Toen Stefano even naar het toilet was, zei Rino, de Capo Regime van Stefano: “Gian, Stefano, Renato en Flavio hebben meer dan honderd Roemenen vermoord. Geef Stefano even tijd, hij komt dubbel sterk terug, maar hij heeft de tweeëntwintig overgebleven moordenaars hun kelen eruit gerukt. Hij is nog in shock, maar omdat hij fysiek en psychisch zo sterk is, kan hij zelfs dat controleren. De Albanezen waren erbij, maar hij stond ze niet toe om te helpen.
De Gruppo Kosovari heeft hem aangeboden vijfduizend Albanezen te laten komen, en het hele Roemenenkamp in Rome uit te moorden.”
“Mijn God,” zei ik, “Vrouwen en kinderen?”
“Zo zijn ze, Gian.”
Flavio vroeg me: “Hoe is het met u, Zio. U ziet er steeds beter uit, iedere keer dat ik u zie.”
“Het zijn de vrouwen,” dolde Renato, “Zelfs mijn vrouw is dol op hem. Wel dat zeg ik eigenlijk verkeerd. Pam was eerst dol op Gian, toen had ik het geluk om met haar te mogen trouwen, en ze is nog dol op hem, maar ik ben er blij mee.”
“Dank je, Renato. Je gaat steeds meer op je vader lijken. Dank je voor het mooie compliment, guaglio.”
Flavio vroeg: “Kunt u voor mij ook niet een mooie Hollandse vrouw vinden, Zio?”
“Met al die Napolitaanse schonen die jullie daar hebben?”
“Wanneer u een vrouw als Pam vindt, prefereer ik haar boven een Napolitaanse.”
“Nou, misschien doe ik dat nog wel eens voor je. Hoe vind je Vanny eigenlijk?”
“È bellissima Lei, Vanny è meravigliosa,” fluisterde de mooie Napolitaanse gangster verlegen.
“Wat hebben jullie over mij te bespreken?” vroeg Vanny, die haar naam een paar keer hoorde vallen.
“Flavio vroeg of ik voor hem ook een Hollandse vrouw kon vinden. Je herinnert je, dat ik je van Pam verteld heb. Renato hier, is met haar getrouwd nadat ik een korte relatie met haar heb gehad. Ik vroeg aan Flavio hoe hij jou vond.”
“Nou zeg,” zei Vanny blozend.
“Zo’n mooie man heeft mij niet nodig. Wat zei hij?” vroeg ze toch nieuwsgierig.
“Hij zei: ‘Ik vind Vanny een schoonheid, zij is prachtig’”
Vanny werd de verlegenheid bespaard door Stefano die terug de kamer inkwam.
We deelden de avondmaaltijd in gepaste stemming. We waren vrolijk, maar niet uitbundig. De schaduw van Franco’s dood hing over ons, ook al was er aan Stefano niets te merken.
Onder het eten vertelde ik mijn vrienden, van de op handen zijnde operatie. Stefano en Renato stelden zeer betrokken vragen. Ik vertelde hoe Vanny’s ex-echtgenoot gangsters had gehuurd om haar honden te laten vermoorden, en ik vertelde hen de wijze waarop.
Stefano, een reusachtig dierenliefhebber, schudde zijn hoofd en vroeg: “Polen? Zijn die net zo’n beetje als Roemenen, Zio?”
“Wel, ze zijn allebei schijtbenauwd voor Albanezen.”
“Zeg miss Vanny -nadat zij gegeten heeft- dat ik de moordenaars in stukken hak. Die brokken kan zij dan te eten geven aan haar nieuwe honden. Ze moet weer nieuwe honden nemen, dat is goed voor haar. Dieren helpen je met het verwerken van je verdriet.”
“Ik vertelde Vanny wat Stefano had gezegd.”
“Je vriend heeft gelijk, Jan. Bedank hem voor zijn raad, maar vertel hem dat ik hen zelf wil vermoorden.”
Ik legde mijn vrienden uit hoe ik met de hulp van de Britse autoriteiten had ontdekt, hoe de Poolse misdaadorganisatie zich verschool, achter de Eastenders, Phil en Grant. Ik vertelde hen dat wij in het uitvoeren van de wraak van Vanny, de MI5 een dienst bewezen door het opruimen van DOUBLE EAST. Dit omdat de broers nu ook moordopdrachten van de Illuminati aannamen. Ik liet mijn vrienden weten dat wij de helft van het zwarte geld zouden ontvangen als betaling, met een minimum van vijftig miljoen en dat MI5 deel zou nemen in de onkosten.
“Hoe denkt u het zwarte geld uit de banken te krijgen, zonder dat de vader of de zoon aan de bankautoriteiten doorgeven, dat zij gedwongen worden tot opname van die bedragen,” vroeg Flavio.
“Veiligheidsriemen,” antwoordde Stefano voor mij.
“Wanneer gaat het spel beginnen?” vroeg Renato.
“Nu,” zei ik, “Vanny gaat nu haar aandelen te koop aanbieden. We lokken de vader en de zoon naar Engeland voor de koop van de aandelen. Het is een omgekeerd scenario, van wat zij met Vanny’s vader hebben gedaan. Hun hebberigheid zal ze in dezelfde val laten trappen. Het is nu tien over acht hier en het is vijf uur vroeger in Miami, dus ik ga nu bellen.”
Eerder die week was ik met MI5 overeengekomen, dat ik uit naam kon bellen van de directeur het grootste homeopathische geneesmiddelen- en natuurproductenbedrijf in Groot-Brittannië. Als er later vanuit Miami geïnformeerd zou worden, dan zou de directie het eerdere telefoongesprek bevestigen. Er zou in de telefooncentrale een verbinding naar Vanny’s huis geprogrammeerd worden, zodat, wanneer Miami belde, bij mij de telefoon over zou gaan. Tevens zou ik een emailadres krijgen op het IP nummer van dat bedrijf.
Terwijl ik op verbinding wachtte, keek ik naar Vanny. Ze was gespannen omdat ze besefte dat haar wraakactie nu zou werkelijk gaan beginnen. Ik stak mijn duim op naar haar. Stefano klopte bemoedigend op haar hand.
“Hi, my name is James Reid from Healthy Life. I’m actually phoning from the Britain. I would like to speak to mister John Miller, or his father.”
“John Miller, how may I help you?” hoorde ik een halve minuut later.
“Mister Miller, ik bel namens ons bedrijf, Healthy Life. Ik heb een uur geleden met miss Fraser gesproken en zij is bereid ons haar aandelenpakket te verkopen. Ik hoopte eigenlijk een snelle deal met u te kunnen doen, door u hetzelfde bedrag te bieden voor uw aandelen.”
Het was even stil aan de andere kant, en toen werd mij gevraagd: “Hoeveel had u gedacht ons te bieden, mister Reid?”
Ik noemde een bedrag dat ver onder de werkelijke waarde van de aandelen lag.
“U vertelt mij dat miss Fraser dat bedrag geaccepteerd heeft, mister Reid?”
“Wel, zo goed als, mister Miller. Zij wilde nog even een gesprekje hebben met haar financiële adviseur, maar de zaak is eigenlijk mondeling al besloten.”
“Maar u weet dat het bedrag dat u biedt, ver onder de werkelijke waarde ligt, mister Miller. Hoe zouden wij dat ooit kunnen accepteren?”
“Het zijn mijn zaken niet, mister Miller, maar ik kreeg de indruk dat miss Fraser blij was om de zorgen van de bedrijven kwijt te zijn. Zij heeft ons benaderd, niet andersom. De eerlijkheid gebiedt mij echter toe te geven dat, ook al zijn wij het grootste bedrijf in het Verenigd Koninkrijk, wij natuurlijk blij zouden zijn met een expansie, die zo prijsgunstig is.”
Het was weer even stil, toen hoorde ik, maar nu licht geïrriteerd: “Mister Reid, ik moet dit met mijn vader bespreken, dat zult u kunnen billijken. Kan ik u op uw hoofdkantoor terugbellen, of mailen?”
“U kunt mij altijd bellen en ik zal dit gesprek per email bevestigen. Ik neem aan dat uw emailadres op uw website staat?”
“Tien minuten, maximum,” zei ik tegen Vanny, nadat ik afgebeld had, “Tien minuten, bereid je voor. Adem rustig in en uit en relax. Als je je ex aan de lijn krijgt, onthoud dan dat je in de war bent.”
Zeven minuten later rinkelde de telefoon. Ik plugde een oortelefoontje in mijn oor, en schakelde de recorder in. Daarna gaf ik Vanny een teken om op te nemen.
“Vanny Fraser, who’s speaking?”
...
“Oh, it’s you. What do you want?”
...
“Ik heb niet veel reden om vriendelijk te zijn tegen je, nadat je drie tanden uit mijn mond hebt geslagen.”
Stefano keek mij vragend aan. Ik knikte. Stefano schudde zijn hoofd.
Ik hoorde Vanny’s ex zeggen: “Vanny, we hebben gehoord dat je je aandelenpakket wil verkopen.”
“Ik weet niet waar je het over hebt,” antwoordde Vanny.
“Je hebt je aandelen aan James Reid van Healthy Life aangeboden.”
“En wat als dat zo is? Het zijn mijn aandelen, ik kan er mee doen wat ik wil. Ik wil van die rotzaken af. Ze hebben mij niets dan ongeluk gebracht. Mijn vader is dood. Mijn honden zijn afgeslacht en mijn moeder is ook dood.”
“Vanny, het spijt mij ontzettend van je moeder en ook van je honden. Je weet dat. Wat zijn dat voor mensen, die zulke dingen doen, maar als je toch je aandelen wilt verkopen, verkoop ze dan aan ons. Wij geven je belangrijk meer dan Healthy Life.”
Vanny deed of zij aarzelde en nadacht, toen antwoordde ze: “Nee, zo aardig zijn jullie niet voor mij geweest. Je hebt mij zelfs bedreigd dat ik naast mijn vader zou komen te liggen. Nee, ik wil er vanaf en zo snel mogelijk. Morgen ga ik naar mijn financiële adviseur en als die zijn fiat er fiscaal aan geeft, dan verkoop ik. Ik wil er van af. Ik ben het zat, geloof me, John.”
De ex werd langzaam aan dol aan de andere kant. Logisch, want hij dacht nu opgezadeld te worden met een compagnon die ze niet konden rippen. Hij smeekte bijna: “Vanny, alsjeblieft. Ik heb er ook spijt van wat er allemaal gebeurd is. Ik wilde maar dat ik het goed kon maken…, maar ik kan het goedmaken, als je wilt. Ik geef je het volle aandelenbedrag. Ik kan je zelfs een gedeelte zwart betalen als je dat liever hebt. Dan hoef je niet zoveel Capital Gains Tax te betalen.”
“Ik weet het niet, John. Alles tussen ons is verkeerd gegaan. Ik denk dat het beter is, dat we elkaar niet meer zien.”
“Vanny, luister. Ik kom met mijn vader morgen meteen naar je toe. We bespreken de zaak en je kunt gelijk je advocaat bellen om het legaal te maken. Ik betaal je onmiddellijk een miljoen Pond Sterling zwart bij ondertekening van het contract.”
Ik gebaarde Vanny diep na te denken, alvorens te antwoorden: “Ik wil een miljoen Pond Sterling zwart, vóór de ondertekening. Het aandelenpakket wil ik normaal, wit betaald krijgen. Het miljoen Pond is een compensatie van alle narigheid die ik heb meegemaakt. Take it or leave it, that’s the deal. En dan is er nog iets: ik wil dat jij en je vader aan mij jullie excuses maken, jullie hebben mij niet mooi behandeld.”
Ik merkte dat haar ex wilde protesteren, maar hij bedacht zich bijtijds, en zei: “Ja, dat is redelijk Vanny. Overmorgen ben ik bij je met mijn vader. Ik heb wel een paar lijfwachten bij mij, maar dat is omdat ik met een miljoen Pond contant op zak loop.”
“Ja, dat is goed. Ik heb sinds dat mijn honden zijn afgeslacht ook twee lijfwachten. Dat lijkt mij normaal. Als jullie er overmorgen niet zijn, dan verkoop ik dezelfde dag nog aan Healthy Life. Geen trucs meer, okay?”
De ex bezwoer dat ze op tijd zouden zijn en de verbinding werd verbroken.
De volgende dag brachten Stefano, Renato, Flavio, Rino en ik door met het plannen van operatie DOUBLE EAST. Ik had nu alle gegevens van MI5 met betrekking tot de Poolse peetvader. Ik vertelde Stefano en de anderen, dat ik niet noodzakelijk door wilde stoten naar de Poolse top, omdat zij net als wij, ook gangsters waren.
Stefano was echter van mening dat wij de top wel moesten aanpakken, hij zei: “Met respect zio Gian, maar als de kop afgesneden wordt, dan heeft de rest van het lichaam een probleem met denken. Die Polen zouden wat ons betreft geen bedenkingen hebben, om ons af te slachten. Afmaken, die handel.”
Hier zag ik dat Stefano aan het veranderen was. De moord op zijn vader had hiervoor gezorgd. Normaal liet hij zich aanvallen. Dan verweerde en vermoordde hij. Dat was nu voorgoed geschiedenis.
Ik keek naar de andere Italianen. Zij knikten ten teken dat zij het eens waren met Stefano. ‘Well, so be it!’
In de middag reden we naar twee industrieterreinen. In het Cobbswood Industrial Estate op de Brunswick Road in Ashford had ik op een valse legitimatie een industrieloods gehuurd, waar een kippenvlees verwerkingsbedrijf in had gezeten. Door de steeds strenger wordende voedselreglementen hadden de eigenaars besloten om het bedrijf te sluiten.
Ik had de huur voor een jaar vooruitbetaald en de eigenaars verteld dat ik er een softwarebedrijf in wilde beginnen. Het zou de eigenaars kippenworst zijn, wat ik er in wilde beginnen. Ze hadden de huur voor een jaar ontvangen.
Daarna reden wij naar het Parkwood Industrial Estate in de Cuxton Road in Maidstone. Wij reden één keer langs een loods en reden toen weer weg. Dit adres had ik gedurende de week van MI5 doorgekregen. De Poolse Peetvader had hier als dekmantel een bedrijf dat Kielbasa en Krakowska worsten uit Polen importeerde.
Ik vertelde mijn Italiaanse vrienden dat dit het hoofdkantoor van de Poolse maffiabaas was, en wat ik van plan was te doen. Ik had Stefano nog niet echt zien lachen, sinds dat hij in Engeland was aangekomen; Stefano was eigenlijk nooit echt uitbundig, maar nu uitschaterde hij Renato en Flavio die zowat van de achterbank afrolden van het lachen.
“Zio, Zio, ma veramente. (Oom, Oom, maar werkelijk),” gilde Stefano, “Dit is absoluut het meest fantastisch, waanzinnige plan dat ik ooit gehoord heb. Alleen u kan dat bedenken. Weet Vanny hiervan?”
“Nee, en vertel haar het ook maar niet.”
“Luister,” zei ik tegen mijn Italiaanse vrienden, “Ik weet dat jullie je afgevraagd zullen hebben, waarom wij die knoopsgatcamera’s nodig hebben. Bij iedere belangrijke actie, wil ik dat wij zo een ding dragen. We werken samen met machten, waarbij wij in het niet verzinken. Ik wil een complete video en geluidsopname van de hele operatie, maar dan ook alles. Onze gezichten en die van de Albanezen, haal ik er later wel uit. De Albanezen moeten ook zo’n camera dragen. Iedere dag moet er wel een nieuw SD geheugenkaartje in die camera gedaan worden. Op de gebruikte kaartjes de locaties en de datum zetten. Het is voor onze bescherming, dus kan ik op jullie rekenen?”
Mijn vrienden knikten alsof mijn verzoek de gewoonste zaak van de wereld was.
Vanny had de meest fantastische maaltijd laten bereiden. Niet dat Engelse fucking kuchshit, nee, ze had een Italiaanse kok laten komen uit één van de duurste Londense hotels.
Ze wist hoeveel mijn vrienden voor mij betekenden, en zij wist hoe moeilijk wij het allemaal hadden met de dood van Franco. Ze wist, ze vreesde, ze was panisch om wat er gebeuren ging, maar ze wilde het ons naar de zin maken. Ze wilde ons alleen laten en zelf iets alléén nuttigen, om ons de kans te geven, bij te praten. Ik zag dat de tafel voor vijf gedekt was en vroeg: “Wie mag er niet mee-eten, foofie?”
“Ik. Jullie operatie gaat morgen beginnen. Misschien overleeft iemand van jullie het niet. Ik ben ziek van angst daarvoor en ik wil eigenlijk van mijn wraak afzien.”
“Vanny, vanavond is jouw avond. Dit is het begin van de rest van je leven. Ik wil dat je bij ons komt zitten, we spreken allemaal Engels. Als je niet komt, dan kom ik bij jou zitten. Niemand van ons sterft. Je hebt de besten ingehuurd en je hebt het allerbeste uit Italië gekregen. Kom foofie, kom bij ons zitten.”
Natuurlijk kwam Vanny bij ons zitten; niemand had anders gegeten. Ik zei tegen Stefano, die gelachen had vanavond: “Vanny, is je tafeldame vanavond. Je gedraagt je als mijn vriend die ik altijd gehad heb en je vermaakt Vanny, want zij is niet alleen haar vader verloren, zij is ook haar moeder verloren. Ik denk dat jullie elkaar wel iets te zeggen hebben.”
De avond vóór de dag erna, was fantastisch. Het was onbeschrijflijk, want Renato en Flavio zongen liederen van de Malavita (Onderwereld) ooit wel eens een Napolitaan gehoord, die niet zingen kon? Nee, dat dacht ik al. Stefano en Vanny hielden elkaars handen vast, terwijl zij samen huilden.
De dag na de avond ervóór. Wraak. Tien uur ’s morgens stopte een Bentley Mulsanne op Vanny’s parkeerplaats voor de villa. John Peter Miller, Vanny’s ex, en zijn vader stapten uit met de chauffeur en een andere lijfwacht. Renato en Flavio waren uit het zicht en zouden geen rol spelen.
Ik ontving de vier mannen en stelde mij voor als Vanny’s adviseur. De chauffeur was een Pool en de andere man stelde zich voor als Grant. De helft van fucking DOUBLE EAST.
Ik bracht de vier man in de lounge waar Vanny en Stefano zaten te wachten. De elektriciteit die er heerste, was genoeg om heel Londen een jaar van stroom te voorzien.
“Ik dacht dat je zei dat je ook twee lijfwachten had genomen,” verwonderde John Peter Miller zich.
“Dat heeft ze ook,” zei Stefano in vloeiend Engels, “Ik tel voor twee, en jouw twee lijfwachten tellen voor één.”
Grant, de psychopaat begon te lachen en zei: “Een jongetje?”
“Stop dat Grant,” zei JP Miller, “We zijn hier om zaken te doen.”
“We doen alleen zaken wanneer je dat miljoen Pond Sterling betaalt. Heb je dat bij je? Anders doen we geen zaken.”
“Ja, ik heb het geld bij me. Grant, laat Vanny het geld en het contract zien.”
“Je bent wel een beetje lippy, missy,” zei de Eastender, terwijl hij de geldkoffer opende.
“Jij ook, Pearly Man,” zei Stefano, “Ik raad je aan om die grote bek nu dicht te houden tegen miss Fraser, of ik ruk je uit dat goedkope maatpak vandaan.”
“Waaat,” zei de psychopaat, terwijl hij opsprong, “Ik laat mij door een fucking spic de les niet lezen.”
“Gelijk heb je,” zei Stefano, die hem vanuit zijn stoel onder zijn kin trapte. De Eastender zakte in elkaar. De Pool trok een mes en viel Stefano, die nu opgestaan was, aan. Stefano draaide mee met het stekende mes, ving de pols op en brak de arm van de Pool over zijn schouder. Daarna brak hij de Pool zijn kaak met een elleboogstoot.
“Rustig! Rustig!” schreeuwde Vanny’s ex, “Wij komen om zaken te doen.”
“Die doen wij ook,” zei ik, “Geloof mij, die doen wij ook.”
“Deze is van Vanny..., voor de mazzel,” zei ik en gaf de ex een gedoseerde kopstoot.
JP Miller zeeg op zijn knieën.
“Tel eens, je moet nu drie tanden missen, als het goed is,” zei ik.
Ik gaf hem een trap tegen zijn oor en draaide mij naar de vader, die nu schreeuwde: “Ik ben een oude man, ik ben helemaal niet in orde.”
“Dat komt dat goed uit, want ik ben ook oud en ik voel mij ook niet al te best de laatste tijd.”
Er op lettend dat ik geen zichtbare verwondingen aanbracht, sloeg ik de vader met een open hand onder zijn kin. Zijn hoofd klapte achterover. Ik maakte een vuist, draaide mijn arm in een boog en sloeg de man, zo hard ik kon tussen zijn benen. De vader zakte als een zoutzak in elkaar.
Vanny stond met haar handen voor haar mond. Ik zei tegen haar: “Nou miss Fraser, dat deed toch geen zeer hè?”
“Dat ging razend snel, Jan. Wat nu?”
Ik fouilleerde de vier man en gooide al hun bezittingen op een hoop en zei tegen Vanny: “Doe alles in een plastic vuilniszak, maar houd de reis- en identificatie documenten en portefeuilles van je ex en zijn vader apart. Uit alle mobiele telefoons haal je de batterijen. Okay foof?”
Vanny knikte en keerde even later terug met een vuilniszak, waarin zij de fouillering van de vier mannen deed.
“Nu gaan we zaken doen,” zei ik, en gaf het koffertje met een miljoen Pond Sterling aan Vanny, “Hier doe dat, en de documenten van je ex en zijn vader in je kluis. De aanbetaling heb je dus al. De rest volgt.”
Ik vroeg Renato en Flavio, die binnen waren gekomen om de vier mannen te boeien met plasticuffs, hun monden en ogen dicht te plakken met pakketplakband en hen daarna in de kofferbak van de Bentley te proppen.
Terwijl ik de Bentley Musanne reed, volgden Stefano en Vanny in de A6. Rino, Renato en Flavio waren in Vanny’s huis achtergebleven om dat te bewaken. Het was niet ondenkbaar dat Phil een ‘backupteam’ achter zijn broer had aangezonden.
Bij het kippenvleesbedrijf in het Cobbswood Industrial Estate aangekomen, ontsloot ik de garagedeur en reed de Bentley naar binnen. Stefano volgde met de A6. We trokken de vier mannen uit de kofferbak van de Bentley, en gooiden die op de vloer van de fabriekshal.
Stefano trok Grant, die weer tot zijn positieven was gekomen, omhoog en gooide hem op een werkbank, waar hij het plakband van zijn ogen en mond aftrok.
“Nou,” zei ik tegen JP Miller en zijn vader, nadat ik bij hen en de Pool het plakband had verwijderd, “We gaan zaken doen. Eerst wil ik weten wie de honden van Vanny heeft vermoord. Verknoei mijn tijd niet met liegen, want bij elke leugen knip ik je een vinger af.”
Ik pakte een pluimveeschaar en vroeg: “Wie heeft de honden afgeslacht?”
“Zeg het hem,” schreeuwde de vader, “Ze vermoorden ons.”
Wie had er ooit ook al weer gezegd dat dierenbeulen lafaards waren? Ik herinner mij het niet, maar de persoon had inderdaad gelijk, want JP Miller zei onmiddellijk: “Ik heb nooit gezegd de honden te laten vernietigen, ik had alleen gevraagd om Vanny wat onder druk te zetten.”
“Gevraagd?”
“Ja!”
Ik pakte zijn geboeide hand en knipte zijn pink af. JP schreeuwde alle duivels uit de hel. Vanny begon over te geven.
“Ga in het kantoortje zitten, foofie. Je hoeft dit niet te zien.”
“Ik wil dit zien, ik wil dit niet missen. Volgende vinger wil ik afknippen. Één voor iedere hond,” huilde zij.
Ik draaide mij weer naar JP Miller, en vroeg: “Gevraagd?”
“Nee, nee, opdracht gegeven, maar niet om de honden te vermoorden. Dat zou ik nooit gedaan hebben.”
“Nee, je bent een fijne knul. Wie heeft Vanny’s vader vermoord?”
“Dat weet ik niet!” schreeuwde JP, nu in paniek.
Ik gaf de karkasschaar aan Vanny en zei: “Knip hem zijn andere pink af.”
JP Miller begon ook over te geven, maar slaagde erin om te zeggen: “Een kennis van ons heeft dat gedaan, in Miami.”
“In opdracht van jou, of had je die persoon ook gevraagd?”
“Nee, nee, in opdracht van ons.”
“Dus je vader wist er ook van?”
Aarzelend gaf JP toe: “Ja.”
“Goed, die houden we er even in dan. Aan wie heb je opdracht gegeven om Vanny onder druk te zetten. Je Poolse contact in de States, of aan iemand anders?”
JP keek mij verbaasd aan, maar stapte in de val door te zeggen: “Mijn Poolse contact in Miami.”
Ik pakte de schaar en knipte JP’s andere pink af.
Het gebrul begon weer opnieuw en terwijl ik een ringvinger pakte, vroeg ik: “Aan wie heb je die opdracht gegeven?”
“Aan de broer van Grant.”
“Dank je,” zei ik, terwijl ik JP’s handen afplakte om het ergste bloeden te stelpen. De twee pinkies stopte ik bij zijn vader in zijn zak, en zei: “Bewaar die goed, want je krijgt de rest straks.”
Ik liep naar Stefano, die nog steeds bij Grant stond.
“Grant, het interesseert mij niet wie de baas is. Jij, of je broer, het is mij om het even. Wie heeft die honden geslacht?”
De Eastender had meer moed dan zijn laffe opdrachtgever uit Amerika, want hij zei: “Ik heb dat gedaan.”
“Wie waren er bij je? Ik wil de namen van de Polen die je geholpen hebben.”
“Van mij hoor je niets meer. Jullie maken ons toch kapot, dus waarom zou ik je helpen? Doe wat je doen moet en maak er een fucking eind aan.”
“Goed, dat is moedig van je. Wat ik nu wil weten, is of deze Pool bij je was. Als je toegeeft dat hij bij je was, dan maken we jou dood, in plaats van jullie twee tegelijk. Lieg, en we hakken jullie beiden aan stukken, net als dat met de honden gebeurd is.”
De Pool, die tot nu toe niets had gezegd, vanwege zijn gebroken kaak, velde nu zijn eigen vonnis door te brabbelen: “Vertel de waarheid, Grant. Vertel hem dat ik er ook bij was.”
“Dank u,” zei ik, “Dat scheelde tijd en moeite. Ik heb nooit gezegd dat we je leven zouden sparen, wanneer jij bekende.”
“Stomme Poolse imbeciel, nu maken ze jou ook kapot,” schold Grant.
“Vanny, wil jij het zelf doen?”
Ze keek mij verloren aan en tranen welden in haar ogen. Ik zag dat ze haar moed en krachtreserves had opgebruikt.
Ze snikte: “Ik ben bang dat toekijken nu mogelijk al... al te veel voor mij wordt..., maar ik weet nu dat ik niet iemand vermoorden kan, Jan. Ik zou het willen voor mijn vader..., moeder en mijn arme honden..., maar ik kan het niet… I’m so sorry.”
“Dat is cool, Vanny. Geen enkel probleem, dat wij niet voor je kunnen oplossen. Wil je soms liever naar huis gaan?”
Ze probeerde zichzelf te vermannen en zei: “Nee, ik probeer het uit te zitten, Jan. Het zou mij mogelijk altijd spijten als ik niet tenminste geprobeerd had te kijken, hoe dat vuil vernield wordt.”
Nadat ik twee stoelen uit het kantoortje gepakt had, en die naast elkaar had gezet, zei ik: “Okay, dan gaan we nu tot zaken over.”
Ik trok de vader van de grond en liet die op een stoel vallen, waarna ik hetzelfde met JP Miller deed.
“We hebben jullie nu eerste rang gezet, om een klein drama te kunnen aanschouwen. Deze opvoering is om jullie te laten begrijpen wat er gebeurt, wanneer jullie niet meewerken. Hoewel de voorstelling niet moeilijk te begrijpen is, zal ik deze toch van commentaar voorzien. Mocht er dan toch nog iets onduidelijk zijn, dan moeten jullie mij plechtig beloven, dat jullie mij dat zullen laten weten. Mag ik daarop rekenen?”
De vader knikte angstig en JP Miller brabbelde door het gat van de drie missend tanden: “Ja.”
“Laten wij beginnen met het toneel, waar alles zich afspeelt. Zien jullie die stalen rails, die een meter onder het plafond bevestigd is? Je kunt die haast niet missen, want de rails is een gesloten circuit, dat als het ware in de rondte van het gehele plafond is bevestigd. Dat zien jullie, nietwaar?”
Vader en zoon knikten.
“Goed, zien jullie die dubbele, stalen, scherp gepunte beugels die om de meter aan die rails zijn bevestigd? Zo ja, vertel mij dan waar dat apparaat voor dient.”
“Het is een kippenslachtmachine,” slobberde JP Miller.
“Bijna goed, het was een kippenslachtmachine, maar wij hebben het toestel wat aangepast. Het is nu een beestenslachtmachine. Nou, wat doet een beestenslachtmachine precies? Het slacht beesten. Het slacht beesten, maar geen gewone beesten. Gezien het dierenleed dat de kippenslachtmachine al teweeg heeft gebracht, vonden wij het terecht en zeer toepasselijk om er nu beesten van mensen mee te slachten, en wat voor betere mensen dan beestmensen, zoals dierenbeulen.”
“Oh mijn God,” kreunde JP Miller.
“Jestem niewinny (ik ben onschuldig)!” gilde de Pool
De eerste keer dat ik iemand plasticuffs (handboeien) zag breken..., was nu. Misschien hadden de plasticuffs een fabrieksfout, of misschien was Grant zo krankzinnig sterk..., wij zouden het nooit weten, maar ineens werd Stefano achteruit getrapt en Grant spong van de werkbank af. Ik trok mijn Sig Sauer P226 Combat TB uit mijn rugholster, en wilde Grant in zijn knieën schieten.
“Niet schieten, Zio,” schreeuwde Stefano, die al gezien had waar Grant naar toe rende. De Eastender rende naar de overliggende muur en trok daar een brandbijl vanaf.
“Zo spicshit,” zei hij, “Nu gaan we het nog een keer proberen.”
Stefano stond in een afwachtende Aikidojitsu houding tegenover Grant, die niet de fout maakte om van boven naar beneden te slaan. Hij vermeed ook om met een lange horizontale bijlslag uit te halen. Als ervaren straatvechter wist hij dat zo’n slag, niet te stoppen was, wanneer de bijl haar doel miste. De zwiepende bijl zou hem dan uit zijn balans rukken.
Grant hield de bijl met twee handen vast, Één hand op het einde van de bijlsteel en zijn andere hand vlak onder de bijl zelf. Hij viel aan met korte stoten en klappen, terwijl hij de steel zo hield dat hij Stefano in zijn gezicht kon raken, of hem steel om zijn nek zou kunnen slaan. Een uitstekende en beheerste strategie. Niet voor Stefano.
Bij de eerste bijlstoot liet Stefano zich lichtjes zakken en hij draaide zicht met zijn rug tegen Grant aan, en greep de bijlsteel. Toen liet hij zich op één knie zakken en trok the Eastender over hem heen. Stefano kwam omhoog en trok Grant over zijn schouder heen, die nu plat op zijn rug, op de betonnen grond viel. Twee man hadden de bijsteel nu vast..., maar niet voor lang...
Stefano die gebogen over Grant stond, ging zitten en met de binnenkanten van zijn schoenen trapte hij de Eastenders’s oren eraf. De psycho-gangster brulde van pijn en liet de bijlsteel los, waarmee Stefano nu zijn neus brak, voordat hij weer op zijn benen stond.
“Farlo fuori, in pezzi,” zei ik tegen mijn peetzoon.
Terwijl de gangster overeind probeerde te krabbelen, nam Stefano de bijl, bij het uiteinde van de steel. In één lange, zwiepende, overhandse slag eindigde het blad van het kapwerktuig tussen de benen van Grant. De bilspleet vergrootte zich in één klap tot de gangsters navel aan toe. Grant schreeuwde en krijste als een vampier die een kruis tegen zijn voorhoofd gedrukt kreeg.
“Wil jij een beetje hakken nu, Vanny?” vroeg ik, “Onthoud wat hij met je honden heeft gedaan.”
Vanny stond in tweestrijd, maar besloot: “Één klap dan, anders zal ik nimmer weten, hoe mijn wraak voelde.”
Vanny nam de bijl van Stefano en hief die hoog boven haar hoofd. Voor een vrouw, die nimmer houthakker was geweest, was het een mooie klap. Zij plantte de bijl zo hard in Grant’s maag, dat de bijl zijn ruggengraat brak.
“Je honden, Vanny. Je vader, je moeder en al je ellende. Denk daaraan terwijl, je hem een hand afhakt.”
Terwijl ik de bijl lostrok uit de ingewanden van de krijsende gangster, had Stefano zich, op zijn Pierre Cardin slip na, uitgekleed.
Nadat ik Vanny de bijl weer had gegeven, hakte zij de gangster, die nu snel in coma dreigde te geraken, zijn rechterhand af. Toen zakte zij in elkaar. Stefano pakte haar liefdevol op en legde haar op de achterbank in zijn A6. Vanny zou zo weer in orde zijn. Zij was flauw gevallen ten gevolge een aanval van orthostatische stress.
Ik zei tegen Vanny die weer aan het bijkomen was, even te blijven liggen. Nadat, ik mij overtuigd had dat zij in orde was, pakte ik de crypto-telefoon en ik belde Assistant Director General John Holborn van MI5.
“Jan, goed van je te horen. Hoe gaan we?”
“DOUBLE EAST is nu nog maar SINGLE EAST, maar ik heb dringend een dokter nodig, om twee handen met geamputeerde pinken te verbinden.”
“Dat is dus voor de vader of de zoon. Okay, waar zit je?”
“U weet waar ik zit, want er zit een tracer onder de A6 van Stefano. Stop ‘fucking me about’, mister Holborn.”
De Assistant Director General lachte, en zei: “Complimenten Jan, je blijft me verbazen. Ik zit op dertig kilometer afstand van je, dus je kunt mij met een dokter verwachten, over ongeveer een half uur.”
“Is het een burgerdokter of MI5? Als het een burger is, moet hij geblinddoekt zijn tijdens de rit.”
“Wil jij een aap leren klimmen of je grootmoeder leren hoe ze eieren leeg moet zuigen?”
Ik lachte en belde af.
“Kunnen jullie het nogal een beetje volgen,” vroeg ik even later aan JP Miller en zijn vader.
“Ik had beloofd de dingen een beetje toe te lichten, dus bij dezen. Wat hierna volgt heeft niets meer met wraak te maken, want jullie lijfwacht en boodschappenjongen, is bijna dood. Hij gaat nu in coma, dus het is niet waarschijnlijk dat hij nog veel zal voelen.
Het is zuiver psychologisch, zodat jullie weten wat er gebeurt met je, terwijl je al in coma bent. Ik moet toegeven: het is net zo’n fris gezicht als jullie. Helemaal niet dus.”
Stefano had de bijl in zijn rechterhand. Met lange overhandse slagen, waarbij hij na iedere slag van hand verwisselde, hakte hij de Eastender aan stukken. Hij was nu van top tot teen met bloed besmeurd. Wat een rotzooi zeg.
“Ik denk dat al die arme kippen, die hier zo beestachtig geslacht zijn, er wel vrede mee kunnen hebben dat jullie vriend Grant niet in de carrousel heeft gehangen,” zei ik opgewekt tegen de vader, de zoon en de heilige Poolse geest.
“Zo het is jouw beurt nu,” zei ik tegen Pool, “Denk je dat je nog iets bij kan dragen aan onze informatieafdeling? Wat ik bijvoorbeeld weten wil is, hoeveel Polen werken er in je organisatie?”
De Pool had door zijn paniek moeite met denken, maar slaagde er toch in met een redelijk zinnig antwoord te komen: “Veertig, ongeveer veertig dat ik weet.”
“Polen en Bulgaren, of alleen Polen?”
“Alleen Polen, sinds kort wilde Grant niet meer met Bulgaren werken”
“Van wie kreeg je je opdrachten?”
“Van Grant. Always from Grant.”
“Dus je bent nu werkeloos, want je hebt geen baas meer, begrijp ik?”
“Tak,” bevestigde de Pool.
“Dat is niet zo erg,” zei ik terwijl ik de Sig Sauer trok en de Pool twee keer door zijn hoofd schoot, “Je bent namelijk ook arbeidsongeschikt nu, stinkende dierenbeul.”
De vader begon te gillen en ik moet hem even tot orde roepen door de loop van de Sig Sauer in zijn neusgat te duwen, en te zeggen: “Niet je neus ophalen nu, want anders veroorzaakt een negen millimeter kogel een voorhoofdsholte ontsteking. Jullie zijn flink in het bedreigen van een vrouw, het vermoorden van haar honden en ouders, maar nu zijn jullie niet zo flink. Ik hoorde dat jij niet eens neuken kunt JP. Je naam is dan wel Miller, maar je bent zeker geen ‘filler’”
Ondanks de angst in JP’s ogen, straalden dezen nu ook haat uit.
Terwijl Stefano zich aan het douchen was, vertelde ik de vader en de zoon, hoe de vlag erbij hing: “Hoeveel zwart geld hebben jullie ‘gestashed’? Het maakt mij niet uit wie er antwoordt van jullie, maar één leugen en de leugenaar hangt in de kippencarrousel.”
“Honderdenzestien miljoen Pond Sterling,” antwoordde de vader prompt.
Daar dit wel zo’n beetje klopte met wat Vanny en ik al uitgerekend hadden, en de vader zo prompt antwoordde, besloot ik dat maar voor waarheid aan te nemen. Een paar miljoen Pond meer of minder deden er ook niet toe. Uiteindelijk zouden we al acht miljoen Pond meer vangen dan waar wij op gerekend hadden.
“Waar is dat geld gestashed?”
“In Jersey.”
“Welke bank?”
“Barclays Private Bank & Trust.”
“Staat het Pond Sterling of Dollars?”
“Pond Sterling.”
“Hoe hebben jullie dat geld daar gekregen? Je gaat mij niet vertellen dat je steeds een koffertje met dollars hebt meegenomen uit de States.”
“Wij kochten van een andere firma in Jersey, die wij zelf hebben opgericht. Wij verdubbelden daar de prijs van het artikel, dat wij aan onszelf in de States verkochten. We maakten dan het bedrag vanuit Miami over naar Jersey, waarvan de surplus winst naar een aparte rekening bij Barclays Private Bank & Trust werd overgemaakt.”
“Maximum bedrag van opname?”
“Is er niet, mits wij maar een paar dagen van te voren bellen.”
“Dus als je nu belt, kun je over een paar dagen honderdzestien miljoen dollar opnemen?”
“Jawel.”
“Ben jij als enige gemachtigd om geld op te nemen?”
“Mijn zoon kan dat ook doen. Één van ons tweeën is genoeg.”
“Wat gaan wij dus doen?”
“Ik moet bellen en dat geld ophalen en aan jullie geven.”
“Ben je daartoe bereid?”
“Jawel,” zei de vader, die al aan verschillende manieren zat te denken om ons te dwarsbomen.
Stefano die fris gewassen weer binnenkwam, vroeg ik: “Wil jij even twee veiligheidsriemen uit de auto pakken?”
“Spiernaakt uitkleden,” beval ik de vader en de zoon.
Ik pakte de canvas riemen van Stefano aan en begon met de vader een riem om te gespen. De gesp was een kevlar slot en het canvas was wat dikker dan dat van een normale riem. Toen ik mij overtuigd had dat de riem goed strak zat, deed ik hetzelfde bij de zoon. De riemen waren zo ontworpen dat dezen de veiligheidsscanners op de vliegvelden niet zouden ‘triggeren’. Ik pakte de mobiele telefoon die Stefano mij aangaf, en toetste een nummer in.
“Kijk naar de gesp van de riem,” zei ik tegen JP en zijn vader.
Terwijl JP omlaag keek en de vader zijn buik optilde, toetste ik twee keer een serie nummers in, dat ik afsloot met twee hekjes. Op iedere riem ging nu een led lampje groen branden.
De mannen keken mij niet begrijpend aan.
“Ik zal jullie even uitleggen hoe dit werkt. De riem is in werkelijkheid een riem die gevuld is met twee ons semtex. Dat is ruim voldoende om jullie bovenlichaam naadloos van je onderlichaam te scheiden. Het is dus een soort confectiebom. Het mooie is dat de explosie naar binnen gericht is, dus omstanders hebben nauwelijks hinder van de ontploffing, ook al lijken jullie dan op dat moment op het paard van Baron von Münchhausen.
Nou het werkt als volgt: wanneer je de bom probeert te verwijderen of te saboteren, op wat voor manier dan ook, boem! Wanneer je buiten een dertig meter straal van deze telefoon komt, boem! Wanneer ik een bepaald nummer draai, boem. Nou, dat waren de nadelen. Dit zijn de voordelen. De riem is water- en gasdicht, je kunt er dus meer onder de douche, of gaan zwemmen, vooropgesteld dat je zwemmen kunt, anders verzuip je. Het probleem hierbij is dat wanneer je onder water gaat, dan verbreek je het signaal en..., juist, een hoop dode vissen. Dan is de riem ook uitgerust met een cellphone module, zodat ik altijd kan horen wat je zegt. Wanneer je gaat fluisteren, word ik argwanend en..., boem. Is tot zover alles duidelijk?”
“Ja,” zeiden beiden.
“Nou, als het teveel wordt, zeg het mij dan gelijk,” zei ik tegen de vader, “Jij belt morgen de bank en je zegt dat je langskomt met je ex-schoondochter. Je wilt de activa van jouw rekening over te laten schrijven op een nieuwe, bij Barclay’s te openen rekening van je schoondochter. Vanny zal bij jou zijn gedurende die transactie. Als jij met de bankemployee verdwijnt, naar het toilet gaat, als je een briefje schrijft, overhandigt, of wat dan ook doet dat ons niet aanstaat..., ik weet het, ik verval in herhalingen..., boem! Is dat duidelijk?”
“Ik bel morgen gelijk,” zei de vader.
“Nee, wij bellen en jij praat, terwijl ik meeluister. Banken willen namelijk een codewoord horen, speciaal voor deze gevallen. Nou, gezien wat jullie miss Fraser hebben aangedaan, wat zou je geneigd zijn om te zeggen betreffende het zwarte geld?”
“Dat wij er dan goedkoop vanaf komen,” zei de vader.
“Juist, wanneer de Internal Revenue Services in de States er achter komen, dan ben je het geld kwijt, je zaak en je gaat twintig jaar de gevangenis in. Dus –en zeg jij nu eens wat JP- je bent met mij eens dat je er goedkoop vanaf komt zo?”
“Ja zeker,” spetterde JP wat bloed uit zijn mond.
“Dat vonden wij ook al, en om nu helemaal naar Jersey te reizen om een beetje zwarte molm op te halen, is niet erg economisch. Wij hebben dus besloten dat je nog een telefoontje pleegt. Deze keer maak je een afspraak met je Notary Public voor de legalisatie van een aandelen overdracht.
Intussen geef je je accountant opdracht om alle vereiste formulieren voor de overdracht van je aandelen in de Holding Company, naar miss Fraser voor te bereiden. Die documenten worden gecontroleerd door de advocaat van miss Fraser in Jersey. Wanneer dat in orde blijkt, wordt de transactie bekrachtigd en geratificeerd, zodat deze documenten in de States niet meer aangevochten kunnen worden. Je zult op je gehele trip vergezeld worden door iemand van ons, die het boem apparaat kan bedienen. Is dat duidelijk?”
“Je laat ons met niets,” zei de vader, “Je ruïneert ons.”
“Okay, we doen de hele zaak voor de helft dan, dus vijftig procent van jullie aandelen en achtenvijftig miljoen Pond Sterling. Hoe klinkt dat?”
“Ja, dat is veel beter,” zei de vader, een stuk vrolijker.
“Okay, dan doen we dat, maar dan blazen we nu je zoon op. Je begrijpt dat miss Fraser genoegdoening verlangt voor haar dode ouders, en afgeslachte honden. Je zoon levert jou dus achtenvijftig miljoen Pond en vijftig procent van je aandelen op..., maar we kunnen natuurlijk ook de zaak met je zoon doen, wanneer die bereid is ons oorspronkelijk voorstel aan te nemen. Zeg maar wat je wilt.”
De vader zag het gevaar, en zei gelaten: “Ik schrijf alles over.”
“Ik weet niet hoeveel je om je zoon geeft, maar als jij om één of andere reden slim denkt te zijn, sterf jij niet alleen, maar je zoon tegelijkertijd. Wij hebben dan namelijk niets meer aan hem, dus de riemen ontploffen tegelijk.”
“Oh Jezus, wat zijn jullie voor mensen?”
“Mensen! Geen beesten.”
Mijn crypto-telefoon ging over en ik liep naar de garagedeur en opende die. De Jaguar van Assistant Director General John Holborn van MI5 reed naar binnen, waarna ik de deur weer sloot.
“Hallo Jan,” zei de Assistant Director General, toen hij uitstapte en een koffertje uit de kofferbak pakte, “Dit is Len Warren, de dokter. Waar is de patiënt?”
Ik zag aan de houding en de loop van Len Warren, dat hij een legerarts was. We schudden elkaar de hand en ik stelde beide mannen aan Stefano voor.
“Ciao Stefano,” verraste de Assistant Director General mij, “È un onore di conoscerla.”
“Dag mister Holborn,” antwoordde Stefano in Italiaans, “Het is een eer voor mij, om u te ontmoeten.”
“En dat zijn?” vroeg de Assistant Director General op de Pool en de resten van de Eastender wijzend.
Ik wees onze gevangenen één voor één aan: “De vader..., de zoon..., twee niet zo heilige geesten. Dit was SINGLE EAST en dat was een Poolse gangster. Hielden er allebei van om honden stuk te hakken. Wij ook.”
De dokter begon de handen van JP Miller te verzorgen, toen Vanny weer binnenkwam. Haar gezicht had weer een normale kleur en ze leek zichzelf weer te zijn.
“Dag miss Fraser,” zei de Assistant Director General, terwijl hij haar scherp opnam, “Is alles weer goed met u?”
“Dag mister Holborn. Ja, ik ben weer okay. Het was een zwak moment, denk ik.”
“We hebben dat allemaal meegemaakt miss Fraser. Ik vind dat u het bijzonder goed doet. Kijk zo even naar miss Fraser, Len. Ik denk dat zij een collapse heeft gehad. Wat zijn dat voor mooie riemen die de familie Miller draagt, Jan?”
Ik legde de Assistant Director General de werking en het doel van de riemen uit. John Holborn begon te lachen en zei: “Complimenten. Geweldige oplossing. Waterdicht. Is er geen gevaar dat de riemen exploderen op een ‘freak signal?’”
“Nee, twee cellphones moeten een digitale code tegelijk verzenden. Niets anders dan de ontvangst van die codes kan het mechanisme ‘triggeren’. O ja, ik denk dat ik wat goed nieuws voor u heb. Een cadeautje van Stefano.”
De ‘superspook’ keek mij niet begrijpend aan.
“Stefano raadde mij aan om de Poolse Peetvader ook maar tegelijk te verliezen.”
“Dat is goed nieuws, Jan. Dat maakt alles een beetje makkelijker. Hier is ook vast een cadeautje voor jou. Het is een vergoeding voor de reizen van je mannen, wapens en equipement. Als er geld bij moet, dan hoor ik het wel.”
De Assistant Director General gaf mij het koffertje. Ik opende het en zag dat het vol met geld zat.
“That’s very kind of you, mister Holborn,” zei ik, terwijl ik de twee mannen naar de Jaguar begeleidde.
De Assistant Director General schudde mij de hand, en zei: “Luister, je begint aan me te groeien, gangster, omdat je methodisch en doordacht te werk gaat. Ik zweer je nogmaals, wij zullen geen konijn uit de hoed trekken wanneer dit verhaal af gaat lopen, maar ik wil dat we een meeting zijn tweeën hebben met, voordat je weer naar Holland vertrekt. Ik heb mogelijk zaken waar MI5 en jij, allebei wijzer van kunnen worden. Ik weet dat ik je niet kan kopen, maar ik praat over honderden miljoenen. Okay, antwoord me niet nu, denk erover na de meeting.
Als laatste wil ik je waarschuwen Phil niet te onderschatten. Hij is een beetje als jij. Methodisch, sluw en een denker. Zoals ik zei, ik begin je te mogen, dus let op.”
Nadat ik Len Warren gedag had gezegd, reden de mannen weg en ik sloot de garagedeur weer.
Ik beval de vader en zoon zich weer aan te kleden, waarna ik hen weer boeide. Ik sloot ze op in twee koelcellen, waarin een chemisch toilet en een paar flessen water stonden, en een slaapzak met dekens lagen.
“Zeg elkaar maar gedag, want jullie weten niet of jullie elkaar ooit weer terug zullen zien. Nog even dit: de temperatuur in deze koelcellen is 21 graden. In de muren zitten geluidssensors ingebouwd. Als die geluid boven het normale niveau detecteren, zakt de temperatuur in beide cellen. Om je een idee te geven kan ik het je het best zo uitleggen: voor iedere minuut schreeuwen, zakt de temperatuur twee graden. Schreeuw vijftien minuten en je bent met een uur bevroren. Duidelijk?”
De mannen knikten moedeloos, toen ik de deur achter hen sloot.
“Stefano, het gaat nu in een korte stroomversnelling. Morgen moet dat ouwe secreet zijn bank, zijn accountant en zijn notaris in Jersey bellen. Dus moeten wij hier weer terugkomen.
Vannacht of uiterlijk morgen kunnen wij ook de eerste ploeg Polen bij Vanny’s huis verwachten. Die komen om te informeren wat er met Grant en zijn Poolse billenmaat is gebeurd. Die ploeg wil ik onderscheppen, want dan spelen we nog steeds een thuiswedstrijd. Het ruimt lekker op, want ik verwacht minstens tien man, zoals ik Phil nu ken...
Ik zou je willen vragen om twee slagers van je Albanezen, hier de troep op te willen ruimen, die lijken uit te benen en de botten in de beenmeelmolen te gooien. Het vlees en de organen gaan in die grote gehaktmolen en kan daarna in plastic zakken opgeslagen worden in een koelcel. Het hoofd van Grant even apart houden en in de diepvries zetten.
Ik ga nu met Vanny naar huis en ik neem de A6 mee, want ik houd rekening, zoals ik al zei, met een Pools onderzoek vannacht. Als jij alle Albanezen mobiliseert en de operatie hier controleert, dan kun jij met hen mee terugrijden, naar de villa. Als de Londense mob vannacht komt, dan komen ze met geweld. Als ze morgen komen, dan komen zij mogelijk informeren en wanneer de uitslag hen niet bevalt, dan start het geweld.
Komen ze vannacht, dan pakken we hen zodra ze uit hun auto’s stappen. Geluiddempers op alle wapens, ik wil niet dat de plaatselijke fuzz (politie) gewaarschuwd wordt door schoten. Dus vannacht staan we op ‘standby’. Comms setjes en slaapmatjes uitdelen aan de Albanezen, die kunnen gaan slapen. Buiten.
Jij, ik, Flavio, Renato en Rino nemen ieder een wacht van twee uur. De rest, voor morgen leg ik je wel uit, als je weer thuis bent. Va bene così, figlio?”
Stefano legde teder zijn arm om onze nekken en liep met Vanny en mij mee naar de A6.
“Heb ik het een beetje goed gedaan, Jan?” vroeg Vanny mij, terwijl zij het geldkoffertje tussen haar voeten zette.
“Meer dan goed. Het rot gevoel dat je mogelijk hebt, gaat over in een paar dagen. Als je geplaagd wordt door beelden van het gebeurde, dan vervang je die onmiddellijk door beelden van je vader, moeder en de honden. Steeds opnieuw, en dat doe je ook met gedachten. In een week is het verdwenen.”
Toen wij in de villa kwamen, zag ik dat Renato achter de computerconsole zat. Hij wenkte mij dichterbij en zei: “Verhoogde telefoonactiviteit op alle nummers van Phil. Hij klinkt vrij relaxed, maar de mensen die hij belt, niet. Ook heeft hij het nummer van zijn broer iedere tien minuten gebeld. Ik denk dat wij snel bezoek krijgen.”
“Hoe verwacht jij dat het komt?” vroeg ik hem.
“Niet vannacht, Zio. Zoals u die Phil hebt uitgeduid, weet hij ook dat, wanneer wij er inderdaad de oorzaak van zijn, dat hij niets van Grant hoort, dat een nachtelijk komst alleen maar geweld tengevolge kan hebben. Ik verwacht ze morgen rond een uur of tien..., met een man of tien. De helft blijft buiten en de andere helft komt binnen. Zij komen door de voordeur, maar met geweld als het moet.”
“Rino?”
“Ja, Gian. Ik denk dat dit wel een realistisch scenario is, gezien de extra communicatie-activiteit. Toch zou ik vannacht steeds iemand ‘on standby’ willen zien.”
“Flavio?”
“Helemaal mee eens, Zio. We kunnen testen door vannacht de telefoons van Phil een paar keer anoniem te bellen. Wanneer hij steeds onmiddellijk opneemt, dan weten wij dat er iets op touw gezet is, of wordt.”
“Perfect. Vanny, heb jij een adres hier in de buurt, waar je desnoods een paar dagen kunt verblijven?”
“Ik heb een zomerflat in Dover, die op het Kanaal uitkijkt. Wil je mij weg hebben?”
“Ik wil je alleen uit de vuurlijn vandaan hebben. Morgenochtend begint het erom te spannen. Als ze vannacht komen, dan heb jij daar geen last van. Maar morgen wil ik je niet in het huis hebben. We laten jouw auto op de oprijlaan staan, zodat men denkt dat je hoogstwaarschijnlijk thuis bent. Ik haal en breng je morgenochtend in mijn auto Ik kan je niet beloven dat je huis onbeschadigd blijft, is dat een probleem, foofie?”
“Nee, absoluut niet, Jan. Het doet er niets toe. Doe wat je doen moet.”
Even later kwam Stefano binnen. Hij stak zijn duim op en zei: “Zes Albanezen in positie, en de andere twee komen over een uur. Ze zijn allemaal bewapend met gedempte HK MP5 SD’s en gedempte Glock’s. Twee hebben een HK AG-C-GLM granaat lanceer machinepistool, Alle Albanezen hebben een communicatieset.”
“Spreken je vrienden allemaal Italiaans?”
Stefano knikte.
“Laat alle wagens, behalve die van Vanny in de garage zetten, zodat het er niet op lijkt, dat ze bezoek heeft. Jullie gaan allemaal slapen, ik neem de eerste wacht, want ik moet Vanny morgenvroeg wegbrengen. Ik ben echter op tijd terug voor de pret.”
Na een rustige nacht reden Vanny en ik de volgende morgen om zes uur weg naar Dover. Vanny was erg stil, dus ik vroeg haar: “Wat is er met je, monster. Voel je je niet okay?”
“Nee, dat is het niet, Jan. Ik voel mij een beetje verdrietig, denk ik.”
“Maar waarom? Het gaat toch allemaal goed?”
“Ja, dat is het misschien, Jan. Ik heb gezien wat je kunt en waar je toe in staat bent. Je hebt de beste vrienden van de hele wereld. De autoriteiten behandelen je met respect. Je bent een wrede man voor je vijanden, maar je bent zo verschrikkelijk lief voor je vrienden, en ook voor mij. Je hebt mij gerespecteerd, en nog. Ik hoop dat dit nimmer overgaat, Jan.”
“Maar waarom, foofie? Waarom? Je kunt dan toch weer verder met je leven. Je zult de eigenaresse van de twee firma’s zijn en achtenvijftig miljoen Pond rijker. Wat is er slecht aan dat?”
“Wat doe ik ermee, Jan? Ik heb niemand. Nagenoeg geen vrienden. Wat bekenden, maar dat is het. Ik heb allang gezien dat dit geen langdurige operatie wordt, dus snel zul je weer weg zijn. Daar zit ik dan met al mijn rijkdom..., in mijn eentje.”
“Wil je dat ik wat bij je blijf tot je leven weer normaal op de rit is?”
“Ik zou willen dat je altijd bij mij blijft. Wat van mij is, zal van jou zijn. Ik heb een sterk persoon nodig en ik geef genoeg om je. Wil je met mij trouwen, Jan?”
Het voelde of ik krankzinnig werd. De beelden van de weg tolden voor mijn ogen, vervaagden en in een flits herleefde ik:
Die avond, in tegenstelling tot de vorige avond, vierden wij feest. Het verdriet was nu naar het achterplan verwezen. Op een gegeven moment duwde Stefano Lisette naar voren en zette een hand op haar schouder. Lisette ging op haar knieën, pakte mijn hand en vroeg: “Wil je met mij trouwen, Jan?”
Ik lachte, en huilde tegelijk.
“Ja Lisette, ja ik wil met je trouwen, maar wat heb je met die cheque van vijf miljoen euro gedaan?” dolde ik.
De strijd was over. Pam was veilig en getrouwd in Napels. Zij had haar man gewroken. Lisette was van de dodenlijst en was safe nu. De fucking vrijmetselarij lag vijfendertig miljoen euro achter en Stefano was de man!
Lisette en ik hielden elkaar de hele nacht aan de praat. We lachten, wij huilden en wij neukten de bloemen uit het behang. Ik was gelukkig. Twee jaar na Irene’s vertrek was ik weer gelukkig.
De portier - Nadat wij het pand hadden opgeruimd en onze koffers in de auto hadden geladen, liepen wij het pand uit om de terugreis naar Italië te aanvaarden. Verliefd, ik was fucking verliefd op Lisette. Ik keek naar haar en zag dat haar hoofd uit elkaar spatte, voordat ik de schoten hoorde. Ik kreeg een gooi van Stefano en viel op de grond. Vaag voelde ik dat de kogels in mijn Kevlar vest en mijn onbeschermde benen sloegen. Stefano had het HK MP5K Machine pistool in zijn hand, en zigzagde van mij vandaan.
Ik kwam weer tot mijn positieven, omdat ik Vanny hoorde gillen, terwijl zij aan het stuur trok, om de Audi op de weg te houden.
“Jan, Jan, wat is er met je? Ik dacht dat je bewusteloos raakte. Ben je okay nu? Wat is er, lieverd?”
De beelden verdwenen zo snel als dat ze gekomen waren en ik nam het stuur weer over, en zei: “Het was een ‘blackout’, monster. Het was iets dat je zei, of liever gezegd, vroeg, dat het ‘triggerde’. Het is niets, maar het kwam eventjes ongelegen.”
“Heb ik wat verkeerd gezegd dan?”
Ik besloot Vanny het hele verhaal van Lisette (Brainbox and the Fuzzfox) te vertellen. Toen ik aan het gedeelte kwam dat het hoofd van Lisette uit elkaar spatte, nadat zij mij de avond ervoor ten huwelijk had gevraagd, liepen de tranen ook bij Vanny over haar wangen.
“En ik triggerde dat door mijn vraag, Jan? Dat spijt mij ont...”
“Doe niet zo gek. Het was de associatie die ik maakte tussen de twee huwelijksaanzoeken. Deze dagen loop ik over van de stress, ook al merkt men dat niet aan mij. Ik flip niet snel, omdat ik een controlefreak ben en alles controleer, ook mijn stresslevel. Nou het is niet precies kattenpis waar we mee bezig zijn, dus ik zit aan de ‘edge’” Die associatie naar zo’n traumatisch gebeuren, zorgde voor de blackout. Dat is alles. Ik ben vereerd met je aanzoek.”
“Maar je accepteert het niet?”
“Meestal is het de vrouw die even over een dergelijke vraag nadenken wil. Het is niet dat ik er over nadenken wil, ik zou willen dat je die vraag herhaalt, wanneer dit alles achter de rug is. Als je mij dan nog wilt tenminste. De huidige situatie is nu niet direct normaal te noemen, we leven onder hoogspanning, want één fout kan fataal zijn. Het leven moet eerst weer een beetje normaal zijn, om zo’n vraag te kunnen stellen..., en te beantwoorden. Je emoties worden op het moment bewerkt met een staafmixer. Je gaat van hyper naar hypo en dat beïnvloedt ook je emoties. Laten wij afspreken dat ik twee maanden bij je blijf, nadat dit alles over is. Mocht je er dan nog zo over denken, wel ik denk niet dat ik mij een betere vrouw dan jou kan wensen, en een maagd nog wel. Een rijke maagd.” dolde ik.
“Ik houd je daaraan, Jan.”
“So you should. Vanny, ik wil dat niemand weet dat je naar Dover gaat. Zet nu je mobiel af en haal de batterij eruit. Koop een prepaid en spreek je nummer in op mijn Hollandse antwoordmachine. Ik neem contact op en kom naar je toe, zodra dit over is. Laat niemand weten waar je bent, monster.”
Toen ik een opgeluchte Vanny in haar appartement had achtergelaten, reed ik weer snel naar de villa terug. Toen ik daar rond acht uur aankwam, was iedereen al op. Renato zat weer achter de console van de computer.
“Verhoogde telefoonactiviteit sinds een half uur. Phil zegt niets compromitterends, maar op een gegeven moment zegt hij: ‘Neem die tien kinderen maar vast mee naar de dierentuin. Ik kom iets later’”
Ik zei: “Ze komen eraan, dierentuin is de kennel, kinderen zijn de Polen. Let op of zijn auto GPS/GSM signaal deze kant op komt. Als dat zo is, dan verwacht ik hem onderweg te stoppen, totdat hij een signaal van de Polen krijgt, dat de zaak onder controle is. Dit wordt een moeilijke.”
Op dat moment ging mijn crypto-telefoon. Het was Deputy Assistant Commissioner, Ronald Clarke, van de Special Branche.
“Hi mister Clarke. How are you doing, Sir?”
“Very well, Jan. Cheers. Luister, Ik weet niet of je het al weet, maar er komen denkelijk drie auto’s met Polen jouw kant op. Bij het Dartford Brug Tolhuis laat ik alle auto’s spiegelen, zodat wij er een ‘tracer’ onder kunnen plakken. Dan weet je precies weet wanneer, en waar vandaan, zij komen. Red je het met je mensen, anders houden wij wel een wagen met Polen aan. We verzinnen wel een overtreding.”
“Cosmic. Geweldig bedankt Commissioner. We hadden de beweging al opgemerkt door verhoogd telefoonverkeer. Ik vermoed dat Phil hier zal verschijnen, nadat hij een code van zijn mannen hier heeft ontvangen. Als u die wagen aanhoudt, krijgen wij de ‘headcase’ niet meer hier. Dit is de mooiste kans, maar toch hartstikke bedankt voor uw hulp en uw telefoontje. Ik ben u erg erkentelijk.”
“Let op, Jan. Waag jullie levens niet onnodig, in ieder geval sterkte. Ik zal de Chief Constable van Kent Constabulary inlichten om schoten by Vanny’s huis te negeren. Hoe..., belangrijker..., waar is miss Fraser?”
“Ik heb haar al uit de vuurlijn gehaald, Commissioner.”
“Good lad. Sterkte Jan!”
“Commissioner!” schreeuwde ik, “Wacht even, u kunt misschien wat doen voor me, als u wilt. Dat zou helpen.”
“Zeg het maar, cocker.”
“Ik verwacht dat een of meerdere Polen een lopend signaal via de GSM zullen houden met Phil. Deze komt alleen wanneer hij zeker is dat alles in orde is. Kunt u op mijn signaal de GSM cellen rond Phil een paar keer laten afsluiten..., en weer inschakelen wanneer ik daarom verzoek?”
“Geniaal. Ja, we hebben een constante tracé op Phil. Bel mij met de normale telefoon op het nummer dat ik je zo geef, want je crypto-phone werkt dan natuurlijk ook niet. Bel mij met de volgende code wanneer het gaat beginnen. Green is cellen aan, red is cellen uit. Bevestig mijn nummer en de codes.”
Ik herhaalde het nummer en zei: “Green is cellen aan, red is cellen uit. Understood!”
Ik vertelde Stefano en mijn andere Italiaanse vrienden, wat er gebeuren ging.
“We moeten de Polen uitschakelen, maar niet doden totdat wij weten wie de ‘verifyer’ is, die communicatie met Phil heeft. Die moet ervan overtuigd worden dat hij de code doorgeeft aan Phil, zodat deze hierheen komt. Dit wordt niet gemakkelijk, spijkerhard en het moet razend snel gaan. Ik verwacht de ‘verifyer’ in de middelste auto te zitten.
De inzittenden van de eerste auto komen naar binnen, vermoedelijk met geweld. Wanneer zij de zaak onder controle denken te hebben, laten zij de ‘verifyer’ komen, die zich er van overtuigt, dat alles inderdaad onder controle is, zodat hij Phil kan bellen. De inzittenden van de laatste auto blijven buiten als schildwachten, zodat er niet onverwachts mensen naar binnen komen. Ik verwacht hen ook een ‘verifyer’ te hebben, die Phil waarschuwt wanneer er mensen het huis indringen, of de oprijlaan opkomen. Stefano, you say what?”
“De eerste ploeg is het moeilijkst. We weten niet wie er door de ‘verifyer’ in de tweede auto terug verwacht wordt, met het ‘all clear’ signaal. We moeten dus vier man uitschakelen en hen daarna overtuigen, de juiste man aan te wijzen. Die sturen wij met een veiligheidsriem naar de ‘verifyer’. Renato?”
“Ik verwacht de ‘verifyer’ met zijn mobiele telefoon aan zijn oor, of althans in het zicht te staan. Dit, omdat hij er op wacht om weer ontvangst te krijgen. Die telefoon tekent het doodvonnis van zijn drie partners. Terwijl wij de ‘verifyer’ een Triple Taser shot toedienen, vermoorden wij de drie anderen met gedempte vuurwapens. Flavio?”
“Op dat moment laten wij de Albanezen de derde group buiten onschadelijk maken, maar wel zo dat zij lang genoeg leven om Phil het veilig signaal te geven, wanneer hij daarom vraagt. Twee Albanezen voor een Pool. Triple Tasers en gedempte wapens. Firestorm Stun Gun voor overreding. Rino?”
“De eerste groep is het moeilijkst. Daar vallen slachtoffers onder ons, wanneer wij niet opletten. We kunnen ze niet domweg neerschieten, maar we kunnen ze ook niet verwonden, want dan kunnen ze nog steeds schieten, en het lawaai is al genoeg om de externe twee groepen Polen te alarmeren. Iedereen draagt een Kevlar vest en beenplaten. Gian?”
“ja, helemaal goed. Jij acrobaat,” zei ik, terwijl ik op Flavio wees, “Ik verwacht jou in de dekenkist in de hal, zodat je je achter de Polen bevindt. Ik maak de voordeur open en zal wel een pistool in mijn snoet gedrukt krijgen. Ik wil ook een gedempte Glock op alle strategische plekken, tussen de kussens van de bank en fauteuils en onder alle tafels, aan iedere zijde één.
Ik wil Renato en Stefano op de boekenkasten in de huiskamer en jij Rino gaat de naar de eerste verdieping. Wanneer de Polen mij onder controle hebben, zullen er minimaal twee op onderzoek uitgaan om zich te overtuigen, dat er verder niemand in het huis is. Polen uitschakelen met Triple Tasers, Firestorm Stun Gun, Stun Batons of mes. Is dat allemaal duidelijk?”
De Italianen knikten.
Stefano, wanneer jij de Albanezen hun instructies gaat geven, dan ga ik mij omkleden voor het toneel. Flavio en Rino ruimen nu alle sporen op, die er op kunnen duiden dat er meer dan één persoon in het huis is. Renato, zet even een paar normale programma’s zoals Word en Autoroute op die computerschermen open, zodat de observatieprogramma’s niet meer op het scherm staan. Zo, ik ben weg.”
In de badkamer schoor ik mijn snor af en zette een grijze pruik op mijn hoofd. Een dikke hoornen bril completeerde het geheel.
In de slaapkamer deed ik een schoen uit, en trok een namaak gipsverband over mijn been en ik knipte mijn broekspijp open. Ik gespte een messchede over mijn onderarm en trok een Kevlar vest aan, dat er uitzag als een ouderwets gebreid wollen vest. Daarna trok ik een ochtendjas aan en stopte een Firestorm Stun Gun, in vorm van een mobiele telefoon, in de zak van mijn ochtendjas.
Ik pakte mijn geprepareerde krukken en liep de trap af
“Ik krijg ineens drie extra tracer signalen op het scherm,” zei Renato toen ik beneden kwam.
“Dan staan ze bij het tolhuis van de Dartford Tunnel, of brug. Ze zijn in drie kwartier hier. Laten wij alles nog even doornemen. De prioriteit ligt op de onze eigen veiligheid. In geval van twijfel, schieten. Ik aborteer liever de missie en verlies Phil deze reis, dan dat één van ons hier het leven laadt. Flavio, je hebt de verantwoording over mijn leven. Je schiet als je het nodig acht. Eenmaal in de kamer, geldt dat ook voor Stefano en Renato. Ik ben niet bang, maar als dode held heeft Vanny ook niet erg veel meer aan me.”
“Vierde auto is gestopt bij Ashford Travellodge. De andere drie komen hier naar toe.”
“Okay, computer schoonmaken, posities innemen want ze zijn hier in tien minuten. In bocca lupo(Toi toi).”
Toen ik de drie Mercedessen de oprijlaan zag opkomen belde ik de Commissaris van de Special Branch en gaf ‘code rood’ door. Tien seconden later verloren alle mobiele telefoons hun ontvangst.
Vier Polen stapten uit de eerste auto en kwamen naar het huis. Toen de bel ging, liep ik met mijn krukken naar de hal en opende de deur, leunend op mijn krukken.
Ik kreeg gelijk een grote Walther .380 ACP op mijn voorhoofd.
“Who’s in the house?” vroeg Pistolen Pool.
“Niemand, mijnheer. De Lady is gisteren weggegaan met een paar mannen,” zei de sidderende grijsaard in mij.
“Naar binnen, opa,” commandeerde de Pool.
Ik strompelde op mijn krukken naar binnen en de vier Polen waaierden uit in de huiskamer. De leider wees twee man aan en gaf hen opdracht alle vertrekken te controleren. Één Pool liep de trap op naar de eerste verdieping en de ander begon de vertrekken op de begane grond te controleren.
“Wie ben jij?”
“Ik ben de butler mijnheer, maar ik heb nu...”
“Shut your fucking face, you old cunt.”
Angstig deed ik het zwijgen er toe.
Fouilleer dat oude secreet,” beval de leider.
Toen de tweede Pool op een knie ging om mij te fouilleren, maakte Stefano een schrapend geluid op de kast. De leider draaide zich om naar het geluid en terwijl hij zijn Walther richtte, schoten Flavio en Renato hem een Triple Taser lijn in zijn nek. Terwijl de leider zijn spasmodische, convulsieve dans uitvoerde, drukte ik de onderkant van mijn rechterkruk op de knie van de Pool die mij fouilleerde.
De fouillerende Pool kreeg een achthonderd duizend Volt schok van de Stun Baton, die in de kruk gebouwd was. Door zijn knielende positie begon het slachtoffer onmiddellijk een spastische Kozakkendans uit te voeren.
Stefano, die van de kast was gesprongen, had de wapens al weggeschopt, de leider de plasticuffs omgedaan en kwam nu om de Kozakken Pool te boeien. Ik wees Flavio naar de deur waardoor de Pool, die de begane grond aan het doorzoeken was, terug moest komen. Stefano plakte de monden van de twee Polen af met plastic pakjesplakband. Op de eerste verdieping klonk wat lawaai en even later werd er een, nog naschokkende, Pool de trap afgetrapt. De laatste Pool kwam nu op het lawaai af de kamer in rennen, waar Flavio hem met de Triple Taser een Polka Mazurka liet dansen. Dertig seconden later lagen er vier geboeide en vocaal afgeplakte Polen op de grond. Mijn Italiaanse vrienden en ik keken elkaar aan, alsof wij zeggen wilden: “Fuck..., dat ging lekker gemakkelijk!”
Vijf onhoorbare zuchten van opluchting volgden.
Hoewel de uitgevoerde operatie onmogelijk sneller zou zijn kunnen verlopen, moesten wij toch opschieten.
Ik pakte het Firestorm mobieltje en drukte dat in de leider zijn wang, zodat hij zowat een halve meter van de grond omhoog schokte. Zijn gedempte schreeuw en uitpuilende oogballen vertelden mij dat hij het niet naar zijn zin had. Ik liet hem even uitstuiteren en zei hem toen: “Lieg één keer..., jij bent dood..., en ik vraag je collega’s. Begrepen?”
De leider knikte gelaten.
“Wie gaat de tweede ploeg vertellen, dat alles goed is en dat zij kunnen komen?”
De leider zweeg even, waarop ik hem wat hoogspanning toediende.
“Wijs hem aan, wie wordt er verwacht?”
De Pool wees naar één van zijn kornuiten.
Flavio en Renato trokken de aangewezene zijn hemd uit zijn broek en deden hem een explosieve riem om, waarna ze hem de tape van zijn mond trokken en zijn boeien stuk sneden.
Ik liep naar de explosieve Pool en vroeg: “Versta je Engels?”
“Yes.”
“Mooi. Ren weg, saboteer de riem, geef de verkeerde boodschap en je explodeert. Je gaat als Kielbasa worst de grond in. Kijk normaal alsof er niets aan de hand is en geef de boodschap dat de groep kan binnenkomen. Alles dat je anders doet, of als de groep niet komt, en..., BOEMSKA! Begrepen?”
“Yes.”
“Nou, ga je vrienden dan maar snel halen.”
Terwijl de Pool naar buiten liep, zei ik: “Verandering van plan. Als de Polen niet met getrokken wapens komen, worden ze onder schot gehouden. Het is niet logisch dat zij met getrokken wapens komen, dus in dat geval laten wij ze leven. In alle andere gevallen alleen de ‘verifyer’ laten leven en de rest afschieten.”
“Waarom extra risico nemen, Zio (Oom)?”
“De communicatie is een tijd weg geweest. Phil zal niet op zijn gemak zijn. Het kan zijn dat hij bevestiging aan een tweede Pool vraagt, om er zeker van te zijn dat alles werkelijk in orde is.”
“Wicked!” zei Stefano.
De groep van vijf Polen kwam met geholsterde pistolen de kamer in, waar zij zich onmiddellijk omringd zagen, door de gewapende Italianen. Even later waren ook zij ontwapend, geboeid en afgeplakt.
“Wie geeft het signaal naar Phil?” vroeg ik de leider van de eerste groep, terwijl ik de Firestorm tegen zijn wang aan dreigde te drukken. Deze wees onmiddellijk iemand uit de tweede groep aan.
Ik liep naar de ‘verifyer’ en riep de bomriem drager naderbij.
“Leg jij eens aan je vriend uit hoe een dergelijke riem werkt,” zei ik, terwijl ik hem de riem afdeed en die de ‘verifyer’ omgespte.
De ‘verifyer’ begreep na dertig seconden precies wat de gevolgen zouden zijn als hij zijn opdracht niet uitvoerde.
“Goed, nu je dat weet, ga je je baas bellen en je vertelt hem dat alles onder controle is, dat jullie de vrouw hebben gebonden, en de lijfwachten doodgeschoten hebben. Doe iets verkeerd en je ontploft, hoe dan ook. Hier is een foto van de vrouw,” zei ik terwijl ik op een kleurenportretfoto van Vanny wees.
“Heb je het een beetje kunnen begrijpen,” vroeg ik.
Het viel mij op hoe bedreven deze twee groepen Polen in het ‘ja knikken’ waren. Ik pakte de normale telefoon en belde code groen door. Toen ik zag dat de ontvangst op mijn crypto-phone weer terug was, sneed ik de boeien door van de ‘verifyer’, en zei: “Je kunt je baas nu gaan bellen. Red zijn leven..., en je hebt elf dode landgenoten op je geweten..., plus twee stukken van jezelf.”
De Poolse gangster gaf mij te kennen dat hij zou gehoorzamen. Ik pakte zijn telefoon, haalde zijn SIM kaart er uit en stopte die in een mobiele telefoon van mijzelf. Bij mijn telefoon zat een dubbele headset, waarvan ik er één in mijn oren drukte en de tweede in een oor van de ‘verifyer’. Toen zei ik hem te bellen.
“Grzegorz, what the fuck is wrong with the fucking phones?” hoorde ik Phil vragen.
“Ik weet het niet, boss. We hadden geen ontvangst voor een tijdje, maar nu is het weer goed.”
“Ja, ik hoor dat het fucking goed is, ik had ook geen ontvangst. Hoe is het daar? Als er iets niet goed is, zeg dan alleen ‘Good boss’”
“Nee, het is echt in orde hier, boss. De vrouw ligt gebonden. De twee lijfwachten zijn doodgeschoten.”
”Ben je zeker dat alles goed is?”
“Absoluut baas.”
“Okay, geef mij Andrzej even.”
De ‘verifyer’ wees de gevraagde aan en ik trok de tape van zijn mond.
“Stel je baas gerust, of je sterft hier,” fluisterde ik, terwijl ik een een oorteleoontje in zijn oor duwde, waarna ik hem de telefoon gaf.
“Andrzej.”
“Andrzej, als iets niet goed is daar, zeg dan alleen: ‘All is fine, boss’”
Ik stak mijn vinger op naar Andrejz.
“Alles onder controle hier, boss.”
“Goed, ik kom eraan,” hoorde ik, waarna Phil afdrukte.
“Hij is onderweg,” zei ik tegen mijn Italiaanse vrienden, “Hij gaat nu nog de buitenploeg bellen, denk ik. Zeg tegen de Albanezen, dat zo gauw als de GSM verbinding weer wegvalt, dat ze die buitenploeg afmaken en de lijken in hun auto terugzetten. Daarna gebruiken wij ook communicatisets.”
Terwijl Andrezj en de verifyer weer geboeid werden, keek ik door het raam en zag een Pool op zijn gemak en zelfverzekerd gebarend, in zijn mobieltje praten. Het leek erop dat hij zijn baas geruststelde, maar ik realiseerde mij dat de wens hier mogelijk de vader van de gedachte was. Toen de Pool het mobieltje weer in zijn zak stak, belde ik code red door. Weer tien seconden later viel de ontvangst weg. Het leven van Pool viel ook weg. Een salvo 4.6mm kogels uit een gedempte HK MP7 dreef zijn hart door zijn borstkas naar buiten. Vier minuten later zat de harteloze Pool in zijn auto, verenigd met zijn drie, zojuist doodgeschoten, landgenoten. Wel een beetje een dooie boel, maar dat viel niet meteen op. De acht Albanezen, mijn Italiaanse vrienden en ik stonden er namelijk voor.
“Renato, Flavio, zetten jullie die andere twee Mercedessen naast die lijkenwagen, één aan iedere kant. Phil moet dan zijn auto uit om met de inzittenden te praten. Ik verwacht hem eerst zijn auto te draaien, zodat hij snel weg kan rijden, wanneer de situatie hem hier niet bevalt.
Stefano, ik wil twee groepen van drie van je Albanese vrienden met een M72A4 raketlanceerbuis. Één draagt de M72A4 en twee geven hem dekking met hun machinepistolen, voor het geval Phil uit zijn auto komt, en de drager van de raketlanceerbuis wil neerschieten. Niet op de auto schieten, want die zal wel gepantserd zijn.
Hoewel de twee groepen zich vóór en achter de auto van de Eastender zullen bevinden, kan slechts de groep actief zijn, die naar de voorkant van de auto kijkt. Niet dat de ene groep per ongeluk een raket in de andere groep lanceert. Altijd op de motor richten, omdat dat de hittebron is.”
Stefano, als jij je vrienden instrueert, dan gaan Rino en ik het huis in. Renato, Flavio, Stefano en de twee Albanezen verschuilen zich in de struiken, zodat hij niet het open veld in kan vluchten. Zodra de auto stopt, omsingelen wij de auto en de betreffende groep met de M72A4 raketlanceerbuis posteert zich op een flinke afstand voor de wagen van Phil.
Dit geldt voor iedereen: wanneer hij een zijraam opent, gelijk erin schieten, want anders krijgen wij het. Ik verwacht hem hier in vijf minuten. Is alles duidelijk? Iemand nog ideeën of vragen? Nee? Posities innemen dan.
Rino en ik verdwenen in het huis, terwijl mijn Italiaanse vrienden en Albanezen zich buiten op de meest strategische posities verscholen.
Niet veel langer verscheen er een auto op de oprijlaan. Ik was niet verbaasd weer een Bentley Mulsanne te zien. Zeker de bedrijfswagens bij, de nu uitgedunde DOUBLE EAST. De wagen reed voorzichtig tot aan het huis, stopte bij de voordeur, probeerde in de hall te kijken en reed toen door naar de drie Mercedesssen. Daar aangekomen merkte hij dat er iets niet goed was, want de vier Polen in de middelste Mercedes zaten er nogal levenloos bij.
Phil draaide de Bentley om weg te rijden, maar de drie Albanezen stonden al op zijn vluchtroute.
“Vai, vai, vai,” riep ik in de microfoon van de comms set. Rino en ik renden het huis uit en wij vonden de Albanezen en Italianen in positie. De Albanees met de M72A4 raketlanceerbuis knielde op één knie en richtte het wapen op de Bentley, welke onmiddellijk stopte.
Rino en ik benaderden de Bentley van de passagierszijde en de Italianen van de bestuurderskant. Stefano gebaarde de Eastender uit te stappen. Ik zag hoe deze met zijn armen omhoog uit de Bentley stapte en een Sig van Stefano op zijn hoofd gedrukt kreeg. Renato fouilleerde hem, terwijl Flavio hem boeide. Zij namen de Londenaar met zich mee. Iets was niet goed! Het ging te gemakkelijk. De Eastender die zoveel voorzorgsmaatregelen had genomen, liet zich nu als een lam naar de slachtbank leiden? Het zat fucking fout!
“Stop,” brulde ik, “Stefano, laten ze en raket in die auto schieten. Nu, onmiddellijk en zoek dekking.”
Twee tellen later ontplofte een M72A4 raket in de motor van de Bentley, die een meter van de straat werd opgetild. Terwijl de vlammen de luxe koets opvraten, hoorde ik gillen en schreeuwen in het Bulgaars.
“’Stand fucking by’ voor de kofferbak, schiet er een paar fucking granaten in,” schreeuwde ik.
Na vier ontploffingen zat de gepantserde kofferbak nog steeds dicht, maar de hitte van het vuur, de rook en het gebrek aan zuurstof dreef de Bulgaren nu uit de kofferbak. De klep opende en schietende uit machinepistolen, kropen vijf Bulgaren uit de brandende Bentley. Ze hadden zich de moeite kunnen besparen want de tweede Albanese raket ploeg schoot nu een M72A4 raket in de kofferbak. De Bentley barste deze keer totaal uit elkaar. De exploderende raket had ook de vijf verstekelingen tot bloederige Bulgaarse yoghurt gereduceerd. Deze keer was het dan echt over.
Terwijl de Italianen met de Londense gangster het huis inliepen, belde ik Deputy Assistant Commissioner Ronald Clarke van de Special Branch, om de code green door te geven.
“Jan, ik krijg net van de Kent Constabulary door dat er twee raket- en vier granaatexplosies zijn gehoord. Wat is er gebeurd? Ik moet hier een deksel op houden, voordat de pers er de lucht van krijgt.”
Ik vertelde de Commissioner in het kort wat er gebeurd was.
“Knap werk. Het was niet te voorzien dat die kofferbak vol zat, na alle voorzorgen die Eastender al genomen had. Heb ik het goed dat de enige zichtbare schade een uitgebrand autowrak en wat verbrand asfalt van de oprijlaan zijn?”
“Mogelijk een klein gat in de weg, commissaris. Dat kan ik vooralsnog niet bepalen.”
“Lichamen?”
“Vier dode Polen en vijf verkoolde Bulgaren in het autowrak.”
“Ik dacht dat je zei dat DOUBLE EAST was gestopt met de Bulgaren?”
“Dat is wat ik vernam van de Pool die bij Grant was. Ik denk dat Phil ze nog voor noodgevallen gebruikte.”
“Heb je problemen met het opruimen van de lichamen?”
“Nee, maar als ik een wens mocht doen, dan verzocht ik om een opruimingsploeg die het verbrande wrak weghaalt. Een wegreparatieteam zou van pas komen.”
“Luister, ik ga nu de Home Office en MI5 bellen, want die werken het snelste. Ik laat intussen een ‘gagging order’ (zwijgplicht) op de Kent Constabulary plaatsen. Gelukkig weet niemand iets, dus we kunnen er een deksel ophouden. Werk jij die lichamen weg en zorg dat de villa in een uur leeg is. Ik ga nu MI5 bellen. Ik bel je later. Feliciteer je vrienden, Jan. Goed werk.”
Ik liep naar binnen en vond de Eastender geboeid en afgetaped naast zijn Poolse mob op de grond. Hij leek nog niet erg onder de indruk van zijn situatie te zijn.
In het Italiaans vertelde ik mijn vrienden wat ik met de Commissaris van de Special Branch had afgesproken.
“Flavio, wil jij die Albanezen opdracht geven alle gevangenen in die drie Mercedessen te plaatsen. De dode Polen kunnen in de kofferbak en de acht hier worden verspreid over de drie wagens. Trek een plasticuff door hun hand- en voetboeien, zodat ze geen ruit, of het hoofd van de bestuurder kunnen stuktrappen. Leg ze zo dat hun hoofden met afgeplakte monden niet door een raam gezien kunnen worden. Drie Albanezen om de de Mercedessen te besturen en de rest komt naar de kippenfabriek in hun eigen auto.
Wij moeten hier nu snel weg, want er zijn een paar opruimingsploegen van MI5 onderweg. Stefano, Renato en ik nemen de Eastender met ons mee in de Audi, want als we die verliezen, begint het spel opnieuw. Geef hem nu acht milligram Flunitrazepam, dan is hij lekker rustig onderweg.”
Ik belde Vanny op het nummer dat ze op mijn Hollandse voicemail had ingesproken: “Trophy baby, het verhaal is over. Wil je dat ik je kom ophalen, zodat je je wraak uitgevoerd kunt zien worden?”
“Jan, vind je het erg als ik niet kom. Ik weet dat jullie alles goed zullen afronden, maar ik ben bang dat het te heftig gaat worden. Bij de afronding met mijn ex en schoonvader, daar wil ik wel bij zijn. Dat kan ik aan, omdat ik mij maar al te goed herinner wat ze mij hebben aangedaan. Zal ik vanavond een taxi naar huis nemen, of wil je hier komen slapen? Nee, ik kom wel want je vrienden moeten ook eten, ik ga dan wat te eten halen hier in Dover. Eten de Albanezen ook mee?”
“Nee, die eten wel wat bij de Travellodge. Ik zie je vanavond thuis dan, want je schoonvader gaat eerst even naar Jersey bellen voor wat molm en de aandelen, weet je nog,” lachtte ik.
“Okay, ik zie je vanavond dan..., en..., Jan?”
“Ja?”
“Wees voorzichtig, beloof je mij dat?”
Een uur later hadden we alle gevangenen in de kippenfabriek, die er zo schoon uitzag, alsof er nimmer een kip geslacht was.
Renato, in de auto liggen een paar spuiten met flumazenil. Zou je die Eastender er eentje intraveneus kunnen geven? Hij heeft zich netjes gedragen. Steffie, we willen geen herhaling van de vorige keer. Doe hem een paar stalen handboeien en keten hem vast in een stoel. Hij weet dat hij deze fabriek niet levend verlaat, dus zal alles proberen, om zijn lot te veranderen.
Terwijl de Albanezen de gevangen Polen in een koelcel opborgen, zag ik Phil tot zijn positieven komen. Stefano, Renato, Rino en Flavio stonden om hem heen. Ik pakte een stoel en ging tegenover hem zitten.
“Ben je wakker?” vroeg ik.
De Londense gangsterbaas knikte.
“Denk je alles te begrijpen wat ik zeg of vraag, of ben je nog een beetje suf?”
“Nee, het gaat wel. Waar is mijn broer, Grant?”
Ik schudde mijn hoofd.
Ik zag de tranen in Phil zijn ogen komen.
“Phil, ik heb persoonlijk niets tegen je, behalve dat jullie een contract op een vriendin hebben uitgevoerd. Ik wil weten of jij er van wist dat haar tien honden aan stukken zijn gehakt?”
“Je zult mij niet geloven, maar dat wist ik inderdaad niet. Grant was mijn broer, maar hij paste geweld toe waar het niet nodig was. Het was een minne streek. Wie ben jij eigenlijk? Wie zijn je vrienden? Jullie spreken Italiaans of Spaans.”
“Ik ben Jan ter Haak, een ex-crimineel. Mijn vrienden zijn van de mafia en de Camorra.”
“Ik ben vereerd. Dan word ik tenminste niet door een fucking Yardie of Nigeriaan vermoord. Doe het snel, wil je?”
“Phil, het probleem is dat je op de tenen van machten groter dan de onze hebt gestaan. Ik moet informatie van je hebben. Ik wil je niet martelen voor die informatie, dus zeg mij wat ik weten moet en we doen het snel. We kunnen ook Trapanal gebruiken. Doe jezelf een plezier.”
“Sodium Pentothal, waarheidsserum?” vroeg de gangster, “Dat werkt niet bij mij, Jan. Mijn geest is te sterk voor dat.”
Ik geloofde hem.
“Wat wil je weten?”
“Ik wil alles weten van die Poolse peetvader, waar jij je mee verstaat in die hoerenhuizen. Verder wil ik de namen van die Polen weten die deel hebben genomen aan die lafhartige hondenslachting. Als laatste wil je mij misschien vertellen waarom jij met Bulgaren werkte? De Pool die bij Grant was, zei dat jullie niet meer met hen werkten?”
“Jan, over het eerste gedeelte van je vraag moet ik zeggen dat ik geen verrader ben. Je kunt mij martelen, maar ik kan heel wat hebben, geloof me. Ik wil sterven zoals ik geleefd heb. Trots op mijzelf. Ik ben geen laffe verrader. Ik begrijp je punt, maar je zult er moeite voor moeten doen.
Wat die Poolse dierenbeulen betreft, heb ik geen scrupules, maar de namen heeft Alojzy. Ik heb daar niets mee te maken gehad, maar hij kan je die namen geven. Je laatste vraag over de Bulgaren. Omdat de meesten sociopatische moordenaars zijn, waren mijn broer Grant en Bulgaren niet de ideale combinatie. Te onevenwichtig. Ik hief die samenwerking dus op, maar ik hield een ‘crackteam’ van Bulgaarse moordenaars voor noodgevallen, voor mijzelf. Polen waren veel evenwichtiger en dus geschikter voor Grant.”
“Wie is Alojzy, was hij in de ploeg Polen, die je naar ons toe hebt gestuurd?”
“Nee, hij was altijd met Grant. Het was mijn broers rechterhand.”
‘En die is dood,’ dacht ik. Schaakmat!
Ik verstond mij met mijn vrienden in het Italiaans, en zei: “De man is een gangster, net als wij. Hij is niet laf en ik ben er van overtuigd dat hij de waarheid spreekt, wat de honden betreft. Hij weigert echter zijn vrienden te verraden. Moeten we hem martelen om aan die informatie te komen?”
Mij vrienden gaven mij één voor één hun mening. De uitspraak was unaniem en onherroepelijk.
“Phil, bedankt voor die laatste informatie. Wat die eerste betreft, zullen we het uit je moeten halen. Het spijt me oprecht. Je bent net als wij, maar we hebben geen keus. Het spijt me, Phil. Geloof je me?”
“Ik geloof je, Jan. We zouden goed geweest zijn, jij en ik. Ik begrijp je en je bent mij er niet minder om. Doe wat je doen moet. Shit fucking happens.”
Ik stond op en zag hoe Renato zijn naaldunne curtiello (mes) razendsnel over de eerste cervicale wervel, de Atlas, de hersens instak tot aan de cortex. Phil wist al niet meer dat hij leefde en toen Renato huilend het mes terugtrok, schoot Stefano de reeds dode Eastender vijf maal door zijn hoofd.
Mijn ogen vulden zich met tranen, want de Eastender had zich een dapper en waardig tegenstander getoond. De Italianen waren ook diep onder de indruk.
“Stefano, vraag de twee Albanezen hem te begraven in Epping Forrest in Essex, boven London. Dat is het minste wat we voor hem kunnen doen. Laten ze een Mercedes meenemen, zodat ze de Bentley kunnen verliezen in een rivier. Ze kunnen er ook een paar fosforgranaten inschieten, maar wel een flink eind uit de buurt van Epping Forrest.
Laat de Albanezen de Polen vermoorden, nadat wij klaar zijn met de JP Miller zijn vader. Absoluut geen marteling meer, het heeft geen zin, omdat Vanny het toch niet meer kan aanzien. In stukken laten hakken, de botten weer in de beendermeelmachine en het vlees tot gehakt vermalen. Daarna in zakken in een koelcel.”
Ik was geïrriteerd, want ik had zojuist een dapper man zien sterven, en nu dat het moeilijkste gedeelte van de strijd over was, begon de adrenaline eruit te zakken. Ik was moe. Ik had genoeg van het zinloze geweld en ik wilde dat het over was, maar dan..., dit leven is ‘never fucking’ over.
Ik liet de vader van JP uit de koelcel halen en ik was zeer ongeduldig met hem. Uiteindelijk waren hij en die teringzoon de schuld van dit alles.
“Hoe zit je riem, begin je er al aan te wennen? Begin er maar aan te wennen. Als je terug bent in Miami, vertel de Poolse hob knob mob dan maar, dat ik Phil en Grant vermoord heb. Je gaat nu de bank en je accountant, of advocaat in Jersey bellen.
Je maakt een afspraak voor overmorgen. Als dat niet lukt, hangt je zoon over een uur in de kippenslachtmachine. Jullie hebben teveel levens op je geweten. Begrepen?”
“Ja,” zei de vader, totaal gedemoraliseerd, “Geef mij maar een telefoon en mijn agenda en ik zal meteen bellen.”
Een uur later was alles geregeld voor de overschrijving van de honderd en zestien miljoen Pond Sterling naar Vanny’s nieuwe rekening, en de overdracht van de aandelen van de Holding Company naar Vanny.
“Morgen wordt je opgehaald en jullie reizen allemaal naar Jersey. Je weet wat er gebeurd, als je een vergissing maakt. Jij en je zoon worden aan splinters geblazen. Misschien kunnen ze jullie in hel re-assembleren.”
Stefano gaf een Albanees opdracht om een paar porties KFC te gaan halen voor JP Miller, en zijn vader. Dat zou toch op de onkostenrekening gaan. Misschien was het nog wel kip uit deze kippenslachterij.
“Flavio,” zei ik in het Engels, zodat de vader mij begreep, “Jij vertrekt morgen met de vader naar Jersey. Je zult constant bij hem zijn. Je kent het hele verhaal, dus ik hoef het je niet meer uit te leggen. Twijfel? BOEM.”
“Renato,” vervolgde ik in het Engels, “ik vetrouw jou met het leven van Vanny, dus jij reist met haar. Je zult Flavio’s backup zijn tijdens de banktransactie, dus zo er in de bank iets gebeurt dat Flavio zou uitschakelen, dan laat jij JP en zijn pappie uit elkaar barsten.”
“Stefano, sorry dat ik jou geen reisje van de zaak kan aanbieden, maar ik heb de beste mensen op de juiste plaatsen nodig. Voor jou en Rino betekent dat je bij mij zult zijn, tijdens de afwezigheid van de anderen, zodat wij mister Big Boss fucking Poolman uit kunnen graven.”
Aangekomen bij Vanny’s huis, zagen we dat het wrak van de Bentley Mulsanne weggehaald was en dat het verbrande stuk asfalt van de oprijlaan hersteld was. Het was alsof er nooit een gevecht had plaatsgevonden.
Hoewel Vanny een simpele, maar lekkere maaltijd had voorbereid, was de stemming bedrukt. De moord op Phil had een diepe indruk op ons gemaakt. Het voelde haast als verraad aan mijzelf, of ik een vriend vermoord had. Mijn enige rechtvaardiging was, dat hij het contract op Vanny had aangenomen.
Later, toen ik met Vanny in bed lag en zij tegen mij aankroop, vroeg zij mij: “Wat is er, Jan. Je bent zo stil, vanavond. Is het dat ik je vroeg om te trouwen?”
Ik trok haar dichter tegen mij aan en begon te vertellen over Phil.
Vanny luisterde aandachtig naar mijn relaas.
“Het voelt als een soort verraad aan mijzelf, net alsof ik mijzelf verloochend heb. Ik heb een dappere man vermoord. Hij heeft nimmer opdracht gegeven tot het vermoorden van je honden.”
“Je kunt daar nimmer zeker van zijn, Jan.”
“Je betwijfelt mijn oordeel, mijn mensenkennis, Vanny?”
“Nee, maar je hebt geen overtuigend bewijs. Daarnaast is het ook zo, dat jij niet weet of hij jou dezelfde coulantie zou hebben betoond.”
Dat was waar, ik wist dat inderdaad niet. Ik denk dat ik hypo was door het uitzakken van de epinephrine. Ik trok mij aan mijn virtuele schoenveters op en zei: “Ja, mogelijk heb je gelijk, foofie. Morgen vertrek je naar Jersey, voor de afronding. Renato is je ‘minder’”
“Ga jij niet mee dan? Ik heb liever dat wij samen gaan, Jan.”
“Dat is wat iedereen verwacht van mij. Ik heb een rendez-vous met Anna Bool de shit Pool, de fucking peetvader. Ik hoop alles tegelijk klaar te hebben. Jij, terug met je molm en aandelen en wij klaar met het verhaal. Dan gaan we feesten..., tenminste...,”
“Tenminste wat, Jan?”
“Tenminste als je mijn achtenvijftig miljoen niet vergeet, monster,” lachte ik.
“As if...”
“Vanny?”
“Ja?”
“Als we toch gaan trouwen, dan kan ik nu wel over dat ribbeltje heen duwen, nietwaar?” plaagde ik haar.
“Ja, ik zal even een handdoek pakken,” kaatste Vanny terug.
“No, you’re okay,” lachte ik, “Zodra je terug bent. Promise.”
EERSTE DAG - De volgende morgen toen Flavio, Renato en Vanny op het punt stonden om te vertrekken, zei ik: “Flavio, spuit dat oude sekreet even schoon in de kippenfabriek en neem hem mee uit winkelen voor wat nieuwe kleren en persoonlijke bezittingen. Hij ziet er nu uit, alsof hij onder een brug geslapen heeft.”
Ik kuste Vanny ten afscheid en omhelsde Renato en Flavio. Even later reed de A8 van Renato weg en ik was alleen met Stefano en Rino.
“Begrijp je vrouwen nu,” vroeg ik aan Rino, “Vanny is binnenkort een paar honderd miljoen beter af..., en ze huilt?”
“Ze huilt, omdat ze je al mist, guappo,” zei Rino ernstig.
In het huis namen Stefano, Rino en ik de situatie door.
“Vrienden,” zei ik, “Op het aanraden van Stefano gaan wij die oude Poolse hoodrat opruimen. Voor mij had het niet gehoeven, maar Stefano heeft een punt. Ik wil er een korte, efficiënte operatie van maken. Wij gaan straks met zijn drieën naar binnen met een offerte. Wij schakelen de Peetvader uit met zijn lijfwachten. We houden de Albanezen ‘on stand by’ voor het geval dat er meerdere Polen zijn, dan ons lief is.
Hoe het gaat, weet ik nog niet. We hebben dit meer gedaan en anders dan een paar basistactieken, zullen wij moeten improviseren. Rino, bel de Albanezen en spreek af om hen te ontmoeten op de kippenfabriek. Laten de slagers twintig kilo Polengehakt netjes verpakken in plastic. Deel comms setjes uit en neem het gehakt mee.
Laat de Albanezen allemaal een verdekte positie innemen bij de industriehal in het Parkwood Industrial Estate, in de Cuxton Road, in Maidstone. Op ons teken bestormen zij de fabriek. Gedempte wapens en geen overlevenden.
Ik rijd er alvast heen met Stefano en ontmoet jou, Rino daar. Neem het gehakt mee en wanneer de Albanezen in positie zijn, gaan jij, Stefano en ik naar binnen. Daarna is het improvisatie.
Voor bewapening. HK MP5K submachinepistolen in rugholsters, Sig Sauers P226 Combat TB in okselholsters. Lifesavers omgespen, Spiked Warrior Combat knives in beenholsters. Firestorm mobiele telefoon Stun Guns en een gedempte Baby Glock 26 in het gehakt, met een propje watten in de het gat van de geluiddemper.
Als laatste dit: laat iedereen de binnenkant van zijn handen en vingertoppen inspuiten met spuitverband. Zo snel de situatie onder controle is, trekken wij plastic handschoenen aan.”
Anderhalf uur later ontmoetten wij Rino voor de industriehal van de Poolse Don. Wij stapten uit en liepen met zijn drieën naar de ingang voor bezoekers. Bij de receptie vroeg ik of wij mister Bozena Powazki konden spreken.
“Wie kan ik zeggen, dat er is om hem te zien?” vroeg de Pool aan de receptie.
“Mijn naam is Cajun, en ik wordt gestuurd door Phil Bowers ‘from the Eastend’”
Even later werden wij door twee Polen opgehaald en in het kantoor van Bozena Powazki gelaten. Die zat achter zijn bureau, geflankeerd door twee lijfwachten aan iedere zijde. Met de twee lijfwachten die met ons waren meegekomen waren er zes, plus Bozena Powazki tegen drie. Het moest kunnen, we hadden het eerder gedaan.
Ik strekte mijn hand uit en zei: “Mijn naam is Cajun, mister Powazki, dit zijn mijn Italiaanse collega’s Stefano en Rino. Phil Bowers had ons aangeraden om met u in contact te treden, daar u mogelijk geïnteresseerd bent in een aanbieding die wij u kunnen doen.”
“Waar gaat het om, mister Cajun? Ik ben een druk man,” zei Powazki, mijn uitgestoken hand negerend.
“Dat kan ik zien mister Powazki, ik zal u zo min mogelijk ophouden. De zaak is deze: mijn collega’s zijn lid van een organisatie die momenteel veel geld investeert in Polen. Daarnaast exporteren zij dan weer veel goederen uit Polen. Goederen, die nagenoeg niemand kan aanbieden tegen onze prijzen.”
“Dus je vrienden zijn van de ‘Ndrangheta’, de Calabrese mafia en ze zijn geld aan het witten in Polen, anders kun je nooit met de normale prijzen concurreren,” zei Bozena Powazki.
“Is het echt belangrijk, mister Powazki?” vroeg ik.
“Niet echt, zolang jullie maar niet in mijn vaarwater komen, want dan hebben we een paar dode 'spics' binnenkort.”
“Mijn vrienden willen gewoon zaken met u doen, zij zijn Italianen en geen 'spics'. Phil zei dat u mogelijk geïnteresseerd zou zijn, maar wij willen uw tijd niet onnodig verknoeien.”
“Waar gaat het eigenlijk om, dat Phil denkt dat zo interessant voor mij kan zijn?”
“Het gaat om honderd ton van het beste Poolse gehakt. We weten natuurlijk wel dat u Poolse worst importeert, maar wij dachten, Phil dacht, dat wanneer de prijs laag genoeg zou zijn, dat u mogelijk geïnteresseerd zou zijn. Indien dat het geval is, hebben wij een 20 kilogram pfoefmonster meegenomen dat wij bij u achter kunnen laten, zodat u de kwaliteit kunt proberen.”
“Wat noemen jullie een interessante prijs?”
“Vijfentwintig procent van de geldende vleesdagwaarde in Polen.”
De Pool dacht even na.
“Right, dat klinkt interessant. Kunnen jullie altijd leveren?”
“Nagenoeg onbeperkt, tenzij er een crisis zoals mond- en klauwzweer uitbreekt.”
“Wat doen jullie verder nog, dat interessant zou kunnen zijn voor mij?”
“Bijna alles, het hangt er alleen van af met sommige artikelen of u het hier, of in Polen afneemt, maar we kunnen over alles praten.”
“Goed, we beginnen met het gehakt. Kan ik het zien en laten proeven? Ik eet namelijk geen vlees.”
Ik gaf Rino een wenk die het pak op het bureau van de Pool deponeerde, en opende. Terwijl twee lijfwachten een handvol kameraden in hun mond staken, zei Bozena Powazki ineens: “Waarom heeft Phil mij eigenlijk niet gebeld, dat jullie zouden komen. Hoe lang kennen jullie Phil eigenlijk?”
“Phil moet u gebeld hebben, want dat is wat hij ons beloofde gisterenavond. Stefano, bel Phil eens even, want zo staan we echt voor paal. Als je hem aan de telefoon hebt, laat hem dan even met mister Powazki praten.”
Stefano pakte de Firestorm mobiel, pretendeerde een nummer te kiezen. Na even gewacht te hebben, ze hij: “Hallo Phil, wij zijn hier bij mister Powazki, maar die weet van niets. Je zou hem toch bellen?”
Stefano luisterde naar het excuus, terwijl ik aan de lijfwachten vroeg of het gehakt goed was. De smakkende lijfwachten knikten enthousiast, met volle mond.
“Willen jullie ook wat proberen,” vroeg ik aan de andere vier lijfwachten, die Powazki aankeken voor toestemming. De Pool wuifde met zijn hand dat het in orde was.
“Okay Phil,” zei Stefano, “Zet jij dat dan even recht met je vriend, want we staan een beetje voor joker nu.”
Terwijl ik wat gehakt wilde pakken voor de lijfwachten, reikte Stefano de mobiel aan de Pool, die zijn hand uitstak.
Op het moment dat Stefano de Pool een 800,000 Volt schok toediende, stak mijn hand in het gehakt en pakte de Baby Glock 26.
Bozena Powazki leek wel een Poolse Polka tapdanser. Zijn benen hamerden als twee zuigerstangen. Ik trok de Glock uit het gehakt en schoot de twee niet etende lijfwachten naast de dansende Poolse beer door hun voorhoofd, waarna ik mij omdraaide om net op tijd te zien dat Rino een van de twee lijfwachten, die achter ons hadden gestaan, in zijn oog schoot.
De, van hun dode kameraden smullende, lijfwachten, waren van de verassing bekomen en begonnen hun wapens te trekken. Een voornemen dat nimmer ten uitvoer zou worden gebracht, want Stefano liet Bozena Powazki even uitstuiteren op de grond. Hij draaide zich vliegensvlug tussen de lijfwachten in en brak de nek van de ene lijfwacht met een open handslag onder zijn kin. De tweede Pool kreeg een krakende kopstoot die zijn gezicht openspleet, maar de vijfde Pool ging schieten. Rino, noch ik, kregen de tijd om als eerste te schieten.
Ik liet mij vallen en schreeuwde: “Stefano”, maar die had het gevaar al gezien. Het schot ging over ons heen en op dat moment schoot ik de laatste lijfwacht in zijn kruis, terwijl Rino hem door zijn hoofd schoot.
Ik trok de Sig Sauer en schoot alle nog levende lijfwachten dood, terwijl Stefano Bozena Powazki, fouilleerde en met plasticuffs boeide.
“Dat schot van die lijfwacht is gehoord, Rino. Laat de Albanezen aanvallen, want anders zitten we hier straks in de val. Geef de exacte situatie door en laat ze nu naar binnen komen.”
Terwijl wij onze plastic handschoenen aantrokken, hoorde ik voetstappen en geschreeuw de trappen opkomen. Ik realiseerde mij dat dit een volgeblazen vuurgevecht zou worden, als ik er niet snel iets aan deed. Ik stak de baby Glock in mijn zak, deed een nieuw magazijn de Sig Sauer en trok het 30 centimeter lange HK MP7K machinepistool uit mijn schouderclip.
“Jullie komen hier nooit weg,” zei de inmiddels tot rust gekomen, Bozena Powazki.
“Oh yes, we will!” zei ik tegen Powazki en deed hem een plasticuff om zijn nek. Ik haalde de plasticuff door de trekkerbeugel van de Sig Sauer en trok hem toen vast. De Pool stikte nog net niet met de loop van de Sig tegen zijn nek gebonden.
“Jij doet de deur open en speelt voor kogelvanger, wanneer je personeel schiet. Laat je vallen, duik voorover of ren weg en je schiet jezelf in je nek. Je bent wel een stevige vent, maar ik denk dat een 9mm kogel er wel doorheen gaat. Het nadeel is dat je er van uit je nek gaat lullen.”
Terwijl Stefano hem overeind trok, zei ik: “Mijn vinger gaat nu over de trekker. Loop rustig naar de deur, open die en schreeuw: ‘Dit is Bozena Powazki. Niet schieten, ik sta in de vuurlijn.’ Herhaal!”
“Dit is Bozena Powazki. Niet schieten, ik sta in de vuurlijn.”
“Good lad. Nou, open rustig de deur en kijk voorzichtig om de deurstijl. Dan schreeuw je je verhaaltje.”
De deur was nog geen tien cm open of een salvo machinepistoolkogels rukte de deur zowat uit haar hengsels. De Pool schreeuwde: ““Dit is Bozena Powazki. Niet schieten, ik sta in de vuurlijn. Wanneer we naar beneden komen, schiet één van de twee Italianen dood, laat de andere leven om te ruilen voor mij.”
“Jij sterft zodra een van de Italianen neergeschoten wordt,” zei ik kalm.
“O nee, want dan sterven jullie allemaal. Wat is hier eigenlijk de bedoeling van?”
“Je hebt een contract op een kennis van mij aangenomen en uit laten voeren door Phil en Grant. Wees maar blij dat je geen vlees eet, want je lijfwachten hebben aan het vlees van twaalf dode Polen met een vleugje Grant staan knabbelen. Nou, zij zijn er aan gestorven, jij hebt tenminste nog een kans.”
Bozena kokhalsde, maar slaagde erin te vragen: “En Phil?”
“Netjes begraven. Goede vriend van je trouwens, want hij heeft je nimmer verraden. Hij had zich liever laten martelen.”
“Baas, komen jullie naar beneden, of wil je dat wij binnen komen?”
Bozena zag het gevaar en schreeuwde: “Doe niet zo achterlijk, blijf daar en zorg dat niemand het pand verlaat. Het is een stand-off nu. Zijn alle buitendeuren gesloten? Misschien hebben ze een backup.”
Het panische geschreeuw en de ricochetterende kogels bewezen dat Bozena het goed geraden had. De Albanezen waren in het gebouw en de sporadische salvo’s uit de machinepistolen van de Polen bewezen dat. Verder waren alleen de zoevende inslagen, van de Albanese gedempte machinepistoolkogels in levend vlees te horen. Niet lang daarna was het stil.
“Je had gelijk,” zei ik tegen Bozena Powazki, “Er was een backup. Wat dacht jij zo’n beetje van oude Hollandse gangster, een paar 'spics' en een handjevol Albanezen? Wel een compleet pakketje, hè? Je mag haast wel zeggen dat we fucking gehakt van jullie gemaakt hebben.”
We trokken Bozena Powazki met ons mee de trappen af, de lichamen van de dode Polen vermijdend. Twee Albanezen hadden lichte schotwonden opgelopen. Terwijl Rino de slachtoffers verzorgde, ging Stefano de A6 ophalen. Het was een geluk dat de fabrieksloods niet tegen andere loodsen was aangebouwd, waardoor niemand het schieten gehoord leek te hebben.
Toen wij van Bozena Powazki een Poolse plasticuff rollade hadden gemaakt, deponeerden wij hem in de kofferbak van de A6, die door Stefano naar binnen was gereden.
Ik liep even naar boven en smeerde wat van het Polengehakt over de lichaamsdelen van de dode lijfwachten die Stefano met zijn gezicht en hand had aangeraakt, zodat enige DNA sporen nu ‘well and truly gefuckt’ waren.
Weer beneden gekomen, zei ik: “Rino, laten de Albanezen de dode Polen die hier liggen meenemen in hun wagens naar de kippenslachterij. Die zes boven kunnen ze laten liggen. De rest..., hetzelfde verhaal..., het is woensdag, dus..., meer gehakt maken. Als dat klaar is, dan al het gehakt in plastic zakken, naar deze loods laten brengen en in de worstkoelcellen zetten. Het geopende pak gehakt boven in het kantoor laten liggen.
Laten ze een portie KFC en wat water aan JP Miller geven en hem nieuwe boeien omdoen. Als jij Stefano’s A6 met die Pool meeneemt dan kan je die Pool daar ook in een koelcel gooien. Doe hem een veiligheidsriem om, opdat hij weet wat er gebeurt wanneer hij erin slaagt om uit te breken. Leg hem uit van de geluidsensors, zodat hij begrijpt dat hij net zo bevroren als de Poolkap raakt, wanneer hij lawaai maakt.
Wij gaan naar huis Stefano, want we hebben een partij video bewerking te toen, waar je niet blij van wordt. Het zou leuk, maar vooral nuttig zijn, als we dat klaar hebben, wanneer Renato, Flavio en Vanny terug zijn.”
Onderweg stopten we bij een PC World. Ik kocht de twee snelste PC’s die ze in huis hadden, met alle randapparatuur en software die ik nodig zou hebben om video opnames te bewerken en van het resultaat DVD’s te branden.
“Zio,” vroeg Stefano, “Misschien is dit een stomme vraag, maar we hebben de allersnelste en beste computer bij Vanny thuis staan. Waarom konden wij die niet gebruiken? Niet om het geld natuurlijk, maar ik leer graag wat.”
Die computer is geconfigureerd en opgezet door MI5. Afgezien dat al onze gesprekken er mee worden afgeluisterd, is het ook niet onmogelijk dat er video opnames van ons gemaakt worden. Wat een zekerheid is, dat wanneer ik ander werk ga doen op dat systeem, dan waarvoor zij het aangeleverd hebben, dat zij meekijken. Dat is nu precies wat wij niet willen. Als ik de ‘online’ verbinding verbreek om dat tegen te gaan, maken wij ons verdacht. Vandaar dat wij deze kleine investering moesten doen.
“Dio mio, Zio, u bent echt precies zoals mijn vader het mij altijd verteld heeft. U denkt werkelijk aan alles.”
“Het punt is, mijn dierbare peetzoon, ik heb geleerd dat wanneer je ruimtes openlaat, dat anderen erin duiken, dus ik probeer altijd alles te ‘coveren’. Ik ben niet alleen een controlefreak, maar ook een denkfreak. Ik word ’s nachts wakker met de oplossingen voor problemen, of met een waarschuwing voor dreigend gevaar. Zoals nu, guaglio.”
“Waar denkt u aan. Zio?”
“Wel, vindt je niet dat alles een beetje gemakkelijk is gegaan, Steffie? Okay, we zijn goed omdat ik op jou, Renato, Rino en Flavio terug kan vallen, maar kon de tegenpartij zo slecht zijn? Mogelijk, maar iets vertelt mij dat wij nog het één en ander mee gaan maken, als ik geen voorzorgsmaatregelen neem. Misschien blijkt het allemaal overbodig achteraf, maar ik verlies liever tijd, dan mijn leven of dat een ander mij tijd laat doen. Ik bedoel dat we riant verschut gaan hier. That’s all really. Ik was steeds banger voor de instanties waar wij mee samenwerken, dan de tegenstanders die wij gehad hebben. In het bijzonder MI5.”
“De man van HM Revenu en Customs leek mij okay, Zio. Tijdens het etentje bij Vanny, zou ik hem met veel vertrouwd hebben.”
“Ik ook, hij is okay. De man van de Special Branch en die van de Serious Organised Crime Office zijn ook goed. Ze helpen ons met alles, maar MI5 zet de toon. We moeten ons indekken, figlio. Wij gaan een film maken die het Verenigd Koninkrijk uit haar naden rukt van angst en paniek, wanneer die film gepubliceerd wordt.”
Bij het huis aangekomen, zetten wij alle computerspullen in Vanny’s kantoor, waar ik het spul ging opzetten en de software installeerde. Wij hadden twee dagen om het klaar te krijgen, want dan zouden Renato, Flavio en Vanny weer terug zijn.
Ik leerde Stefano de MPEG video’s van de SD kaarten te ‘uploaden’ naar de computer en in te lezen in het videoprogramma. Natuurlijk hoefden er maar één video van een gebeurtenis ingelezen te worden, en niet dertien, want we hadden allemaal een camera gedragen. Stefano filterde de beste opnames eruit en plakte die in de film, die op de DVD zou komen.
Ik bewerkte de DVD film, sneed de niet relevante passages eruit, maakte alle gezichten van ons en de Albanezen onherkenbaar. Ik besteedde extra veel aandacht aan het in stukken hakken, uitbenen en gehakt maken van de Polen.
Ik sprak mijn commentaar in, in een audio-programma en legde allerlei filters over mijn stem, zodat die niet meer te herkennen was. Ook in de film filterde ik onze stemmen, en waar mogelijk, verwijderde ik ze helemaal. We gingen er hard tegenaan, om niet in tijdnood te geraken.
Rino kwam later binnen. Ik legde hem uit wat wij aan het doen waren, en vroeg hem of hij zich nuttig wilde maken met het bereiden van wat koffie en broodjes. Een half uur later, net toen ik naar de keuken wilde lopen om te kijken wat er met Rino en de broodjes gebeurd was, kwam deze binnen met een grote schaal dampende spaghetti en een fles wijn met drie glazen.
We namen een ‘break’ van een half uur om aan deze delicatesse de aandacht te geven, die deze verdiende. De wijn hielp ons daar goed bij.
Met een volle maag en rozig van de wijn, klaar om te gaan slapen, gingen wij verder met ons video-verhaal. Om twee uur ’s nachts was niet alleen ik, maar ook Stefano op van vermoeidheid. Onze ogen hadden dezelfde vorm als de monitoren aangenomen. We besloten om een paar uur te gaan slapen, want dit was het punt dat wij fouten zouden gaan maken.
TWEEDE DAG – We pakten de computers in de auto en reden met alle apparatuur naar de kippenfabriek. Het zou gaan opvallen als wij drie dagen statisch waren. Nu konden onze observatoren melden dat wij nog steeds bezig waren in de kippenfabriek, plus de MI5 computer registreerde geen bewegingen in het huis.
Het werkte mogelijk niet zo comfortabel als in Vanny’s kantoor, maar eenmaal bezig, hadden wij daar ook geen erg meer in. Rino ging wat te eten en drinken halen voor JP Miller en Bozena Powazki.
Nu was het tijd voor het verhoor van de Pool. Ik liet Bozena Powazki uit de koelcel halen en hem in een stoel zetten.
Ik keek hem eens goed aan, en zei toen: “Ik heb persoonlijk niets tegen je. We hebben voor hetzelfde vak gekozen. Jij zou dit ook met mij gedaan hebben. Sterven doe je sowieso, jij bepaalt echter hoe. Ik kan je verzekeren dat Phil niets gevoeld heeft, omdat hij je niet verraden wilde. Dat respecteer ik. Ik vraag je niet om mensen te verraden, ik wil weten hoe de organisatie, waar je in Amerika mee samenwerkt, functioneert. Ik weet dat jullie opdrachten voor de Illuminati uitvoeren in het Verenigd Koninkrijk. Eerst was ik tot de conclusie gekomen dat Phil en Grant dat deden, maar jullie liepen stuk op die hoerenkastbezoeken.
Goed ik wil weten, van wie jij je opdrachten kreeg uit Amerika. Rechtstreeks van de Raad van Dertien, of zaten er andere mensen of organisaties tussen?”
De Pool bleef even stil, en vroeg toen: “Laat je mij mijn eigen hoofd eraf schieten, wanneer ik je geef waar je naar zoekt? Denk erom, je gaat het niet fucking fijn vinden, maar ik weet nu waarom ik kapot moet. Ik vertel je het verhaal en je zult mij geloven, want je kunt mij niet niet geloven, geloof dat maar. Daarna geef je mij een pistool met één kogel en je laat mij in de koelcel, zodat ik niemand van jullie neer kan schieten. Is dat een deal?”
Ik stelde het aan Stefano en Rino voor en die knikten onmiddellijk dat het goed was.
“Het is goed, ik beloof het je. Je hebt mijn woord als crimineel.”
De Pool begon te praten en hetgeen hij mij vertelde, had ik de hele al tijd vermoed. Mijn ergste nachtmerrie was uitgekomen. De Pool sprak voor een uur, en vroeg toen om het pistool.
“Wacht even, Powazki. Er is misschien iets anders dat ik kan doen voor je.”
Ik legde alles aan Stefano en Rino uit en vertelde hun wat ik van plan was. Ik had niets hoeven verklaren, mijn vrienden waren akkoord.
“Luister, als jij mij je woord als Poolse crimineel geeft, dan laat ik je leven. Je zult ergens anders moeten beginnen, maar daar is een oplossing voor. Totdat de zaak hier opgelost is blijf je bij Stefano’s mannen. Die gaan morgen het land uit, terug naar Italië. Je blijft in Italië, totdat ik zeg dat je kunt gaan. Ik ga je niet dreigen wat er gebeurd als je dubbel spel speelt, want dat vind ik mijn eer te na, en een belediging voor jou. You say fucking what?”
“Je hebt mijn woord, Jan. Ik was bereid om te sterven. Ik ga graag mee naar Italië.”
“Je kunt nog sterven, maar dat zal niet door ons zijn dan, je hebt mijn woord daarvoor. Ik heb je mogelijk nog nodig, maar ons beider veiligheid zal gewaarborgd zijn. Phil en jij zijn waardige vrienden. Jullie hebben ons respect. Je gaat nu weer terug in je koelcel, maar morgenavond vertrek je met acht Albanezen naar Italië. Ik ga dat nu gelijk regelen. Okay?”
De Pool stond op en bood zijn gebonden handen aan. Ik schudde die en sneed zijn boeien los. Hij kon niets meer tegen ons doen, hij had al zijn schepen verbrand, maar zijn leven eervol gered. Powazki liep met Stefano mee naar de koelcel.
De informatie, die ik zojuist ontvangen had, hoewel die niet als een schok kwam, deed mij duizelen. Ik besefte de verantwoording die ik nu droeg, en het maakte mij bang. Bang voor Stefano, Renato, Flavio, Rino en Vanny. Ik mocht niet falen.
Ik belde de Assistant Collector op van mijn eigen telefoon.
“Hi Jan, hoe gaat het? Alles goed met jullie en miss Fraser?”
“Ja, mijnheer Blackburn, dank u wel. U en uw partner?”
“Goed Jan, goed. Wat kan ik voor je doen? Ik voel dat het gaat spannen. Zeg het me, en by fuck... o, sorry... ik doe het.”
“Mister Blackburn, morgenavond vertrekken de Albanezen met een Poolse gentleman. Ik zou graag zien dat zij veilig het land uitkomen.”
“Okay, Jan, boek ze op de ferry naar Calais, maar laat ze de SeaCat naar Boulogne nemen. Ik regel alles. Ze moeten vragen naar Chief Customs Officer Bonnar. Die begeleidt ze naar de SeaCat. Maak je niet bezorgd, vriend. Ik ben vergeten dat je mijn keel hebt dichtgeknepen, maar John Holborn vergeet die kopstoot nimmer en je weet dat, want anders had je mij niet gebeld.”
Ik lachte, en zei: “U heeft het helemaal bij het goede eind, mister Blackburn en ik maak mij alleen maar zorgen voor mijn vrienden.”
“Jan, bereid alles voor zo snel als dat je kunt. Laat je vrienden zo snel mogelijk vertrekken. Ik zorg voor alles, en... Jan?”
“Yes mister Blackburn?”
“Ik heb vertrouwen in je. Je gaat het weer redden, want anders schakel ik Silvana’s beschermer in, maar als dit alles over is, komen jij en je Italiaanse vrienden dan bij ons thuis eten?”
“Het zou ons een eer zijn, mister Blackburn. Wees ervan overtuigd dat ik mijn kruit nog niet verschoten heb. De gehele operatie is een succes, tot nu aan toe. Ik leg het lot van mijn Albanese vrienden in uw handen.”
“It’s all good, Jan. Have faith.”
Later op de dag belde Renato om ons mede te delen dat de gehele operatie succesvol was verlopen. De aandelen stonden nu op Vanny’s naam en de honderdzestien miljoen Pond Sterling waren van eigenaar veranderd. Het doel van de operatie was bereikt en morgen zouden ze van Jersey vertrekken met de eerste tien miljoen Pond Sterling in cash. De eerste tien van de achtenvijftig die wij verdiend hadden. De overige achtenveertig miljoen stonden op een rekening die Flavio en Renato geopend hadden.
Vanny klonk hyper aan de telefoon: “Jan, ik ben zo blij dat alles achter de rug is. Je wilt het niet geloven, maar ja, jij en je vrienden zijn super. Ik verlang naar je, en deze keer ontsnap je mij niet meer. Die ribbel gaat eruit. Ik houd van je.”
“Ik ben hartstikke blij voor je, Vanny. Het is het allemaal waard geweest, en ja, ik houd ook van jou. Ik zie je morgen, foofie. Doe Renato en Flavio de groeten. Tot morgen.”
Na een dag werken, haalde ik de harde schijven uit de computers en die nam ik mee naar huis. Er kon wel ingebroken worden in de fabriek, wist ik veel.
Rino kookte weer voor ons, de atmosfeer was goed en vol vertrouwen, maar de vermoeidheid begon zich nu te laten gelden. We maakten het dan ook niet laat, want morgen was de dag dat alles zou gaan beginnen, dat de stront tegen het plafond zou spatten.
DERDE DAG
De avond ervoor was ik geëindigd met de video van alle knoopsgat camera’s. Nu kwam het moeilijkste, want ik moest de video die ik in het kantoor van Assistant Director General John Holborn van MI5 gemaakt had, aansluiten op de video die ik klaar had. Voordat ik dat kon doen, moest ik de film voorbewerken.
Hoe rot ik het ook vond om er aan te denken, iedere aanwezige die dag moest met zijn gezicht op de DVD, maar het was moeilijker dan dat. De man van MI5 moest er in ieder geval op, anders had de DVD geen zin. John Holborn leidde de operatie.
Ik moest zoveel versies maken, dat wanneer de drie autoriteiten van de Serious Organised Crime Office, Special Branch en HM Revenue and Customs te goeder trouw waren, dat geen van hun gezichten op de video verscheen. Voor het geval dat zij alledrie dubbel spel hadden gespeeld, moesten al hun gezichten zichtbaar zijn. Dan waren er nog alle mogelijkheden daar tussenin. Twee te goeder trouw..., en één niet, enzovoort. Drie personen, acht mogelijkheden en dus acht edities. Tegen de middag was ik er klaar mee en ik kon het verhoor met Bozena Powazki er achter zetten..., als kaarsje op de taart. Ik liet Stefano en Rino de complete video controleren, om er zeker van te zijn dat ik niets over het hoofd had gezien.
Check, check and check fucking double-check. Het was goed. We waren klaar. Klaar voor de fucking finale.
Toen Renato belde, vroeg ik hem naar de kippenslachterij te komen.
Vanny vloog mij om mijn nek, en huilde. Zij huilde..., zij brulde van opluchting. Ik begreep dat het net zo moeilijk voor haar was geweest, als voor ons hier. Misschien wel erger. Renato en Flavio keken ietwat verveeld.
“Rino, gooi JP’s vader in een koelcel en laat de Albanezen onmiddellijk komen,” zei ik,
Wij waren alle grote sporen, die wij mogelijk hadden achtergelaten, zoveel mogelijk aan het uitwissen, toen Rino met de acht Albanezen binnenkwam.
“Okay, Stefano,” vroeg ik, “wat zouden zij betaald krijgen voor deze missie?”
“Het zou er vanaf hangen, Zio, maar ik denk dat honderdduizend Pond Sterling goed betaald is.”
“Vraag ze of ze daar tevreden mee zijn, en of zij op de Pool kunnen letten tot wij hem nodig, of niet meer nodig hebben. Ze krijgen nu en hier uitbetaald.”
Stefano herhaalde mijn vraag aan de Albanezen, die de vragen enthousiast bevestigden.
“Vanny, heb je de tien miljoen?”
“Ja, Renato heeft het, Jan.”
“Renato, betaal iedereen tweehonderdduizend Pond met de complimenten van Vanny en mij. Ze hebben keurig werk verricht. We zijn meer dan tevreden.”
Nadat Renato één komma zes miljoen Pond had uitbetaald, kwamen de Albanezen mij en Vanny, één voor één bedanken. De leider vroeg: “Met respect signor Gian, maar u spreekt net zo goed Italiaans als wij doen, waarom gaf u nooit direct een opdracht aan ons? Eerst dachten wij dat u op ons neerkeek, maar u heeft ons zo goed beloond, dat het dat niet zijn kan.”
Ik drukte zijn hand, en zei: “Respect vriend. Jullie zijn Franco’s en Stefano’s vrienden en met hen doe je zaken. Ik kan geen opdrachten geven aan mensen die met, en voor mijn vrienden werken. Het is respect, niets anders. Ik wens jullie een veilige terugreis, maar wilde jullie dan bij deze vragen, om goed op de Pool te letten. Hij is ons aller levensverzekering. Behandel hem goed.”
De Albanezen namen opnieuw afscheid, maar deze keer omhelsden zij ons. Wij zagen hen met ietwat lede ogen vertrekken, nadat Rino Bozena Powazki aan hen overgedragen was. Zij waren goed geweest.
Nu moesten wij goed zijn. Mijn Italiaanse vrienden en ik begonnen pakketten semtex en fosforbommem door de kippenfabriek te verspreiden, en cellphone detonators aan te brengen.
Ik vroeg Vanny of wij vannacht in haar flat konden gaan slapen. Zij keek mij verbaasd aan, maar zei: “Ja natuurlijk, Jan”
“Stefano, kan ik de A6 meenemen? Ik ga met Vanny in haar flat slapen en doe daar het laatste werk aan onze verzekering. Ik moet dingen ‘uploaden’ naar het Internet en kan dat niet van Vanny’s huis doen, omdat ik niet weet of onze verbinding ‘gescreened’ wordt. Als dat het geval is, dan kan de ‘upload’ verdwijnen, zonder dat we er erg in hebben. Dit is op zeker gaan. Ik ben morgenochtend weer terug.
“Certo, Zio. Wat wilt u meenemen?”
“De computers, de nieuwe software die wij nog niet gebruikt hebben en alle gebrande DVD’s.”
Toen de spullen in de wagen waren geladen en wij de fabriek afgesloten hadden, overtuigde ik mij ervan dat Stefano, Renato, Flavio en Rino weggereden waren, voordat wij vertrokken.
Op twee kilometer afstand van het fabrieksterrein, stopte ik op een parkeerplaats en ik pakte mijn cellphone. Ik toetste een nummer in en drukte een hekje in, waarna ik een ander nummer intoetste. Ik gaf de telefoon aan Vanny en zei: “Het hekje intoetsen en even luisteren tot het begint te piepen in je oor. Dan druk je eerst een sterretje, en daarna het hekje in. Kijk recht vooruit.”
Vanny keek niet begrijpend, maar pakte de cellphone aan en drukte op het hekje. Toen het piepen begon, drukte zij het sterretje..., en vervolgens het hekje in.
Het duurde zeven seconden voordat wij de ontploffing hoorden, maar een caleidoscopisch inferno van vlammen schoot onmiddellijk zo’n vijftig meter hoog de lucht in, en verlichte de gehele omgeving. Toen kwam de explosie. Even leek het of de wereld verging. Hel en het vagevuur boven Ashford. Ik ben de duivel.
“Mijn God,” fluisterde Vanny, “Jan, is dat de loods? JP..., zijn vader? Wat hebben we gedaan.”
Ze begon wanhopig te huilen en ik trok haar tegen mij aan.
“Huil nu lieverd, huil zoals je nog nooit gehuild hebt, maar huil niet om twee onwaardige personen. Huil om je arme vader, fucking huil om je tien afgeslachte honden, huil om je arme moeder en fucking huil om het verlies van je tanden en huil om wat je allemaal aangedaan is. Huil baby, huil alsof er nooit meer een morgen komt. Het recht heeft zijn loop gehad en je hebt je gewroken…, totaal..., volledig en fucking finaal. Huil nu,” zei ik, en ik omarmde haar.
Vanny huilde en ik wilde huilen voor haar, maar ik kon het niet. De stress moest erin blijven..., tot de dikke dame zou zingen.
Een half uur later was Vanny helemaal bekomen van haar verdriet, dat ze al zo lang had opgekropt. Nu werd ze vrolijk en ze omhelsde mij een keer of tien.
Het misdadige en lafhartige duo JP Miller en zijn fucking vader waren verdampt, verast, vergast of alledrie. De psychopathische dierenbeul Grant en zijn Pools Mongoolse ‘sidekick’ waren al voor een gedeelte, als gehakt, in de monden van de doodgeschoten lijfwachten van Bozena Powazki verdwenen. Achttien dode Polen waren vermalen tot gehakt en stonden in koelcellen, wachtend op een autopsie. Phil lag behoorlijk begraven in een bos in Epping en Bozena Powazki was op weg naar Italië.
En wij waren op weg naar Vanny’s flat in Dover, toen mijn crypto-telefoon piepte. Ik zag dat het Deputy Assistant Commissioner Ronald Clarke was.
“Hi mister Clarke, hoe gaat het, Sir.”
“Ik hoopte dat jij mij dat kon vertellen, Jan. Wat was dat met de explosie?”
“Het einde van de operatie, Sir. Tenminste wat mij betreft. De loods had geen aangrenzende panden, dus er is geen collaterale schade. De opdracht is compleet uitgevoerd.”
“Wat ga je nu doen?”
“Wat sporen aan het opruimen en wat losse eindjes aan elkaar knopen.”
“Wanneer denk je dat je kunt komen voor een ‘debriefing’”
“Morgen als het moet, mijn vrienden vertrekken ook binnen een paar dagen.”
“Okay Jan, ik regel een ‘meeting’ voor morgenochtend elf uur met Assistant Director General John Holborn in Thames House. Schikt dat?”
“Ja, dat is uitstekend, Commissioner. Bent u er ook?”
“Ja, we zullen er allemaal zijn. Goed ik zie je morgen dan. Prettige avond nog.”
Ik groette en klapte de telefoon dicht.
“Wat is er, Jan? Je kijkt zo bedachtzaam,” vroeg Vanny.
“We naderen de eindfase, lieverd.”
“Maar ik dacht alles nu achter de rug was?”
“Morgen Vanfoof, morgen lieverd. We gaan nu even onze polis opwaarderen.”
Die avond en nacht had Vanny niet veel aan mij, maar ik had des te meer aan haar. Ze bleef mij koffie en broodjes brengen, terwijl ik op verschillende ‘servers’ in Vietnam, China, Maleisië, Syrië en Venezuela websites aanmaakte, waarin ik mijn verhaal vertelde. Ik illustreerde de websites met afbeeldingen die ik uit de video had overgenomen.
Ik maakte een ‘download’ functie, zodat bezoekers de hele DVD konden downloaden. Toen dat klaar was, maakte ik een site voor de Engelse kranten. Deze site gaf informatie over een samenzwering. Ik bracht zaken te berde, die de kranten wel moesten geloven.
Ik schreef PHP modules die er voor zorgden dat wanneer ik niet iedere dag inlogde, dat alle websites automatisch geactiveerd werden, en de email naar de kranten verzonden werd.
Om elf uur sms’te ik Silvana, de moeder van mijn dochter en de partner van een drieëndertigste graad Scottisch Rite Freemason, die fungeerde als mijn beschermer. In twee minuten belde Silvana mij terug.
“Jan, zit je in de problemen?”
“Nog niet, monster, maar de Britse regering morgen wel, vermoed ik zo.”
“Wat kan ik voor je doen, vader van mijn dochter en supervriend?”
Ik vertelde Silvana in het kort wat was voorgevallen en hetgeen ik vermoedde dat er te gebeuren stond. Ik vertelde haar van mijn verzekering en waar ze de video kon downloaden. Toen vroeg ik haar om mij een klein plezier te willen doen.
“Liever een groot plezier, maar dat zal je beschermer niet goed vinden,” lachte Silvana, “Dat zul je inmiddels wel vernomen hebben.”
“Ja, en het spijt mij. Je had dat voor mij niet hoeven doen, Silvana.”
“Ik heb het ook voor mijzelf en onze dochter gedaan, wij konden nimmer een toekomst hebben, Jan. Vertel me wat ik kan doen.”
Ik deelde haar mede dat ik morgen een meeting had in Thames House met MI5, Special Branch, Serious Organised Crime Agency en HM Revenue and Customs.
“Net als de laatste keer?”
“Ja, en hopelijk is dit ook de laatste keer. Dit is wat ik graag zou willen dat je deed, maar niet als het je eigen positie in gevaar brengt. Als dat zo is, red ik het ook wel, maar het volgende heeft meer impact.”
Ik vertelde Silvana wat zij voor mij kon doen. Ik was nog niet uitgepraat, of ze begon ze te schateren: “Jan, Jan, dat doe ik graag. Oh My Fucking God, ik wil die gezichten wel eens zien. Hoe laat wil je dat ik ‘online’ kom?”
“Ik sms je. Is dat okay, monster?”
“Ja, prima, okay. Ik ben er voor je. Goed gedaan, Jan. Complimenten. Je wordt ouder en steeds slimmer. Kus van mij en je dochter, Franca. In gamba domani, Gian (Wees sterk morgen, Jan)”
Toen ik de telefoon dichtklapte, zei Vanny: “Je noemde haar ook monster.”
“Zij is mijn monster, en zij zal dat altijd zijn. Zij is de moeder van mijn dochtertje, dat vernoemd is naar de vader van Stefano. Jij Vanny, jij bent mijn supermonster, wees niet jaloers op iets dat niet bestaat. Wij respecteren elkaar, dat is alles.”
“Ik ben een beetje gevoelig, Jan. Natuurlijk ben ik niet jaloers, maar zoiets klinkt dan net, of ik niet meer speciaal voor je ben.”
“Je gaat morgen meemaken, hoe speciaal je voor me bent. Okay, we verdienen eraan, maar ik heb het toch hoofdzakelijk voor jou gedaan. Ik denk dat we nu maar het beste gaan slapen, lieverd. Ik moet morgen vroeg op om Stefano en de anderen eerst op te halen. Je gaat toch wel mee naar MI5, hè?”
VIERDE DAG - De volgende dag reden wij om zeven uur weg uit Dover. Ik had Stefano al gebeld, maar kreeg geen antwoord op zijn mobiel. Ik probeerde Renato, Flavio en Rino met hetzelfde resultaat. Dat was niet vreemd, dat was ongehoord en ik begon mij zorgen te maken. Tegen de tijd dat ik bij het huis aankwam, was ik in paniek.
Bij het huis aangekomen, zei ik Vanny in de auto te blijven zitten.
De voordeur was met een explosie uit zijn scharnieren gerukt en alle ramen waren gebroken. Ik rende naar binnen, de ravage tegemoet. Ik rook het cordiet en zag dat er Flash-bang stungranaten waren gebruikt. Op sommige plekken in de kamer zag ik bloedplekken. Ik dacht dat ik gek werd. Eerst Franco, en nu Stefano? Dat kon niet. Stefano kan niet dood. Stefano is de man. De tranen liepen over mijn wangen, toen ik een gerommel hoorde.
Terwijl ik de Sig van mijn rug trok, draaide ik mij om naar het geluid. Flavio!
Hij hield zijn bloedende arm vast, en zei zwak door bloedverlies: “Zio, we konden niets doen. Het waren regeringstroepen. Te veel voor ons. Stefano en Renato zijn neergeschoten. Ze wilden ons echter levend hebben, dat was duidelijk. We hebben er wel een stuk of wat kunnen vermoorden.”
Het leek wel of het stortregende voor mijn ogen, het zoute water liep mijn mond in. Ik pakte Flavio voorzichtig en stamelde: “Hoe ben je weggekomen, zoon?”
“Op een gegeven moment, na de Flash-bangs rende ik de kamer uit, de hal in. Ik rende tegen de muren op en bleef tegen het plafond tussen de muren geklemd zitten. De soldaten renden mij achterna, maar dachten dat ik naar buiten was gerend. Even later liet ik mij zakken en kroop in de dekenkist.”
Ik wist dat Flavio een acrobaat was en zag het hele tafereel voor mij. Ik vroeg: “Zit de kogel nog in de wond?”
“Nee, de kogel heeft een uitgangswond.”
“Hoeveel bloed heb je verloren, zoon?”
“Ik weet het niet, Zio. Ik voel mij zwak.”
“Vertrouw je mij, Flavio?”
De gewonde Italiaan keek mij gewond aan, en zei niets.
Ik pakte de crypto-telefoon en belde de Directeur van de Serious Organised Crime Agency en vertelde mister Tim Haines wat er gebeurd was.
“Jan, ik ga zo naar London voor de meeting, maar laat Flavio daar, tot ik mensen heb gestuurd. Wij brengen hem naar een ziekenhuis, waar geen vragen gesteld zullen worden. Is dat okay?”
“Ja, mister Haines. Dank u wel. Kunt u dit tijdens de meeting even niet aanhalen, want ik beloof u regeringsdynamiet, tijdens de meeting.”
De directeur gaf mij zijn woord en belde af.
Toen de ambulance arriveerde, omhelsde ik Flavio, en zei zacht: “Ik ga Stefano, Renato en Rino halen, zoon. Dat beloof ik je. Ik zie je tegen de avond. Maak je geen zorgen en probeer te rusten. Je hebt je geweldig gedragen, je mag trots op jezelf zijn.”
Stikkend van verdriet zag ik Flavio in de ambulance vertrekken, maar mijn leed werd nu snel ingehaald door woede. Drift is een goede motivator, mits deze razernij in goede banen geleid kan worden. Ik ging nu snel ‘apeshit’, terwijl ik mijn tranen droogde.
Ik legde Vanny uit wat er gebeurd was, en wij gingen op weg naar Londen. Net als de vorige keer liet ik mijn auto weer in Dartford en we namen een taxi naar Thames House.
Nu was de ontvangst anders, want we werden verwacht. Omringd door zes ‘spooks’ werden wij onmiddellijk naar een ruimte gevoerd om gefouilleerd te worden. Ik had de Sig in Vanny’s huis achtergelaten, om niemand een excuus te geven. Nadat wij beiden een grondige visitatie hadden ondergaan, werden wij door zes man de lift ingeleid.
Ik was nu hyper, maar niemand zag iets aan mij. Het pokerface dat ik sinds jongen van twintig had meegedragen, heeft mij nimmer in de steek gelaten.
Toen wij uit de lift stapten, werden wij weer gevisiteerd, al was het iets minder grondig. Waarom? Iemand kon wel een wapen in de lift verstopt hebben. Het was eerder gebeurd.
De zes ‘spooks’ brachten ons het kantoor van Assistant Director General John Holborn in en zouden dat kantoor niet meer verlaten. Blijkbaar hadden ze nogal ontzag voor een oude vent, en zijn vriendin.
APOCALYPSE – The Four Horsemen. Ik groette alle aanwezigen en ging met Vanny aan de vergadertafel zitten. Vanny trilde als een riet. Ook al wist ze niet precies wat er aan de hand was, ze voelde de elektriciteit in de atmosfeer.
“Zo Jan,” zei superspook Assistant Director General, John Holborn, van MI5, “We hebben begrepen dat de operatie succesvol is geëindigd, is dat juist.”
“De operatie is succesvol voor miss Fraser geëindigd. Of de operatie werkelijk een succes is te noemen, mogen u en de vier aanwezigen zelf bepalen.”
“Dat klinkt alsof je een twijfel hebt, Jan?” vroeg de HM Revenu en Customs man, Richard Blackburn.
“Ik heb alles behalve een twijfel mister Blackburn. De twijfel ligt strakjes hier voor een ieder klaar. Nee, ik heb geen enkele twijfel.”
“Wel, dan kunnen wij beginnen met de ‘debriefing’” zei de MI5 man.
“Kan wel, maar doen wij niet. Ik wil eerst weten waar mijn vrienden zijn en hoe het met hen is.”
“Jan,” zei de MI5 man, “Met je vrienden is het op een paar kleine schotwonden na goed, en als wij tot zaken komen, dan kunnen jullie allemaal vertrekken. Zo niet, kunnem alleen jij en miss Fraser vertrekken.”
“Wat voor zaken,” vroeg de Assistant Collector, “En wat is er met je vrienden.”
Directeur Tim Haines van de Serious Organised Crime Office schudde zijn hoofd en zei: “Kon je het niet laten, Holborn? Een konijn uit de hoed trekken, bij het scheiden van de markt?”
Deputy Assistant Commissioner, Ronald Clarke van de Special Branch zei: “Kom Jan, jullie hebben een paar maanden geleden een misdrijf gepleegd door die ruwe diamanten en die vijftig miljoen Pond te stelen. Dat kunnen wij toch niet zomaar laten passeren?”
“Maar voor dat bedrag van vijfhonderdvijftig miljoen bent u wel genegen om een misdrijf door de vingers te zien. En de misdaden die wij nu gepleegd hebben, in opdracht en samenwerking met de regering?” vroeg ik, “Maken die niets goed ten aanzien van dat eerdere misdrijf? Als laatste dit: wist u vanaf het begin dat wij opgezet zouden worden?”
“Ik zit hier niet in verhoor.”
“Nee, dat komt inderdaad wat later,” antwoordde ik.
“Laten wij dit snel afwerken, Jan,” zei de Assistant Director General van MI5, “Jij zorgt dat de vijfhonderd miljoen ruwe diamanten terugkomen met de vijftig miljoen Pond, en je kunt je vrienden weer mee naar huis nemen. Bij hun arreststatie hebben zij de vier agenten doodgeschoten. Twee agenten lopen met een gebroken nek, tengevolge van een speciale klap die ze van jouw gangstervriend Stefano, hebben gekregen. We hebben genoeg voor een rechtszaak. Je werkt mee, of je werkt mee, maar meewerken zul je. Zo niet, blijven ze hier voor de volgende vijfentwintig jaar?”
“Vergeet u niet een kleinigheidje? Hoe denkt u de, door de Prime Minister persoonlijk getekende en gezegelde aflaat die ik in Holland heb, weg te kunnen redeneren?”
“Voor vijfhondervijftig miljoen Pond Sterling kunnen wij een hoop; zelfs bewijzen dat die aflaat een fake is.”
“Ik ben een crimineel, maar jou gaat geen zee te hoog in het verlagen van je moraal, nietwaar? Dus dat is de deal?”
“Dat is de deal!” zei John Holborn.
De lijfwacht ‘spooks’ kwamen wat dichter om mij heen staan, toen ik mijn mobiel pakte.
“Ik weet dus nu dat MI5 en de Special Branch in dit nieuwe complot zitten. Ik weet dat nog niet zeker van mister Blackburn en mister Haines. Ik zal dit met een uurtje weten. Mijn vrienden gaan morgen mee naar huis met mij en de fucking diamanten houden wij net zoals de fucking vijftig miljoen Pond. Nee, ik ben niet waanzinnig geworden, maar ik wilde de aanwezigen hierbij uitnodigen om een filmpje te kijken, dat heel Engeland tot waanzin zal drijven. Als ik vanavond niet inlog op een bepaalde website, is alles morgen in het publieke domein. Geeft u mij een paar minuten, en het zal u allemaal duidelijk worden.”
Ik sms’te de vooraf gemaakt tekst naar Silvana.
“Mister Holborn, kunt u het wandpaneel aanzetten en inloggen op dezelfde zender, als dat u de laatste keer deed, met Silvana? Zij heeft iets te zeggen, dat zeker de Home Office, maar ook de regering zal interesseren.”
De superspook en de man van de Special Branch keken elkaar aan. Ze begrepen dat er iets zou komen, dat zij niet ingecalculeerd hadden.
Even later lichtte het paneel op en Silvana kwam in het beeld.
“Goedemorgen Jan, je zegt maar wanneer ik de video kan starten. Ik had je gewaarschuwd voor die ‘snake fucking superspook’, maar gelukkig heb je geluisterd en je maatregelen genomen.
Assistant Director General, Assistant Collector, Deputy Assistant Commissioner en Directeur, we hoeven niet de hele video af te zien, u begrijpt snel waar het over gaat. Het einde echter wil niemand missen. De video is voorzien van commentaar, maar de beelden spreken voor zichzelf. Here goes:”
De film begon met de beelden dat Grant aan stukken gehakt werd en de Pool door mij doodgeschoten werd. Even later verschenen de beelden dat beide slachtoffers door de Albanezen uitgebeend werden en in een gehaktmachine werden gegooid. Het was zichtbaar dat de twee misdadigers als gehakt de machine uitkwamen.
“Mijn God,” zei de Assistant Collector.
De video toonde alle beelden van de aanval op Vanny’s huis en de raketaanval op de Bentley van Phil. Na de moord op Phil werd er getoond hoe de dode en levende Polen geslacht werden door de Albanezen en hoe het gehaktverhaal zich herhaalde.
De beelden vervaagden om vervangen te worden door het video verslag gedurende de aanval op de Poolse industrieloods. De vergadering met Bozena Powazki was goed te zien en te horen op de video, evenals de Poolse lijfwachten die een hapje gehakte landgenoot opaten, en daar zichtbaar van genoten. Daarna werd het gevecht met de Polen getoond, alsmede de uitkomst van dat gevecht.
Zes dode Polen werden ingeladen, en weer uitgeladen bij de kippenfabriek. Wat er nu komen ging, kon iedere aanwezige nu wel raden, dus Silvana spoelde hier even snel door. De gehaktboodschap was begrepen, door alle aanwezigen.
Toen Bozena Powazki in verhoor kwam, keek Vanni, die tot nog toe de vreselijke beelden had vermeden, vol aandacht toe. Wat echter gezegd werd was veel belangrijker.
“Is het juist dat jullie zogenaamde terroristenaanvallen in opdracht van de Amerikaanse Illuminati uitvoerden?”
“Dat is volkomen juist en wij waren ook verteld dat wij opdrachten zouden krijgen om lastige politici te vermoorden,” antwoordde Bozena Powazki.
“Van wie kreeg je je opdrachten? Van de raad van Dertien, of via tussenpersonen?”
“Ik kreeg mijn opdracht van een Engelse Freemason die een hoog lid in de Illuminati is.”
“Waarom denk je dat wij de opdracht hebben om je te vermoorden?” vroeg ik, met vervormde stem en zonder dat mijn gezicht zichtbaar was op de video.”
“Ik denk dat het is omdat de persoon nu een toppositie bekleedt in één van de meest bekende regeringsinstanties. Het gevaar dat ik hem zou kunnen compromitteren, werd te groot. Het Illuminati-lid was te waardevol voor de Amerikaanse Illuminati geworden. Ik ben daar zeker van en wil mijn hoofd er onder verwedden.”
Als wij je in leven laten, ben je dan bereid om te komen getuigen in een Britse Court of Law en van alles wat je ons hebt verteld, en wat je ons nog gaat meedelen een beëdigde verklaring af te leggen?”
“Absoluut,” zei de Pool.
“Heb je ook bewijzen voor wat je hier stelt?”
“Ja, alle ontmoetingen vonden plaats in bordelen van Poolse vrienden van mij. Alle bezoeken van de functionaris, waar hij zich vermaakt met prostituees, en die waar ik mijn opdrachten krijg van deze topfunctionaris, zijn op video opgenomen. Ik besefte al snel dat ik mijzelf beschermen moest. Alle video’s zijn in mijn bezit.”
“Goed, dan wil ik nu van je weten wie die topfunctionaris is, en de instantie waar hij voor werkt,” werkte ik naar de finale toe.
“De topfunctionaris die voor de Illuminati in het Verenigd Koninkrijk werkt, en hen daar representeert is John Holborn, de Assistant Director General van de MI5.”
“Ongelooflijk,” zei de Deputy Assistant Commissioner, Ronald Clarke, van de Special Branch.
“Nee, ik geloof het wel,” zei de directeur van de Serious Organised Crime Organisation, Tim Haines, “Ik geloof het fucking wel.”
“Ongehoord,” zei de Assistant Collector van HM Revenu en Customs.
“Nee, u hoort het hier,” zei ik, en afhangende van de uitkomst van deze vergadering, hoort, en ziet heel Groot-Brittannië het in een paar dagen in de krant, op de televisie en het Internet.
“Wat denkt u mister Haines? Zullen wij mijn vrienden maar vast op laten halen, of wilt u nog wat meer zien? Het mooiste komt nog.”
“Doe nog maar een beetje. Wie gelooft de woorden van een Poolse crimineel? Dit is geen bewijs, iedereen zou dat gezegd hebben om zijn leven te redden.”
“Goed,” zei ik, “Ik zie dat u niet voor rede vatbaar bent. Hier komt het kersje op de taart, waarna ik nog even een korte uitleg geef over de gevolgen. Dit duurt niet lang. Ik ben het met u eens dat het woord van een Poolse crimineel niet opweegt tegen iemand in uw positie. Daarom zullen we nu iemand in uw positie de hele operatie laten bevestigen, ook de aan mij verzochte moord op Bozena Powazki, waarin ik echter geen bestek had. Let op.”
“Toe maar Silvana,” zei ik.
Het volgende moment werd op het wandpaneel, het wandpaneel en de gehele vergaderruimte, tijdens onze eerste vergadering, zichtbaar. Alle vier de functionarissen waren zichtbaar, alleen bij de ‘topspook’ van MI5 was het gezicht zichtbaar.
“Stop hier even, Silvana,” vroeg ik.
De video stopte en ik zei: “Ik ben er van uitgegaan dat iedereen hier, behalve John Holborn natuurlijk, niet wist dat hij een Illuminati-lid is en dat mijn vrienden en ik opgezet zouden worden. Mocht dat anders blijken te zijn, dan is iedere combinatie mogelijk. De gezichten van de onschuldigen blijven onherkenbaar. John Holborn heeft dit plan bedacht om vijfhonderd miljoen aan ruwe diamant en vijftig miljoen Pond Sterling van ons terug te krijgen. Mijn vrienden moesten daarvoor opgeofferd worden.”
Ik vroeg: “Wat is uw rol daarin Deputy Assistant Commissioner?” vroeg ik de man van de Special Branch.
“Wij waren alleen in het delict geïnteresseerd, niet de diamanten of het geld. Niet om me schoon te praten, want ik wist dat je vrienden opgehaald zouden worden, maar ik wist niet dat John Holborn een Illuminati lid is, en ik zal het zeker onder de aandacht van het Home Office brengen. Dit gaat te ver.”
“Hear, hear,” zeiden zijn twee collega’s.
“Draaien maar weer, Silvana.”
Halverwege de rest van de video kon ik die laten stoppen. Iedere aanwezige begreep dat alles wat hier de vorige keer beraamd en besproken was, genoeg was om een kabinetscrisis te veroorzaken.
“Laat mijn Italiaanse vrienden nog maar even waar ze zijn,” treiterde ik de Assistant Director General van MI5, “Luister nog even naar Silvana, en daarna heb ik nog een boodschap. Go, Sivana.”
“Mister John fucking Holborn, we gaan iets aan je doen. Wanneer de vrienden van de vader van mijn kind niet onmiddellijk vrijgelaten worden, dan zal ik mijn partner, een drieëndertigste graad Scottish Rite Freemason vragen of hij opdracht wil geven in de Lodge om een onderzoek naar je antecedenten in te stellen. Dat komt dan vanzelf wel weer bij de Special Branch terecht. Okay Jan?”
Al het zelfvertrouwen en kleur was nu uit het gezicht van de Assistant Director General verdwenen. Hij was zo wit als een doek.
Silvana riep: “Miss Fraser..., Vanny?
“Ja, Silvana?”
“Als je met Jan bent, besef dan dat je met de beste bent. Beter is er niet. Wees goed voor hem, want hij verdient het.”
Vanny regeerde: “Ja Silvana, ik besef dat en ik houd veel van hem. Ik wil je bedanken voor al je hulp, en wat je voor Jan gedaan hebt.”
Ik bedankte Silvana voor haar hulp en verzocht haar mijn dochter een kus te willen geven. Silvana verdween van het paneel.
SHOWDOWN – Ik richtte mij tot de andere drie functionarissen, en zei: “Het is duidelijk zichtbaar op de video dat gehakt van vermoorde Polen opgegeten wordt door hun landgenoten. Het is ook duidelijk zichtbaar dat er gehakt van negentien Polen en een misdadiger is gemaakt. Waar is dat gehakt? Als die vraag in het nieuws komt dan verkoopt niet alleen Tesco geen soepballetje meer, maar geen slager verkoopt nog vlees de eerste weken, zolang dit in het nieuws blijft.
Het blijft in het nieuws, omdat ik daarvoor zorgen zal. Mij vermoorden heeft geen enkel praktisch nut. De ‘servers’, die verspreid zijn door de hele wereld, blijven nieuws uitspugen, totdat ik weer inlog. De Pool is in leven, brengt zijn bewijsmateriaal mee en komt getuigen, wanneer ik hem nodig heb. De vleescrisis zal eenzelfde impact hebben als een mond-en-klauwzeer epidemie, maar dan hebben wij het alleen nog maar over de economische factor. Het psychologische effect en de crisis in het kabinet, kon de ondergang van Labour wel eens betekenen.
O, en er is nog een kleinigheid. Ik heb in Nederland die getekende en gezegelde aflaat van de Prime Minister, waaruit blijkt dat alles wat op de video getoond is, met betrekking tot het plannen van moorden, bekend was bij niet alleen de vier functionarissen hier, maar ook bij de Prime Minister. U was dat toch niet vergeten, mister Holborn? Denkt u die nog steeds te kunnen negeren, of gaat deze nu de doorslag geven? U mag het zeggen. I rest my case.”
“Mijn God,” zei de man van HM Revenu and Customs nogmaals, “Wat een fucking fuck-up. Jan, mijn complimenten. Ik ben er trots op dat je mijn strot een keer hebt dichtgeknepen.”
“Ik zal opdracht geven om je vrienden te laten halen, Jan,” zei de man van MI5, “Ze zijn goed behandeld en hun wonden vallen erg mee. Ik laat ze gelijk komen. Is dat goed?”
“ja, dat is prima, mister Holborn,” zei ik vrolijk, “En terwijl wij op mijn vrienden wachten, geeft u even opdracht om vijftig miljoen Pond in cash aan me te betalen. Ik vertrek niet zonder geld. U kunt mijn vrienden houden en dan gaan we de strijd aan. Mijn drie vrienden zijn gewond. Gewond niet in de strijd waarvoor zij gekomen zijn, maar door verraad. HM Government betaalt hun vijftig miljoen Pond en dan doe ik het nog schappelijk.”
“Ik kan op korte termijn niet zoveel cash regelen,” zei de man van MI5 naar waarheid.
“Dat weet ik, maar als u en de drie heren hier allemaal tegelijk contact met het Home Office opnemen, dan is het geld hier in een half uur. Ik weet dat er fondsen zijn voor nood- en speciale gevallen. Dit geval is beide. Niet goed? Ook goed. Alles wat we maar hoeven te doen is wachten. Wachten op het moment..., dat ik niet inlog.”
“Ik vind zijn verzoek meer dan redelijk,” zei de man van HM Revenue and Customs.
“We komen er met een koopje af, ook al hebben wij er niet om gevraagd,” zei Directeur Tim Haines van Serious Organised Crime Office.
“Man, waar wachten wij nog op,” zei Deputy Assistant Commissioner Ronald Clarke, van Special Branch, “You fucked up, John and you fucked up fucking big time. Bel voor het geld en wij bevestigen het.”
“Wacht nog even. Het huis van miss Fraser is vernield. Zij heeft nergens wat mee te maken. Wij kunnen er wel slapen vannacht, maar als morgenavond mijn vriend Flavio uit het ziekenhuis komt, dan wil ik alle schade gerepareerd zien. Het huis zal zijn, zoals het was. Perfect.”
Een half uur later werden mijn vrienden in het kantoor gelaten. Stefano, Renato en Rino leken niet erg onder de indruk te zijn, en hun verwondingen waren gelukkig niet ernstig.
“Dus dit is het duivelse trio,” vroeg Commissioner Ronald Clarke nieuwsgierig.
“Nee, één vriend ontsnapte gelijk al. Maar met hem kunt u het een duivels viertal noemen. The Four Horsemen. Kijk goed, want jullie zullen nimmer meer het privilege genieten om specialisten van dit kaliber aanschouwen..., en ik ben de fucking duivel.”
Richard Blackburn, de Assistant Collector, liep op Stefano en mijn vrienden af en schudde hen enthousiast de hand. Dit was een dappere daad, om zijn collega’s duidelijk te maken dat hij mijn vrienden reeds ontmoet had, en wat hij van hen dacht. De Italianen omhelsden Richard Blackburn, die trots om zich heen keek.
Even later werden er drie koffers met geld gebracht. Ik zei tegen de Italianen om even te kijken of het cadeautje van de Britse regering hen beviel.
“Smartengeld,” zei ik tegen mijn vrienden, die mij aankeken alsof ik van goud was gemaakt.
“Dus alles is nu naar tevredenheid geregeld, en wij kunnen ervan op aan dat al het nieuws dat wij gezien hebben hier, ook uit het nieuws blijft?” vroeg de man van MI5 terwijl hij opstond, om ons naar de deur te begeleiden.
Ik dacht even na, en zei: “Ja, ik denk het wel. Op een kleinigheidje na, zijn wij eruit.”
“En dat is,” vroeg de man van MI5, verstoord.
“Niet doen, Jan,” riep Vanny.
“Enkel dit nog,” zei ik en gaf de Assistant Director General een massieve, krakende kopstoot, die hem deze keer vier voortanden koste.
“Dit zat mij nog even dwars, nu is het over wat mij betreft.”
“Nice one, Zio,” prees Stefano mij, trots.
“Malavita (onderwereld),” zeiden Renato en Rino tegelijk.
De functionarissen lachten niet, maar men kon zien dat het hen moeite kostte. De zes lijfwachten maakten aanstalten om mij te pakken te nemen, maar de man van MI5 wuifde hen weg.
Wij groetten de autoriteiten, en wij waren weg. Met de koffers.
We lieten een taxibusje voor ons bellen bij de receptie, die ons naar mijn auto in Dartford bracht. Daar stapten wij over en reden naar het William Harvey Hospital in Ashford, om Flavio te bezoeken.
De zaalzuster maakte bezwaar tegen vier bezoekers en het feit dat wij drie grote koffers bij ons hadden. Ik vroeg haar even te wachten en belde Deputy Assistant Commissioner, Ronald Clarke, van Special Branch.
Toen de zaalzuster even naar hem geluisterd had, werd ze een tint witter en begeleide ons naar de kamer, waar Flavio in bed lag te lezen. Hij keek ons aan, alsof er niets aan de hand was en het hele verloop de normaalste zaak van de wereld was.
Nadat wij hem omhelsd hadden, pakte Vanny hem voorzichtig om zijn nek en zoende hem op zijn mond. Nou, dat deed de jonge Santista van de Cammora rechtop zitten. Met een rood gezicht zei hij: “Ik hoop dat ze mij morgen weer aanschieten.”
Vanny lachte en gaf hem er nog wat van die ‘lipshit’ overheen.
Ik zei: “Je kunt mee naar huis, Flavio, maar ik zou liever zien dat je nog een nacht bleef. Je was aardig verzwakt door bloedverlies en in het huis is het een rotbende. Morgen zal het huis weer bewoonbaar zijn en dan kom ik je ophalen. Daarna is het feest, we hebben iets te vieren op de goede afloop.”
Stefano vroeg aan Flavio: “Weet je wat zio Gian voor compensatie heeft bedongen voor onze schotwonden?”
“A millione?” giste Flavio.
“Vijftig miljoen, dat is tien miljoen de man,” zei Stefano.
“Twaalf en een half miljoen,” verbeterde ik, “Ik ben niet aangeschoten. Wel nog niet. Morgenavond..., absoluut.”
Ik vernam nu pas hoe de aanval op het huis verlopen was. Rond tien uur hoorden de Italianen twee geweldige explosies. Op hetzelfde moment werden er stungranaten door de ramen naar binnen gegooid. De Italianen, gewaarschuwd door de explosies hielden hun handen gelijk over hun ogen en drukten met hun duimen de oren dicht. De explosies van de twee stungranaten misten dus grotendeels hun doel, en de Italianen trokken hun wapens.
De politiemannen moesten zich echt naar binnen vechten, maar waren blijkbaar onder strikte orders geweest om de Italianen levend gevangen te nemen. Terwijl Flavio over de hoofden van de agent buitelde, schoten Stefano, Renato en Rino vier agenten dood. De overmacht was echter te groot en terwijl de Italianen aangeschoten en ontwapend werden, slaagde Stefano er nog in om de nek van twee agenten te breken. Toen was het over en werden zij afgevoerd naar Londen.
“We wisten dat je ons zou komen halen, Zio,” zei Renato, “Stefano had ons verteld dat u een verzekeringspolis had afgesloten, en dat hij daar nog bij geholpen had. U bent erg goed, Zio.”
Ik aanvaarde het compliment in dankbaarheid, maar tegelijkertijd schoot er een golf van paniek door mij heen. ‘Wat als ik niet zo voorzichtig was geweest? Met mijn boezemvriend Franco nu dood, had ik mijn vrienden van de Camorra, Lucio en Umberto, de vaders van Renato en Flavio, nimmer meer onder de ogen kunnen komen. Nee, ik zou zelfmoord hebben gepleegd.’
Thuis ruimden wij de ergste troep op, terwijl Vanny een eenvoudige maaltijd aan het klaarmaken was. We besloten het die avond niet laat te maken. De adrenaline was nu aan het uitzakken en na de maaltijd voelde ik een golf van vermoeidheid over mij heen komen.
“Ik kruip onder mijn steen, vrienden,” groette ik, “Vergeet het geld niet mee naar de slaapkamers te nemen. Het huis staat nu open voor dieven en ander schorem.”
“MI5 heeft mij een groot plezier gedaan, Jan,” zei Vanny later in bed tegen mij, “Ze hebben jou op mijn pad gebracht en daarmee zelfmoord gepleegd. Mijn God, Jan. Kon je dit alles vermoedden, toen wij elkaar voor het eerst ontmoetten?”
“Nee, natuurlijk niet, foofie? Maar ik heb wel geleerd dat in het leven alles heel snel kan veranderen, en ik heb in datzelfde leven geleerd om te kunnen improviseren en te werken met de gereedschappen en gunstige omstandigheden, die mij op dat moment ter beschikking staan.”
“Kun je mij iets uitleggen?”, vroeg Vanny, “Toen wij de eerste keer gingen, liet je je Cartier bril in de auto, en zette een plastic bril op. Je vertelde mij leugenverhaal, want in die bril zat natuurlijk de camera. Vertrouwde je mij niet?”
“Ik was bang dat wanneer jij van die camera zou weten, dat je je niet natuurlijk zou gedragen. Dat zou opgevallen zijn, want wie onze tegenstanders dan ook mogen zijn..., ze zijn getraind om op dat soort dingen te letten. Het was voor ons beider bescherming, foofie.”
“Jij zette die bril al op je gezicht, toen je nog niets van Silvana had gehoord. Die maakte tijdens de vergadering duidelijk dat John Holborn niet te vertrouwen was. Wist je dat toen al?”
“Nee, maar ik neem altijd voorzorgsmaatregelen. Beter met bewijzen blijven zitten, als erom verlegen zitten.”
“Was er bij jezelf ook een wantrouwen tegen die John Holborn?”
“Wel, ik was al bevooroordeeld door Silvana. Denk over haar hoe je wilt, maar ze is superintelligent en superslim. Toch, toen de ‘spook’ tijdens de vergadering vertelde, dat Saudi-Arabieren aanslagen in Londen wilden laten plegen, toen wist ik dat hij mij een lulverhaal om mijn nek wilde hangen. Toen wist ik dat zij mij gebruiken wilden. De rest is geschiedenis, Vanny.”
“Je bent een geweldenaar, werkelijk Jan. Je voelde van het begin al goed, maar je bent de apotheose. Wat zullen je vrienden trots op je zijn. Ik ben zo trots op je dat ik twee katoenen slipjes aan heb moeten trekken. Maak je nu een echte vrouw van me?”
“Nee, want ik ben op, foofie. Ik ga nu hypo, maar morgenavond na het feest, ben je van mij en rammelen we die ribbel uit je muff.”
We kropen tegen elkaar aan, kusten elkaar en vielen in slaap, toen het lippenstelsel nog aan elkaar zat gekleefd.
ALLES OVER PIJN - De volgende dag haalden wij Flavio op uit het ziekenhuis. Hoewel de mooie, jonge Napolitaanse Camorrista weer als nieuw was, en de verwondingen van mijn andere twee Italiaanse vrienden ook geen naam mochten hebben, voelde ik mij schuldig dat ik die avond niet bij hen was, om hen bij te staan in het gevecht. Dat was natuurlijk een paradox, want als ik daar was geweest, hadden wij nu allemaal gevangen gezeten. Maar toch...
Vanny had een cateringbedrijf opgebeld om een feestmaal te laten verzorgen. Ze had mij ’s morgens gevraagd om Directeur Tim Haines van de SOCA en Assistant Collector Richard Blackburn van HMRC, en zijn partner, ook uit te nodigen.
De twee topfunctionarissen hadden de uitnodiging onmiddellijk aangenomen. Het frappante was dat zij er alle twee op hadden aangedrongen om Deputy Assistant Commissioner, Ronald Clarke, van de Special Branch ook uit te nodigen. De reden hiervoor was dat zij mij verzekerden dat de Commissioner, ondanks mijn bedenkingen, een zeer eerlijke en integere man was.
Ik had even getwijfeld, want als het aan hem had gelegen, dan hadden mijn vrienden nu in de gevangenis gezeten. Aan de andere kant had de Commissioner mij ook enorm geholpen en zonder die hulp was het hele verhaal minder succesvol verlopen. ‘Ach fuck,’ dacht ik, ‘You can’t win them fucking all’. Dus ik besloot de Commissioner ook uit te nodigen.
De Commissioner, die haast beschaamd keek bij zijn binnenkomst met de twee andere autoriteiten, werd snel door Vanny op zijn gemak gesteld. Het was een vreemde combinatie voor een diner. Aan de ene kant mijn Italiaanse vrienden en ik, het excrement van de maatschappij, aan de andere kant de crème de la crème, van het orde handhavende gezag..., met Vanny daar ergens tussenin.
Aan het eind van de avond zat, Ronald Clarke van Special Branch met Stefano te praten en te drinken, waarbij de beide mannen elkaar geregeld op de schouder sloegen. Renato en Director Tim Haines, van de SOCA hadden dezelfde humor, dus zaten elkaar ook niet in de weg met hun voortdurende gelach. Flavio had de Assistant Collector Richard Blackburn van HMRC onder zijn hoede genomen en voor een moment dacht ik dat de partner van de laatste, jaloers zou worden op de aandacht, die de jonge Santista van de Camorra genoot. Vanny echter was goed met vrouwen, uiteindelijk was zij er zelf bijna een, dus de twee meisjes bleven drank en delicatessen aandragen. Het was één van de meest zeldzame bijeenkomsten, waar ik ooit deel aan had genomen…, maar dan..., ik nam helemaal geen deel, want samen met Rino zat ik het tafereel te bekijken.
Rino had verdriet, net als ik. Wij begrepen elkaar zo goed, dat praten overbodig was. ‘Franco,’ was wat wij beiden dachten. Ik miste mijn vriend en Rino miste zijn Capo. De afgelopen dagen waren goed geweest voor Stefano, want die had nu even de afleiding gehad, die hij zo behoefde. Hij zou in Italië weer snel met zijn neus op de feiten gedrukt worden. De Roemenen, die nu zijn hele familie naar het leven stonden.!
Terwijl iedereen zich amuseerde, liep ik samen met Rino naar buiten. In de tuin keken wij omhoog naar de sterrenhemel en wij sloegen de armen om elkaar heen. Wij hieven onze glazen naar de hemel, en zeiden één voor één: “Franco, un giorno saremo riuniti. (Franco, op een dag zullen wij weer verenigd zijn)”
De volgende dag vertrokken mijn vrienden weer naar Italië en weer stonden de Assistant Collector, Vanny en ik op de kade in Dover. De AC had erop gestaan om mijn vrienden persoonlijk uitgeleide te doen, want er ging een flinke partij wapens mee terug naar Italië en de röntgen scanners werkten vierentwintig uur per dag.
Nadat wij afscheid van onze vrienden hadden genomen, zag ik de A6 met tranen in mijn ogen vertrekken. Vanny huilde geluidloos en de AC stond steeds met zijn ogen te knipperen. Ik sloeg mijn arm om Vanny en trok haar tegen mij aan.
“Jan,” zei de AC, nadat de SeaCat met mijn vrienden aan boord, de havenpoort had verlaten, “Dit is één van de meest dankbare ervaringen uit mijn leven geweest, ik had dit voor geen geld van de wereld willen missen. Miss Fraser, wees zuinig op mijn vriend, er zijn er niet zoveel als hij. Jan, geef het een kans, de vrouw houdt van je.”
Ik schudde de AC’s hand en Vanny omhelsde hem weer. Toen waren wij weer alleen, op weg naar Vanny’s huis.
Vanny’s huis. Het voelde vreemd leeg en het voelde haast alsof Vanny en ik incompleet waren. Ik zei tegen Vanny: “Wie weet wat de AC bedoelde met: ‘Jan, geef het een kans, de vrouw houdt van je’”
“Ik had een beetje met zijn partner gesproken op het feestje. Mogelijk heb ik iets teveel gezegd.”
“Denk je dat ik weg van je ga dan?”
Vanny antwoordde niet, maar kuste mij op mijn mond.
“Jan,” zei ze ’s avonds in bed tegen mij, “Wanneer je bedenkingen hebt over het feit dat ik je ten huwelijk vroeg, dan begrijp ik het en accepteer het. Begrijp mij goed, er is niets dat ik liever zou willen dan je voorgoed bij mij te houden, maar ik heb het begrepen. Het is jouw leven niet. Jij moet uitdagingen hebben, je moet met je vrienden kunnen zijn. Je zou nimmer kunnen ‘settlen’. Ik heb het recht niet om dat te vragen, ik weet dat je van mij houdt. Een vrouw voelt dat, maar ik wil je niet vastleggen. Er komt nog een moeilijke tijd voor jou en je vrienden, om Franco’s dood te wreken.
Je zult daar al je kracht en concentratie voor nodig hebben. Ik wil niet dat je er een zorg bij krijgt, doordat je zou voelen dat je de verantwoordelijkheid voor mij erbij hebt gekregen.
Ik wil dat je alles afmaakt dat je nog moet doen. Dan wanneer je mij nog wilt, zal ik er voor je zijn. Al duurt het tien jaar. Ik heb het slechtste en beste aan mannen gehad. Ik wil er niets tussenin.”
Ze begon te huilen, en snikte: “Houd mij vast, gangsta. Houd mij vast en doe mij in je hart en je hoofd. Laat mij altijd bij je zijn, als is het maar in je gevoel, en je gedachten. Je bent het mooiste wat mij ooit overkomen is.”
Ik pakte Vanny en trok haar teder tegen mij aan. Zij huilde hartverscheurend nu, maar ik kon nog niet huilen. De stress had mij nog steeds in haar greep. Ik streelde haar zachtjes en kuste haar nek en haar hals. Ik voelde hoe Vanny haar heupen begonnen te bewegen en herkende de signalen, maar ze waren anders. De bewegingen waren vloeiend, niet gedreven. Het was alsof wij deinden op een heel lange golf. Ik voelde hoe ik naar haar verlangde, maar de fysieke opwinding werd overgenomen door een geestelijke vereniging, die niet in het minst belemmerd werd door ondergoed. Mogelijk droeg het nog bij aan het spirituele genot. Genot, maar welk genot? Dit was liefde, zoals ik het nimmer ervaren had; dit beschrijven als genot was vulgair, banaal.
Alle neurotransmitters bereikten de synapsen, zowel bij Vanny, als bij mij, op precies hetzelfde moment en neuronenexplosie veroorzaakte een ‘brainfuck’, om het maar even op zijn Duits te zeggen. Als dit liefde was, dan bewezen de twee spontane orgasmen, dat het volmaakte liefde was. Meer kon niet, beter was onmogelijk en minder was het altijd geweest. De ironie was dat de volmaakte liefde nu het einde aankondigde, en wij wisten het beiden.
Een lange tijd keken wij elkaar aan, terwijl vier ogen zich vulden met tranen, wisten wij dat ieder woord nu teveel zou zijn. De ontspanning was zo volkomen en absoluut, dat wij minuten later in slaap vielen.
’s Nachts werd ik wakker, doordat droomde dat ik overweldigd werd. Eerst dacht ik dat ik uit de stress aan het komen was, maar ik voelde mij sereen, maar ik voelde nog veel meer. Vanny lag op mij en was er in geslaagd om mij in zich op te nemen. Met gesloten ogen bewoog zij zich langzaam op en neer in cirkelvormige bewegingen. Het voelde weer alsof ik deinde op die lange, rollende golf van genot. Dit was genot, want Vanny was als de zee; ze had mij geabsorbeerd en wilde mij niet meer prijsgeven. De opwaartse druk van de golven was teder, maar wreed dwingend; daarna werd ik weer langzaam verzwolgen door een zee, die ik zo goed had leren kennen de laatste weken, maar waarin ik mij nimmer had willen verdrinken. Nu had ik die moed niet meer, want ik wilde verdrinken. Ik reed de warme, vochtige golven van genot dat Vanny heette. Het was nu geen tijd voor trucs of technieken, ik volgde de koers, die de zee mij aangaf.
Toen ik voelde dat het getij zou gaan verlopen, en dat eb in vloed zou gaan veranderen, verzette ik de bakens, ik omarmde de zee en ik dwong deze om mij nu voorgoed in haar te laten verdrinken. Op het punt waar eb en vloed elkaar ontmoeten, ontstond nu een orkaan door de opstijging van hete adem. In de vortex ontmoeten Vanny en ik elkaar, en ik dwong haar met mij te verdrinken. Wij pakten elkaars handen en dreven het gedeelde rijk van Neptunus en Poseidon in. Wij waren samen in elkaar gestorven, maar Vanny was als vrouw herboren. Vanny the Trophy Fanny.
Wat kan ik hier nog schrijven? Weer was het liefde die mij gebood om van elkaar te scheiden. Alle overwinningen zonken in het niet op het moment dat ik Vanny in mijn achteruitkijk spiegel op de oprijlaan zag staan, toen ik wegreed. Zij had haar handen om haar keel, en ik voelde dat wij stikten. De liefde had ons vermoord.
Twee maanden later werd ik opgeschrikt door de deurbel. Er stonden twee mannen voor mijn deur. Eerst dacht ik dat de ‘fucking fuzz’ was gearriveerd, want het leken precies twee rechercheurs.
“Herken je ons nog, Jan? Je zei ons later nog eens langs te komen.”
Ik moest een momentje denken en toen zag ik dat het de twee Hollandse lijfwachten -de ex-smerissen- van Vanny waren.
“Ik heb zoveel fucking Engelsen gezien, dat ik een Hollander al niet meer herken,” zei ik lachend, “Kom binnen. Koffie, thee, een borrel, of wat anders?”
“Koffie is goed, Jan.”
Ik maakte koffie voor ons en we gingen aan tafel zitten, nadat ik even wat uit mijn kantoor had gepakt.
“Kijk eens, twee koffie. Gebak heb ik niet, dus neem maar een koekje bij de koffie,” zei ik, en gaf de twee lijfwachten ieder tienduizend euro, “Dat had ik jullie nog beloofd. Ik heb wat aan je bazin verdiend uiteindelijk.”
“Je bent een man van je woord, Jan, en wat wij van Vanny hebben gehoord ben je nog veel meer dan dat,” zei de ene lijfwacht dankbaar, “Ik heet Peter Burger en mijn collega heet Jaap de Groenteman.”
Jaap zei: “Bedankt Jan, dat is werkelijk heel erg vriendelijk. Vanny laat niets los, maar ze heeft het zowat de hele dag over jou en je vrienden. Wij zij niet nieuwsgierig, maar ik zou graag willen weten, zouden wij dat karwei hebben kunnen klaren, of zeg je: ‘Niet in duizend jaar?’”
Ik lachte, en antwoordde: “Ik weet niet hoe goed jullie zijn, maar wat ik wel weet, is, dat zonder mijn vrienden had ik het niet in duizend jaar op kunnen lossen. Ik was na een dag al dood geweest.”
“That bad, eh?” vroeg een van de lijfwachten, onder de indruk.
“It was that,” bevestigde ik.
“Jan, wij kunnen ons nergens mee bemoeien, maar houd je van Vanny?”
“Ja, erg veel zelfs.”
“Waarom ga je niet naar haar terug? Ze mist je. Ze is wel een vrolijker mens geworden, maar af en toe zien wij dat ze zit te huilen. Het kan toch niet zo erg zijn, dat jullie er niet uit kunnen komen?”
“Het is erger dan dat, Peter. Ik ben veel te oud voor Vanny. Ze verdient een mooie, goede man van haar eigen leeftijd. Wat moet ze met zo’n oude afgeleefde pestmongool als ik?” vroeg ik, en voelde hoe de tranen in mijn ogen prikten.
Ik vervolgde: “Willen jullie mij een klein plezier doen?”
“Wat dan ook,” klonk het tegelijkertijd uit twee monden.
“Wanneer ik kook, willen jullie dan blijven eten? Ik heb behoefte om een beetje te kunnen praten.”
Onder het eten vertelde ik in grote lijnen wat er zo’n beetje had plaatsgevonden, zonder in naam en locatie details te gaan. De twee lijfwachten hingen aan mijn lippen. Het werd een gezellige avond, want ik had behoefte aan gezelschap. We praatten over allerlei dingen en wisselden ervaringen uit. We praatten en praatten, maar uiteindelijk kwam het gesprek toch steeds weer terug op Vanny.
Vanny the Trophy Fanny. God fucking bless her!
Wordt vervolgd, want met Vanny kan het nimmer over zijn...
If you want anything said, ask a man.
If you want anything done, ask a woman.
[Margareth Thatcher]
|